Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Edelman in de muziek

Home

FRANS DIJKSTRA

Romain graaf d'Ansembourg 1946-2014

Hij koesterde zijn vrijheid en boog alleen voor muziek. Zijn voordeur stond veelal op een kier,zodat muziekvrienden naar binnen konden.

Geld, daar sprak hij niet over. Als Romain d'Ansembourg het had, dan was hij er kwistig mee, alsof het een spelletje Monopoly was. Dan scheurde hij met een sportwagen over het circuit van Zandvoort, at met vrienden in hotel De l'Europe ('alleen daar kun je in Amsterdam nog fatsoenlijk eten') en huurde hij een Italiaanse kok in om een banket aan te richten bij concerten in zijn huis aan de Keizersgracht.

Soms was hij berooid, en ook dan kende hij geen geldzorgen. Het komt wel goed, daar vertrouwde hij op. Soms brachten zijn vele muzikale vrienden uitkomst, zoals met een benefietconcert toen zijn lekkende dak moest worden vervangen.

Romain beschouwde zich als een vrij mens, en hij verbaasde zich over de onvrijheid die mensen aanvaarden. Ze durven niet te leven, meende hij, ze durven niet te kiezen voor hun passie.

Zijn keuze was muziek. Zelf raakte hij de toetsen van zijn piano's zelden aan; weinigen hebben hem ooit horen spelen. Want hij had bij muzieklessen al snel door dat hij nooit zou kunnen voldoen aan zijn eigen eisen. Dan was het beter om een heel goede luisteraar te zijn.

Romains liefde voor muziek stamt waarschijnlijk uit zijn jonge jaren, toen hij bij familie verbleef op het Zuid-Limburgse landgoed Amstenrade, in de gemeente Schinnen. Daar op het kasteel speelde een nichtje elke avond Bach en Mozart op de piano. Romain was een jaar of zes. Vader Frans was Nederlands diplomaat in Bangkok, maar Romain was niet bestand tegen de vochtige tropen en werd naar Limburg gestuurd. Toen zijn vader werd overgeplaatst naar Praag voegde hij zich weer bij het gezin. Romain beleefde een heerlijke tijd nadat zijn vader ambassadeur werd bij het Vaticaan. De jaren in Rome, in de statige residentie met eigen zwembad, brachten hem een levenslange liefde voor Italië. De Italiaanse zin voor schoonheid, de pure smaken van het eten, dat zou hij allemaal idealiseren.

Lees verder na de advertentie

Makkelijk en charmant

Een eenzame tijd beleefde hij op het jezuïeteninternaat Katwijk de Breul in Zeist. Daar deed hij gymnasium alpha. Andere leerlingen gingen in het weekeinde naar huis, hij bleef achter. Alleen in de schoolvakanties was hij bij zijn ouders in Rome. Op school deed hij het goed, met een negen voor Grieks op zijn eindexamen, en ook leerde hij er debatteren.

Romain volgde het advies van zijn ouders om rechten te gaan studeren in Utrecht. Wellicht zagen ze voor hem ook een diplomatieke loopbaan in het verschiet, net als voor zijn broer Jan. Maar Romain vond er vanaf het eerste college niets aan. Wel vermaakte hij zich goed met zijn jaarclub, waar hij vrienden voor het leven vond. Romain was makkelijk en charmant in de omgang. Met alle rangen en standen kon hij goed verkeren.

Hij verkaste naar Leiden om sociologie te doen, maar ook dat werd niets. Toen hij er de brui aan gaf, moest hij in militaire dienst. Hij werd bij de inlichtingendienst geplaatst en werd op het 'spionnenschooltje' in Harderwijk ondergedompeld in de Russische taal. Dat zou hem later van pas komen in zijn contacten met Russische musici. Verder deed hij er niets mee.

Fotograferen was een hobby van hem en daar wilde hij zijn beroep van maken. In Londen vond hij de beste opleiding. Maar zijn ouders waren na twee mislukte studies moeilijk te overtuigen. Romain bepleitte zijn zaak met een zelf gemaakte foto van een hazelaar met breed uitstaande takken. "Elke boom moet groeien naar zijn aard, anders kwijnt hij weg", citeerde hij een Frans gezegde. Hij kreeg in 1969 het voordeel van de twijfel.

In Londen stortte hij zich helemaal op de fotografie. Vier jaar had hij nergens anders oog voor. Wekenlang was hij bezig om de perfecte foto van een waterdruppel te maken. Romain had zijn bestemming gevonden, dacht hij.

