Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Eén-tweetje tussen Carter en Boulez leidt tot interessant dubbelportret

Home

KEES ARNTZEN

AMSTERDAM - Het gesprek ging over notatie-problemen, maar het door cineast Frank Scheffer gefilmde onderonsje tussen de componisten Eliott Carter (90 jaar) en Pierre Boulez (70) werkte onverwacht komisch tijdens een film-intermezzo in een concert in Pardiso. Beurtelings inzoomend van de een naar de ander gaf de humor van de een en de spiritualiteit van de ander de beste kijk op deze avant-garde componisten.

Om Carter en Boulez draaide het in het laatste concert in de serie 'Monitor'. Met Ed Spanjaard op de bok speelde het Nieuw Ensemble dinsdagavond in het goedbezochte Paradiso drie werken van de Amerikaan Carter en twee van de Fransman Boulez. Het was de uitgesproken opzet van deze driedelige serie, dat het concertpubliek ook visuele prikkels kreeg toegediend bij de consumptie van nieuwe muziek.

Bij het eerste concert van de serie rond jonge Japanse componisten mislukte deze opzet nog grotendeels bij gebrek aan kwalitatief hoogstaand materiaal. Rond de nestors van de Amerikaanse en de Franse nieuwe muziek kon het Ensemble gelukkig een beroep doen op materiaal uit de talrijke gedegen muziekdocumentaires, die Scheffer inmiddels op zijn naam heeft staan.

Met aandacht filmde deze cineast de bijna negentigjarige Carter bij zijn uitleg over de totstandkoming van 'Esprit rude, esprit doux', een compositie die hij in 1995 schreef ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van Pierre Boulez. Maar ondanks de exegese, ontpopte het stuk zich als een gelegenheidswerkje, waarin zelfs een verminkt 'soggetto cavato' (een oud grapje - de naam 'Boulez' in noten vertaald) niet ontbrak.

Hoe anders werkte de wereldpremière van 'Luimen', een speciaal voor het Nieuw Ensemble geschreven recente compositie van Carter. Die vormde het sluitstuk van deze avond. In de beheersing van kleuren en idiomatische schrijfwijze toonde Carter zich hier de gelouterde meester: de op het oog vreemde combinatie van trompet, trombone en marimba met de tokkelklanken van gitaar, harp en mandoline buitte de Amerikaan doeltreffend uit, nu eens met 'jazzy' riedeltjes van de marimba en citaat-achtige, quasi-herkenbare melodietjes van trompet en trombone, dan weer met voor het instrument goed geschreven, spannende en bochtige parcoursen voor gitaar en mandoline. Kortom, een compositie, waarmee het Nieuw Ensemble (dat zelf de Nederlandse titel 'Luimen' mocht bedenken) voor de dag kan komen en waar het nog veel plezier aan zal beleven.

De Russische sopraan Natalia Zagorinskaja maakte haar Nederlandse debuut in vocale werken van Boulez en Carter. Door de helderheid en het krachtig volume van haar stem, wist zij in beide composities de ongedeelde aandacht naar zich toe te trekken. Het uit 1957 daterende 'Improvisations sur Mallarmé I en II' van Pierre Boulez bleek eens te meer de tand des tijds uitmuntend doorstaan te hebben. Onzinnig waren de gedachten van Boulez over structuur en taal die hij destijds ontwikkelde, geenszins. Met een routine die in de jaren vijftig ondenkbaar zou zijn geweest, voerden de zangeres en musici de spanning in dit moeilijke, maar dankbare stuk tot uitersten op.

Wat bleekjes staken de overige werken van de avond, voor de pauze hierbij af: 'Dérive' van Boulez uit 1975, uit 'afvalresten' vervaardigd, steeg compositorisch niet tot grote hoogte. Met de melodieuze, maar wat vlakke liederencyclus 'a Mirror on Which to Dwell' van Carter bewees Natalia Zagorinskaja andermaal een interessante vocale persoonlijkheid te zijn.

Deel dit artikel