Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Een boek met een poepvlek

home

THOMAS HEERMA VAN VOSS

Korte verhalen verkopen moeilijk. De jarenlange discussie daarover is makkelijk te doorbreken: met een prijs voor korteverhalenbundels.

Thomas Heerma van Voss

(1990) is schrijver van twee romans, 'De Allestafel' (2009) en 'Stern' (2013). Dit jaar verscheen zijn verhalenbundel 'De derde persoon'.

Een kennis van mij gaat binnenkort debuteren bij een prominente Nederlandse uitgeverij. Hij heeft de afgelopen jaren vrijwel onophoudelijk fictie geschreven. Voornamelijk verhalen, enkele opzetjes voor romans. Via via kwam hij afgelopen zomer in contact met een redacteur, die meteen serieuze belangstelling voor zijn werk toonde. En zoals dat nu eenmaal gaat: weinig is voor een uitgever zo bedreigend en dus ook interessant als potentiële versterking van een concurrent. En voor mijn kennis doorhad wat er gebeurde, wilden talloze redacteuren met hem lunchen en werd er gesproken over voorschotten.

Er was alleen één probleem: mijn kennis wilde debuteren met een verhalenbundel. En daar hadden de meeste uitgeverijen geen zin in.

Het verkoopt niet, zeiden ze. Een verhalenbundel is niet meer van deze tijd. Een verhalenbundel kan alleen werken bij auteurs die al een boek gepubliceerd hebben. Eén redacteur schijnt gezegd te hebben: "Dit zijn heel goeie verhalen. Ik zie jou wel een roman schrijven."

Nu gaat het me niet om de commerciële afweging die aan dit citaat ten grondslag ligt. Jammerklachten over de huidige boekenwereld zijn er al genoeg - sterker nog, sinds ik in 2009 debuteerde heb ik nauwelijks een ander geluid gehoord dan dat van ontlezing, digitalisering en teruglopende verkoopcijfers - en bovendien is een uitgeverij, hoe idealistisch van aard wellicht ook, uiteindelijk ook gewoon een bedrijf: daar horen nu eenmaal financiële afwegingen bij. Verhalenbundels verkopen aanwijsbaar minder goed dan romans, daar mogen redacteuren best rekening mee houden - het zou zelfs onverantwoord zijn als ze daar helemaal niet aan dachten.

Nee, het opmerkelijke aan bovenstaand citaat is niet het duidelijke onderscheid dat er tussen een verhalenbundel en een roman wordt gemaakt.

Het opmerkelijke is dat menigeen meer en meer lijkt te vergeten waartoe een goede verhalenbundel in staat is. Hoezeer die kan verrassen, een oeuvre kan vormen en sturen, juist als iemand nog niet eerder een boek heeft uitgebracht.

Die discrepantie tussen romans en verhalenbundels schijnt in Nederland bovenmatig groot te zijn. Al decennialang wordt hier af en toe over geklaagd, het is een van de geijkte discussieonderwerpen die vroeg of laat altijd weer opduiken. Hoe komt dat toch, waarom verkopen bundels hier zoveel minder goed dan romans? Waarom zeggen redacteuren zodra ze een overtuigende bundel lezen: 'Ik zie je wel een roman schrijven'? En niet: 'Dit moeten we zo snel mogelijk uitgeven'?

Het klassieke tegenvoorbeeld van de Nederlandse gang van zaken is Amerika, waar het korte verhaal - net als het essay, trouwens - als een teken van ultiem vakmanschap wordt gezien. Er zijn zelfs hele academische vakken ingericht rondom het korte verhaal, gedoceerd door gerenommeerde auteurs. In Nederland zie ik zoiets niet gebeuren. Ik studeerde de afgelopen jaren Nederlandse taal & cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. Daar werd geen enkele aandacht besteed aan het schrijven of zelfs maar lezen van korte verhalen. Als het over fictie ging, had je het automatisch over romans, een enkele keer over poëzie. Niemand besteedde aandacht aan verhalenbundels.

