Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Een flinke brand zou helpen, bij de giftige afvalberg van Sint-Maarten

Home

Hans Marijnissen

De afvalberg laat vrijwel dagelijks een hinderlijke rookwolk over het eiland waaien. © Guus Dubbelman

Medewerkers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu meten deze weken wat de enorme stortplaats op Sint-Maarten voor giftige stoffen ophoest. En wat dat betekent voor omwonenden.

Waar ruikt dit naar? Even de ogen dicht voor een analyse. Onmiskenbaar olie en benzine, zoals die op de betonnen vloer van een garage achterblijft, en dat jarenlang. Een biobak die te lang buiten heeft gestaan, maar dan tien keer versterkt. Maar er is ook iets weeïgs, iets zoets. Het raakt aan suikerspin op de kermis, of beter nog: popcorn. De 43 meter hoge vuilnisbelt van Sint-Maarten lijkt van popcorn, en dat onder een zon die het opwarmt tot 45 graden.

Lees verder na de advertentie

Jolanda Roelofs van de milieu-ongevallendienst van het RIVM is niet van het associëren, maar van het meten. Met een veldploeg is ze hier in de hitte neergestreken om te onderzoeken of de stoffen die de berg uitstoot een risico kunnen zijn voor de mensen in de omgeving. “Op vier locaties zijn op strategische plekken rond de belt zogeheten leckels geplaatst”, zegt Roelofs. Dat zijn luchtbemonsteringstoestellen die automatisch stof aanzuigen waarna deze door filter wordt gehaald. “Die wordt elke dag ververst en als monster zorgvuldig opgeslagen.”

Justitie zoekt inmiddels uit hoe het zover heeft kunnen komen met
het rokende monster

De afvalstort ligt prominent in de Salt Pond, het zoutmeer waaraan Sint-Maarten zijn bestaan te danken heeft. De Nederlanders gebruikten het zout in de zeventiende eeuw om etenswaren voor de scheepsbemanningen in te bewaren. Het historische meer zou daarom iets moeten zijn om te koesteren, maar in de jaren zeventig van de vorige eeuw werd het in gebruik genomen als afvaldump. Wie zijn cruiseschip aan de kade verlaat en een wandelingetje door Philipsburg maakt, ziet als eerste het rokende monster liggen. Justitie onderzoekt inmiddels hoe het zo ver heeft kunnen komen.

Chemische verbindingen

Misschien kan een nieuw te bouwen verbrandingscentrale de belt verwerken, is de gedachte. De Wereldbank heeft daarom eerst laten onderzoeken welke stoffen direct uit de belt vrijkomen en of deze gevaarlijk zijn voor het personeel. Dat blijken allerlei chemische verbindingen te zijn, maar ook zeer kleine kankerverwekkende stofdeeltjes als die van asbest en plastics. Roelofs richt zich op de gevaren voor de omwonenden.

Staand: Ariën Stolk aan de oever van de Salt Pond bij de installatie van een ‘leckel’. Op de achtergrond de enorme afvaldump. meetopstelling © RIVM

Haar apparaten staan net buiten het terrein van de belt, op daken en bij de brandweer. Die locaties komen heel nauw, zegt Ariën Stolk, de teamleider van de veldploeg. “De passaat waait hier altijd uit het oosten, maar benedenwinds van de vuilstort ligt ook een heuvel. De wind splijt zich hier in tweeën en verontreinigingen in de lucht kunnen zich hierdoor langs beide zijden van de berg verspreiden. De meetlocaties van de leckels zijn zo gekozen dat we hier goed zicht op kunnen houden.”

Hoewel de belt zo’n dertig keer per jaar in brand staat, is de berg juist deze weken rustig. Stolk mag het natuurlijk niet zeggen, maar een flinke brand zou voor de meting goed uitkomen. Er wordt vaak wat geheimzinnig gedaan over het ontstaan van die branden, als zouden er allerlei chemisch stoffen gevaarlijke verbindingen met elkaar aangaan. Maar niets is minder waar. “Door de rotting van organisch afval als etensresten ontstaat er doodgewoon methaangas, wat brandbaar is. Wat niet wil zeggen dat een brand onschuldig is.” Hij kan juist extreem verontreinigd zijn omdat ook ander (chemisch) afval mee gaat branden.

Pak's

De belt op Sint-Maarten is weliswaar extreem groot en hoog, maar wijkt qua inhoud niet veel af van de afvalberg van, zeg: Hengelo. Daarom kunnen Roelofs’ medewerkers gericht zoeken naar bijvoorbeeld kankerverwekkende pak’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) die ontstaan bij de onvolledige verbranding van koolstofhoudende materialen als hout en fossiele brandstoffen. “Maar ook zoeken we naar zware metalen als cadmium, arseen, lood en zink, en de vos, de schadelijke vluchtige organische stoffen uit brandstoffen en oplosmiddelen. En dan nog zijn er de dioxines die ontstaan als chloor verbrandt en pvc’s.”

Elk type stof wordt gevangen door een eigen instrument, zegt Stolk. “De zware metalen zien we terug in de filters, de vos belandt in een zogenaamde canister, een vacuüm metalen bol die zich langzaam volzuigt. En dan hebben we nog de veegmonsters. We gaan met een doekje langs vlakke locaties als kozijnen, zodat we ook historische monsters hebben. Eén ding is zeker: we zullen veel zeezout vangen.”

Eind van deze week gaat de ploeg terug naar Nederland, met zestig monsters in de bagage. En dan mag de toxicoloog aan de gang. Die bepaalt aan de hand van de concentratie aangetroffen stoffen, de frequentie van de uitstoot, en de grootte van de stofdeeltjes wat het risico van de afvalberg van Sint-Maarten werkelijk is. De uitslag volgt in mei.

Lees ook:

OM wil weten wie troep stort op Sint-Maarten

Een 43 meter hoge berg smeulend afval vormt een groeiend probleem op Sint-Maarten. Justitie gaat optreden tegen de illegale vuilstort.

Deel dit artikel

Justitie zoekt inmiddels uit hoe het zover heeft kunnen komen met
het rokende monster