Terug in Nederland vestigde hij zich in Amsterdam. Met zijn perfectionisme was hij een dure fotograaf, toch wist hij opdrachten te krijgen van KLM Cargo en in de architectuur. Even woonde hij in De Pijp, maar eind jaren zeventig vond hij een ideale fotostudio aan de Keizersgracht 378. In het achterhuis had een drukkerij gezeten, in een open ruimte van driehonderd vierkante meter, zonder ramen maar met matglazen daklichten. Boven had hij een slaapkamertje.

Zijn adres zou geen faam verwerven als fotostudio, het werd een muzikale salon. In Nice had Romain een 19de eeuwse piano van Érard op de kop getikt. Die stond in zijn studio, en hij zocht mensen om erop te spelen. Zo kwam hij in contact met pianisten. Ze werden kind aan huis. Musici die voor een belangrijk concert stonden, konden bij hem een try-out geven. Om te repeteren konden ze van de vroege ochtend tot de late avond bij Romain terecht. Als hij thuis was, stond de voordeur op een kier, zodat muziekvrienden wisten dat ze welkom waren. Pianohandelaren leenden hem graag een vleugel. Toen de pianist Willem Brons een plek zocht voor zijn tiendaagse internationale masterclasses, bood Romain zijn huis aan. Ze zijn er drie keer gehouden.

Onder musici kreeg hij de naam van 'de man bij wie alles kon'. Daar was hij trots op. Hij was een muzikale omnivoor, van Bach tot Rossini, en een aandachtig luisteraar die een grote kennis van muziek en de techniek daarvan ontwikkelde. Hij ontving jong talent, en ook gevestigde namen als Emanuel Ax, Jevgeni Kissin, Klára Würtz, Nelson Freire en Ronald Brautigam. Als hij na afloop van een concert luidkeels 'bravo' riep, dan wisten de musici dat dat geen beleefdheid was. Na afloop zorgde Romain voor kaas en wijn, alleen de beste natuurlijk.

Zijn huisconcerten waren echt privé, ze stonden nooit openbaar aangekondigd. Romain nodigde tientallen mensen persoonlijk uit. In de loop van twintig jaar zijn er zeker 350 concerten geweest, en ontelbare repetities. Alles in dienst van de muziek. Er was geen scheidslijn tussen zijn persoonlijk leven en de muziek.

Ook al was hij een jaar of tien getrouwd geweest, hij bleef altijd apart wonen. Hij wilde zijn vrijheid niet opgeven. Ook toen hij bij het squashen de veel jongere Dominique ontmoette die zijn partner zou worden, behielden ze beiden hun eigen woning. Pas laat in zijn leven begon hij aan kinderen te denken. Hij wilde toch iets doorgeven, en niet alleen zijn naam en familiestukken. Vooral zijn zucht naar schoonheid wilde hij inprenten in een nieuwe generatie. Maar die bleef uit.

Vier jaar geleden besloot hij toe te geven aan zijn hang naar Italië. De muziekwereld nam afscheid van hem met een concert in de Kleine Zaal van het Concertgebouw. In Chianti had hij een kerkje gevonden en twee huisjes, één voor hem en één voor Dominique. Ook daar zouden ze weer concerten gaan geven. En hij zou de fotografie weer opnemen.

Laatste buiging

Het is er niet van gekomen. Hij kreeg last van zijn been en zijn ingewanden. Het bleek trombose te zijn en daar werd hij voor behandeld. Maar zijn ingewanden werden verwaarloosd. Ook al leed hij helse pijn, hij was geen klager. "Mijn darmen zijn ongelukkig", zei hij tegen de artsen die de ernst van zijn toestand onderschatten.

Uiteindelijk bleek hij kanker te hebben. Op 4 oktober verzamelde een tiental vrienden zich om zijn bed in het VU-ziekenhuis. Ze keken op de televisie naar de kapel beneden waar Willem Brons fragmenten van Schubert, Beethoven en Brahms op de piano speelde. Romain zat rechtop in zijn bed en na afloop wist hij nog een buiginkje te maken.

Romain Joseph Rudolphe Marc graaf de Marchant et d'Ansembourg werd geboren op 15 augustus 1946 in Lausanne, Zwitserland. Hij stierf op 5 oktober 2014 in Amsterdam.

Onder musici kreeg hij de naam van 'de man bij wie alles kon'

Romain Joseph Rudolphe Marc graaf de Marchant et d'Ansembourg. Als hij 'bravo' riep, wisten de musici dat dit niet uit beleefdheid was.

Deel dit artikel