Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Doopvont, in de vroegste tijd van het christendom onbekend

Home

JAAP DE BERG

729 Mag je zowel 'het doopvont' als 'de doopvont' gebruiken? En waar komt 'vont' vandaan?

Van Dale noemde het gebruik van het in 1999 nog 'minder juist'. Nu niet meer, en terecht, want het lijkt bij protestanten de voorkeur te hebben. In (oud)katholieke context vind je vaak de, al kiest mijn 'Katholieke Encyclopaedie' voor het.

Vont gaat via diverse Middelnederlandse vormen terug op het Latijnse fons (tweede naamval fontis). Hieraan danken we ook, via het Frans, fontein en fontanel ('kleine bron' in het Oudfrans). Het vroegste christendom moet geen doopvont, ook wel doopbekken en soms nog doopsteen genoemd, hebben gekend.

De bediening van het sacrament dat protestanten doop noemen en katholieken doopsel, hield in dat een dopeling zich helemaal liet onderdompelen en daarvoor werden wel afzonderlijke doopkapellen gebouwd.

Dopen, een oud Germaans woord, is verwant aan diep en laat zich uitleggen als 'in de diepte doen' oftewel 'onderdompelen'. De herkomst van zijn christelijke betekenis is onzeker. Volgens één opvatting danken we haar aan de Gotische bisschop Wulfila (vierde eeuw), die in zijn bijbelvertaling daupjan bezigde voor het Griekse báptein. Vervolgens zou de sacramentele betekenis zich hebben verbreid over het Europese vasteland (maar niet naar Engeland en Scandinavië, waar andere woorden in zwang kwamen). Maar dopen, in christelijke zin, kan ook zonder tussenkomst van het Gotisch ontleend zijn aan het Latijnse baptizare ('onderdompelen'), dat eveneens teruggaat op het Griekse báptein.

Deel dit artikel