Wat hebben de Amerikaanse auteurs Philip Roth, Ernest Hemingway en Charles Bukowski gemeen? Juist, ze debuteerden met een verhalenbundel. Evenals James Joyce, Franz Kafka, Ian McEwan - het is een rits namen die nog regels lang kan doorgaan.

Zijn het hun meesterwerken, deze eerstelingen? Nee, maar daar gaat het ook niet om. Het gaat erom dat verhalenbundels een ideale manier zijn om als beginnend auteur meerdere stemmen en scènes te verkennen, die niet direct binnen één overkoepelend verhaal verbonden hoeven te zijn. Om te leren hoe belangrijk het is niet alles in te vullen, maar delen van een verhaal open te laten voor suggestie. Om te beseffen hoe krachtig losse onderdelen samen één wereldbeeld kunnen uitdragen (zoals gebeurt in Hermans' onovertroffen 'Paranoia' uit 1953).

Korte verhalen heten vaak vingeroefeningen, maar dat klinkt veel te inleidend. Alsof ze per definitie een voorbereiding zijn op langer werk. Maar ze bieden iets wezenlijk anders: door de beperkte lengte vraagt een verhaal een geheel andere benadering van de personages, er moet nog veel meer onuitgesproken blijven - veel van mijn favoriete korte verhalen beslaan niet meer dan één scène, één ontmoeting, één confrontatie.

Natuurlijk, er zijn tal van Nederlandse auteurs die ook bundels hebben uitgegeven: Oek de Jong, P.F. Thomése en A.F.Th. van der Heijden begonnen er hun loopbaan mee. Toch is de positie van het korte verhaal in Nederland een stuk benarder dan elders. De Amerikaanse Raymond Carver geldt als een van de beste Amerikaanse auteurs ooit, terwijl hij alleen korte verhalen schreef. Is er één Nederlands equivalent te bedenken? Hebben korte verhalen hier ooit zoveel erkenning opgeleverd? Nescio komt nog het meest in de buurt, al zijn zijn bekendste werken eigenlijk novelles. Een ander illustratief voorbeeld voor het verschil: de Canadese Alice Munro, die alleen maar korteverhalenbundels schreef, won afgelopen jaar de Nobelprijs voor de literatuur, terwijl in Nederland verhalenbundels sinds 2010 categorisch zijn uitgesloten voor de Libris Literatuurprijs. In dat jaar won de Vlaamse Bernard Dewulf die prijs namelijk met zijn verhalenbundel 'Kleine dagen'. Die titel verkocht vervolgens nauwelijks, waardoor sommige boekhandelaren klaagden en Libris angstig was de (commerciële) impact van zijn eigen prijs kwijt te raken - zeker omdat het winnende boek van twee jaar daarvoor, D. Hooijers verhalenbundel 'Sleur is een roofdier', financieel ook weinig had opgeleverd.

"Een korteverhalenbundel is toch een beetje als een boek met een poepvlek: niemand wil dat echt oppakken", zei schrijver Philip Huff vorig jaar in 'De Wereld Draait Door'. Niet lang daarvoor had hij, nadat eerder twee romans van zijn hand verschenen, een korteverhalenbundel uitgebracht. Die verkocht - zoals verwacht - minder goed dan zijn twee eerdere titels deden, tijdschriften besteedden er minder aandacht aan, er waren minder recensies dan bij zijn romans.

In hetzelfde item kwam ook auteur Thomas Verbogt aan het woord. "Wij denken gauw: literatuur moet meteen een roman zijn", zei hij. "Een soort bouwwerk. Daarom heeft het korte verhaal het zo moeilijk in Nederland."

Maar het heeft natuurlijk niet alleen te maken met 'onze' verwachting van literatuur: die verwachting wordt ook gecreëerd, mede door het aanbod en de geringe aandacht die bundels doorgaans krijgen - het is een permanente, ondoorzichtige wisselwerking tussen publiek, uitgevers en media.

