Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Defensie heeft een wegkijk-cultuur

Home

Marno de Boer

Militaire voertuigen vervoeren de kisten met daarin de lichamen van de omgekomen twee militairen tijdens een ceremonie op het vliegveld van Gao in Mali. © ANP Handouts

De kritiek na het mortierongeluk in Mali staat niet op zichzelf. De krijgsmacht bestraft fouten niet.

Jeanine Hennis beslist na het Kamerdebat van dinsdag of ze aanblijft als minister van defensie, zei ze vandaag na de ministerraad. Ze belooft alvast extra veiligheidscontroles in missiegebieden en een extern onderzoek naar de achtergrond van het mortierongeval in Mali. De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) sprak in zijn rapport van donderdag over het ‘creëren van een papieren werkelijkheid waarin de zaken op orde leken.’ Er lijkt dan ook iets goed mis met de cultuur bij de top van Defensie.

Lees verder na de advertentie

Het beeld ontstaat van een organisatie die wegkijkt bij problemen en kritiek niet op prijs stelt. In mei 2015 oordeelde de Algemene Rekenkamer dat Defensie te veel missies wil uitvoeren voor het beperkte budget, en dat Hennis ondertussen de organisatie verder belast met een reorganisatie van de afdeling die reservedelen inkoopt. In een vervolgbrief bekritiseerde de Rekenkamer de summiere reactie van de minister. “Het valt ons op dat de minister slechts in beperkte mate ingaat op onze hoofdboodschap en de daarvan afgeleide aanbevelingen.”

Interne kritiek bij Defensie ligt gevoelig als dit tot politiek onwenselijke conclusies leidt

Irritatie

Een jaar later was de Rekenkamer nog harder in zijn kritiek. Het college oordeelde dat niet alle problemen met tekorten aan reservedelen een rechtstreeks en onvermijdelijk gevolg zijn van bezuinigingen op defensie. Het ministerie had zelf gekozen te bezuinigen op de inkoopafdeling in plaats van op gevechtseenheden, en leverde nog steeds maar ‘beperkte inspanningen om de problemen aan te pakken.’ Opnieuw was de rekenkamer in een vervolgbrief geïrriteerd. In haar antwoord legde Hennis namelijk toch weer de schuld bij het gedaalde defensiebudget.

Interne kritiek bij Defensie ligt gevoelig als dit tot politiek onwenselijke conclusies leidt. Volgens de OVV voelden defensiemedewerkers zich niet vrij om een ondeugdelijk VN-ziekenhuis in de Noord-Malinese stad Kidal af te keuren. Want het ministerie wilde militairen naar Kidal sturen, en tegelijkertijd het beeld schetsen dat militairen met goede zorg op pad gaan. Hennis verzekerde de Kamer in december 2014 dat de medische zorg in Kidal op orde was. “Dat volstaat allemaal.” De OVV concludeert dat Defensie vervolgens de omgeving van Kidal tegen beter weten in als ‘relatief veilig’ aanmerkte, waardoor een ziekenhuis met goede traumazorg zogenaamd niet nodig zou zijn.

In de hogere regionen van de krijgsmacht worden mensen ook niet altijd afgerekend op prestaties. Na grote problemen met de ICT haalde Hennis in 2014 vier verantwoordelijke topambtenaren van hun functie. Vervolgens mochten zij wel als adviseur bij het ministerie blijven. Het ministerie van defensie wil niet zeggen of er disciplinaire maatregelen genomen zijn tegen de commandanten van de missie in Mali. Volgens de OVV waren mortiergranaten op de beide Nederlandse kampen ondeugdelijk opgeslagen. In hun opleiding krijgen militairen juist voortdurend ingeprent dat ze boven alles voor hun wapen en munitie moeten zorgen.

Afrekencultuur

De voormalige Britse inlichtingenofficier Frank Ledwidge analyseerde in een boek over de mislukte oorlogen in Irak en Afghanistan dit gebrek aan een prestatiecultuur. Zijn bevindingen doen denken aan de Nederlandse situatie.

Volgens Ledwidge maken Britse generaals, om belangrijk te lijken, politici wijs dat hun eenheid een missie goed aankan en wordt kritisch onafhankelijk denken binnen de hogere echelons van de krijgsmacht ontmoedigd. Falende commandanten worden niet bestraft, omdat iedere missie als succes wordt verkocht. Het Amerikaanse leger beoordeelt wel op prestaties. Dat land levert geen vrijblijvende bijdragen aan internationale missies, maar leidt zelf oorlogen. Vorige maand kon een vlootcommandant na enkele scheepsongelukken vertrekken vanwege ‘gebrek aan vertrouwen in zijn leidinggevende capaciteiten’. James Mattis, de huidige defensieminister, ontsloeg als generaal in Irak een van zijn kolonels omdat diens regiment te langzaam optrok. 

Zo’n afrekencultuur kent Nederland niet. Net als in het Verenigd Koninkrijk mag iedere commandant een missie leiden, onafhankelijk van zijn functioneren. Maar die mildheid voor militairen betekent ook dat als er toch koppen moeten rollen voor fouten die ergens in de organisatie zijn gemaakt, de minister zelf in beeld komt.

Lees ook

Spanningen in het kabinet om de positie van minister Hennis
- Hennis onder vuur om nalatigheid Defensie

Deel dit artikel

Interne kritiek bij Defensie ligt gevoelig als dit tot politiek onwenselijke conclusies leidt