Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Een kleine glazen doos in zee leek me de perfecte plek om bij te komen van een vakantie met peuters

Home

Marjolijn van Heemstra

Marjolijn van Heemstra. © Jörgen Caris
Column

Of ik van eb tot vloed in een glazen kubus in zee wilde zitten, vroeg kunstenaar Lotte van den Berg. Eten en drinken mee en een ton met zaagsel om in te plassen. Zelfs zonder die ton had ik ja gezegd.

Een kleine glazen doos in zee, gebouwd om de relatie tussen mens en natuur te bevragen, leek me de perfecte plek om bij te komen van een vakantie met peuters en regen en weinig slaap.

Lees verder na de advertentie

Om acht uur ’s ochtends trek ik bij eb op een smalle dijk een waadpak aan, laat mijn spullen achter en loop over de modderige zeebodem naar Lotte’s kubus op vijfhonderd meter van de kust.

Ik voel me een beetje belachelijk in deze glazen kooi

Het is een vreemd landschap. Tijdelijk. Voor het eerst hoor ik het tij in dat woord.

Eenmaal in de kubus is er niets te doen dan kijken en hoe langer ik kijk hoe meer ik zie. Dingen die ik dood gewend ben - schelpen, stenen, korrels zand - lijken levend hier. Sommige landschappen zijn zo eentonig dat je er langzaam doorheen moet reizen om de schoonheid te zien, schreef Thesiger, op een kameel de woestijn doorkruisend. Hoe sneller je gaat hoe saaier het wordt.

Ontdekkingsreiziger

De windstilte in de kubus maakt de ruimte roerloos. Er komt een krab voorbij, kleine pokdalige bodybuilder, met zijn brede schouders en driehoekig lijf. In het plasje water zwemmen bijna doorzichtige visjes, kleiner dan een vingertop. Geen idee hoeveel tijd er verstrijkt. De zon stijgt, ik dommel weg en dan ineens is daar de vloed. Er moeten uren zijn verstreken sinds ik hier binnenkwam.

Aan de andere kant van het glas bouwt zich een muur van water op, geelgroen en troebel. Er zwemt een paarse kwal voorbij of misschien is het iets anders, het zicht is slecht.

Ik denk aan Barton en Beebe, ontdekkingsreizigers die in de jaren dertig in een kleine stalen bol naar het diepste punt van de aarde zakten om het leven daar in kaart te brengen. Maar het duister bleek op die diepte ondoordringbaar. Wat Barton en Beebe na die levensgevaarlijke afdaling konden melden, was dat de diepte zich niet laat kennen. Waardeloos, oordeelde de wetenschap. Maar in deze kubus, omringd door zompig water, lijkt het me een zeer zinnige conclusie.

Het wordt koud in de kubus en ik zit en kijk hoe het water verder stijgt, het land weer bodem wordt en ik voel me een beetje belachelijk in deze glazen kooi, belachelijk en vrij en van voorbijgaande aard.

Schrijfster en theatermaakster Marjolijn van Heemstra denkt na over geld en wat van waarde is. Lees hier eerdere columns terug.

Deel dit artikel

Ik voel me een beetje belachelijk in deze glazen kooi