Weinig werkt nu eenmaal zo succesbevorderend als succes zelf: er zijn televisieprogramma's waarin het uitsluitend over bestsellers gaat, een deel van het boekenpubliek koopt alleen titels waarvan ze weten dat die populair zijn: als zoveel anderen iets willen zal het wel interessant zijn. Zoals sommige auteurs pas interessant worden voor een redacteur zodra een concurrerende uitgeverij ermee in gesprek is, zo worden sommige boeken vooral opgepikt omdat men ze elders al voorbij heeft horen komen.

Korteverhalenbundels vallen buiten dat patroon. Ik ken auteurs die daarom noodgedwongen een epiloog en proloog aan hun verhalenbundel toevoegden en het geheel plots als roman naar buiten brachten. Een roman in verhaalvorm, zag ik onlangs op een omslag staan: zelden werd de poging om het minieme deelgebied van het korte verhaal mee te laten liften met het meer populaire romangenre krampachtiger in beeld gebracht.

Het bevestigde de gedachte die steeds vaker opduikt: dat goede verhalen per se de opmaat vormen voor een roman. En dat is wat mij zo stoort. Hoe hadden McEwan en Joyce gereageerd als hun was verteld, nadat ze hun debuut hadden ingeleverd bij hun redacteur: 'Dit zijn heel goeie verhalen. Ik zie je wel een roman schrijven'?

Misschien hadden ze van schrik tijdenlang niets geschreven. Weinig is immers zo kwetsbaar als een beginnende schrijversloopbaan. Als ik niet het geluk had gehad dat mijn eerste boek prompt werd uitgegeven, als een uitgeefster had gezegd dat ik me op iets heel anders moest richten, dan had ik vermoedelijk jarenlang geen letter meer op papier gekregen.

Hoe zit het met de mensen die dat geluk niet hebben? Met de onzekere studenten die willen debuteren met een bundel en te horen krijgen dat die goed is maar dat ze eerst een roman moeten schrijven?

Zelf heb ik recentelijk mijn eerste verhalenbundel uitgebracht en het kostte al enige moeite om die gepubliceerd te krijgen. Mijn uitgever zei, toen ik hem voor het eerst over het plan berichtte, dat ik er vooral goed aan zou doen een nieuwe roman te schrijven. Pas toen hij merkte dat mijn tweede boek enkele welwillende recensies kreeg en dat ik al talloze verhalen geschreven had, ging hij overstag - en alsnog alleen op voorwaarde dat ik niet alleen een contract voor deze bundel zou tekenen, maar ook voor een aanstaande roman.

In mijn bundel staat nu nergens 'korte verhalen', ook niet op de voorkant. Dat schijnen uitgeverijen eigenlijk nooit meer te doen: die benaming schrikt het publiek eerder af dan dat het mensen aantrekt. De poepvlek.

Van collega-auteurs krijg ik de laatste weken regelmatig de reactie dat ze het 'dapper' vinden, een verhalenbundel. Soms zeggen ze ook dat het 'stoer' is dat mijn uitgever en ik het 'aandurven'. Alsof ik me in een strijd heb gestort die bij voorbaat eigenlijk al verloren is.

Maar zo wil ik het niet zien, er verschijnen ook nu nog genoeg bundels die tonen wat alleen een korte verhaal kan. Uitgeverij Podium heeft bijvoorbeeld een prachtige reeks vertaalde bundels op de markt gebracht. En ook in Nederland zijn er talloze overtuigende voorbeelden - ook van debutanten: Jan Wolkers begon zijn loopbaan met een verhalenbundel, Dimitri Verhulst, Manon Uphoff, Thijs de Boer, Maartje Wortel - het zijn auteurs die zo bij de studie Nederlandse taal & cultuur behandeld kunnen worden. Die er heel bewust voor hebben gekozen geen roman te schrijven maar een bundel, en die op overtuigende wijze laten zien wat de verhaalvorm voor kan hebben op de romanvorm.

Zoals gezegd, er is de laatste decennia vaker opgemerkt dat het korte verhaal het moeilijk heeft. Om te voorkomen dat dezelfde discussie zich blijft herhalen, is het tijd voor maatregelen. Tijd dat, bijvoorbeeld, de Libris Literatuurprijs onverwijld heropend wordt voor korte verhalen, met bij voorkeur een jurylid dat enige affiniteit met het genre heeft (denk aan Sanneke van Hassel, die een indrukwekkend oeuvre van voornamelijk korte verhalen heeft). Anders is er alle reden om, vergelijkbaar met de Jan Hanlo essayprijs, een prijs in het leven te roepen voor het beste korte verhaal, of de beste korteverhalenbundel - zoals in bijvoorbeeld Turkije al decennialang bestaat. En wat te denken van het idee korte verhalen, net als poëzie en romans, vast op te nemen in het universitaire onderwijs? Of een week van het korte verhaal, zoals sommige boekhandels die nu al jaarlijks organiseren?

Mijn kennis vond uiteindelijk een uitgever die zijn bundel als debuut wilde uitgeven. De vraag is of zoiets over een x aantal jaren nog steeds mogelijk is, of dat er dan alleen nog maar gesproken wordt over romans in verhaalvorm.

Lees verder na de advertentie

W.F. Hermans Paranoia (1953)

Ik ken geen verhalenbundel waarin zo krachtig één sfeer wordt opgeroepen als in 'Paranoia'. De wereld van Hermans is er een van bedrog, wantrouwen, waanzin en een steeds schuivende moraal - en dat komt in deze bundel misschien nog wel beter tot zijn recht dan in zijn romans. Of het nu gaat om een Nederlander die met een groepje partizanen tegen Duitsers strijdt, een man die in Amerika geobsedeerd raakt door de naam 'Lotti Feurschein' of een mensenschuwe Amsterdammer die ten onrechte meent dat hij SS'er is geweest: elk verhaal beklijft, en samen vormen al die vertellingen een onvergetelijk, zwartgallig geheel.

J.M.A. Biesheuvel In de bovenkooi (1972)

Weinigen beheersen de kunst van het korte verhaal zo goed als Biesheuvel. Zijn taal is precies, licht archaïsch wellicht, maar nooit pompeus; zijn toon is openhartig zonder dat die ergens sentimenteel wordt. In de bovenkooi staat vol met ontroerende, kleine vertellingen die soms haast de impact hebben van een hele roman. De personages zijn cynisch, veelal in zichzelf gekeerd en vechtend tegen somberte. Tegelijkertijd is deze bundel juist ook bijzonder humoristisch - en dat is misschien wel de grootste kwaliteit van Biesheuvel. 'In de bovenkooi' deed bij mij wat alleen echt overtuigende boeken kunnen: ze laten me anders naar de werkelijkheid kijken. Vooral op zee zijn Biesheuvels scheepvaartverhalen nooit ver weg.

Maartje Wortel Dit is jouw huis (2009)

Een van de weinige hedendaagse auteurs die debuteerden met een verhalenbundel. En al helemaal een van de weinigen die dat overtuigend deden: 'Dit is jouw huis' is ambitieus, rijk en bijzonder strak geschreven. De bundel kent wellicht wat mindere verhalen, en de dosering is misschien niet perfect, maar dat heeft juist ook een onmiskenbare charme: in zeventien verhalen, verdeeld over slechts 160 bladzijden, schiet Maartje Wortel alle kanten op. Ze wisselt van toon, van personage, van verhaalopbouw - steeds wordt er weer een heel nieuw universum opgeroepen. Wat de verhalen bindt is een precisie van de taal, de kracht van de suggestie. Een proeve van een groot talent.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie