Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De zware mist trekt op

Home

Hester Haarsma

,,Een dominee vertelde eens dat wij huilend in het zwart over straat moesten gaan'', zegt de 14-jarige Aart. ,,Maar wij willen blijmoedig de genade ontvangen.'' Reformatorische jongeren zoeken een eigen weg naar het geloof, tot ongenoegen van hun kerken.

De reformatorische zuil wankelt op zijn grondvesten. De eigen jongeren kennen de zware 'taal der vaderen' nog, maar ze geloven niet meer op dezelfde manier als hun ouders.

Tijdens jongerenavonden, verspreid over het hele land, zingen ze psalmen en vrolijke opwekkingsliedjes en horen ze over het aanbod van Jezus. ,,De relatie met Jezus is als een cadeau dat voor je neus is uitgestald en uitgepakt mag worden. Als je God vraagt, wil hij je aannemen als zijn kind.''

Noor van Haaften, bekend gezicht van de Evangelische Omroep, spreekt tweehonderd jongeren toe in een bomvolle zaal in Driebergen. De avond is teken van een kleine revolutie binnen rechtzinnig protestants Nederland, ofwel de zwartekousenkerken. De bezoekers komen vooral uit de Gereformeerde gemeenten - niet te verwarren met de lichte, 'gewone' gereformeerde kerken - en uit enkele kleinere orthodox-protestantse kerken. Op 25 plaatsen zijn er nu van deze avonden, en ze worden massaal bezocht.

Williene (19), Lydia (16), Aart (14) en Greta (21) wonen in de omgeving van Albasserdam, hartje bible belt. In de pauze vertellen ze dat ze niet 'bekeerd' zijn. Ook al zingen ze van harte opwekkingsliederen, luisteren ze geboeid naar de prediking en bidden ze oprecht.

,,Dat zegt niets over of je echt gelooft'', zegt Williene. Lydia: ,,Ik geloof nu wel, maar het is heel moeilijk om diep te geloven. Eigenlijk geloof ik niet, want als ik dat wel zou doen, zou ik er iets bij moeten voelen.'' Maar wat ze zou moeten voelen, weet ze niet. Aarzelend: ,,Het is bijna niet te begrijpen.''

Anne van der Meiden, kenner van de zwartekousenkerken, zei enkele jaren geleden dat aan de strenge dogmatiek en de nauw omgeschreven leefregels van de bevindelijk-gereformeerde kerken flink wordt getrokken. ,,De aanvallen komen van buitenaf en van binnenuit.''

Jongeren stappen voor hun studie uit hun beschermde wereld. ,,Ze spreken nog wel de woorden van hun vader en moeder, maar innerlijk veranderen ze door techniek en wetenschap'', zegt Van der Meiden. Daarnaast houdt volgens hem het verzet tegen de televisie allang geen stand meer, ook al kijken de gelovigen vooral naar de Evangelische Omroep.

D r komt volgens Van der Meiden ook de 'evangelische inslag' vandaan. Bij de EO wordt het geloof op een eenvoudige manier gebracht, met de nodige blijmoedigheid. ,,Het geloof zoeken in de zwarte mist van de vaderen is voorbij. De jeugd wil zich vrolijker gedragen.''

Op de jongerenavond spreekt Noor van Haaften over David, die zich liet verleiden tot een one-night stand met Batseba. ,,Hij ziet een blote dame die zich op een binnenplaats wast. David pakt zijn mobieltje om zijn lakei te vragen wie zij is.'' Na het avontuurtje krijgt de koning een sms'je van Batseba. ,,Beste koning, ik ben zwanger. Tja, dat had hij niet verwacht.'' De daden van David stelt ze als voorbeeld voor de mens die door zonde steeds meer afglijdt van God zonder dat hij het merkt. ,,Het loon van de zonde is de dood. Een zwaar vers, maar we moeten het wel ter harte nemen.'' De jongeren luisteren ademloos.

Na afloop komen de vragen. Op briefjes welteverstaan: veel tieners durven hun geloofsvragen en twijfels niet openlijk uit te spreken. Kwesties als 'de ballast van onbeleden zonden' komen aan de orde, en vragen als: ,,God verkiest toch? Hoe weet je dat het cadeau voor jou is?''

Binnen de orthodox-gereformeerde gezindte bestaat veel weerstand tegen de jongerenavonden. Van de 25 initiatieven houden enkele zich aan het traditionele gedachtegoed, maar de evangelische varianten zijn de kerken een doorn in het oog. ,,Mensen van de Gereformeerde gemeenten zijn huiverig dat hun jeugd een emotionele keuze voor Christus maakt met weinig inhoud'', zegt Mirjam, die samen met haar vriendin voor het eerst de jongerenavond bezoekt.

Volgens de bevindelijk-gereformeerde leer moet een gelovige eerst volledig overtuigd zijn van zijn zondigheid, voordat hij bekeerd kan worden. ,,Je moet leren inzien dat je walgelijk bent, een Godshater'', zegt Gerry Hardeman, een van de organisatoren van de jongerenavond in Driebergen. Als de mens zich dat volkomen realiseert, kan God zich openbaren.

Om te onderzoeken of iemand daadwerkelijk bekeerd is, bestaat er een model waaraan iemands leven wordt gespiegeld: de zogenaamde standen in het genadeleven. Alleen een 'ja' tegen Jezus - zoals de evangelischen preken - is niet voldoende. Laat staan zoiets banaals als het 'uitpakken van een cadeautje'.

Weinig mensen hebben zekerheid of ze daadwerkelijk tot geloof zijn gekomen. ,,Je kunt zeggen dat je spijt hebt van je zonden, maar dat moet ik ook doorléven, ik moet er écht spijt van krijgen'', zegt Williene. Natuurlijk, ze hebben wel een beetje spijt als ze een fout begaan, maar niet voldoende.

Lydia: ,,Mijn moeder is wel bekeerd. Die zegt dat als je bekeerd bent, je niet eens meer die foute dingen wílt doen. Als mijn moeder iets verkeerds heeft gedaan, dan zit ze er ook vreselijk mee.''

Aart: ,,Je hebt een geleidelijke en een acute bekering. Nou ja, acuut, een heel snelle.''

,,Bijna een Paulusbekering'', zegt Greta.

Aart: ,,Soms gaan er jaren overheen voordat iemand bekeerd raakt. God bepaalt hoe die weg van bekering gaat. Wij kunnen daar niks aan doen.''

Voor de jongeren is het een verademing om te horen dat de 'weg der bekering' eenvoudiger is dan de eigen kerk leert. ,,Een dominee vertelde eens dat we huilend in het zwart over straat moesten gaan'', zegt Aart. ,,Maar wij willen blijmoedig de genade ontvangen.''

Volgens Van der Meiden is de 'evangelicale toon' altijd aanwezig geweest in een deel van het orthodox protestantisme. Uit de Nederlandse Hervormde Kerk kwamen in de 19de eeuw de Vrije Evangelische Gemeenten voort, en in sommige christelijke gereformeerde gezinnen zongen ze de 'vrolijke' liedjes van Johannes de Heer. In enkele gemeenten van deze kerk staat nu een gitarist op het podium en gaan kinderen handenklappend naar hun eigen kindernevendienst.

De Gereformeerde gemeenten (100 000 leden) lukte het lange tijd de 'moderne' invloeden te weren. Maar de traditionele theologische visies zijn niet meer te verkopen, merkt Van der Meiden steeds duidelijker. ,,De oude verhalen werden als mantra's voorgelezen, maar ze zijn niet bevredigend. Jongeren hebben er geen boodschap aan. Ik heb stapels brieven thuis liggen van mensen die de visie op bijvoorbeeld bekering als een enorme last hebben ervaren. In hun kerk wordt wel over de Waarheid gesproken, maar je hebt er niks aan als je die zelf niet kunt bereiken.''

Ondertussen waarschuwen predikanten vanaf de kansel de jeugd om vooral níet naar de jongerenavonden te gaan. Dat zou het succes van het initiatief deels kunnen verklaren. ,,Vrienden vragen ons hoe de avond geweest is, en zelfs ouderlingen zijn nieuwsgierig'', zegt Aart.

De jongeren komen nota bene bijeen in een gebouw van de veel te evangelische jongerenorganisatie Youth for Christ. De sprekers zijn van allerlei snit: baptist, bonder, evangelisch, én in dit geval zelfs vrouw. Ook een ex-priester 'die Jezus tegenkwam' was welkom, meldt een overzicht van de gehouden jongerenavonden.

VERVOLG OP PAGINA 14

De zware mist trekt op

Bevindelijken

VERVOLG VAN PAGINA 13

'We hebben de vrijheid om iedereen uit te nodigen, omdat we geen onderdeel van een kerk zijn'', zegt Koos de Jong, een van de organisatoren van de avond in Driebergen. ,,Een ex-crimineel uit Veenendaal heeft ook op onze avond gesproken. Hij vertelde over het geloof, wel met een totaal ander taalgebruik. Het was een cultuurshock. Tranen. Wij wilden de jongeren laten zien hoe God mensen verandert. Dat het op een andere manier kan gebeuren dan de kerk leert.''

De Jong is een ex-dj die in de hervormde kerk tot geloof kwam. Acht jaar geleden begon hij bijeenkomsten te organiseren voor de kerkelijke jeugd. Eerst nog onder de vleugels van de eigen kerk, maar een 'bijbelfeest' in de plaatselijke sporthal betekende het einde van het initiatief. Niet lang daarna nodigde hij in zijn huiskamer sprekers uit. Die werd ingeruild voor een bedrijfsruimte en nu zitten de jongeren in een groot kantoorpand.

Enkele ouderlingen hebben de avonden bezocht, zegt De Jong. ,,Iemand was erg geraakt door wat hij zag. 'Maar', zei hij, 'ik ga nooit aan mijn kerkenraad vertellen dat ik hier geweest ben'. Dat durfde hij niet.''

Zelfs binnen de reguliere kerkdiensten is de 'evangelische' invloed merkbaar.

De schroom van sommige jongeren om zich actiever te profileren is verdwenen: ze doen mee aan het Avondmaal. Dat was in de bevindelijk-gereformeerde kerken jarenlang voorbehouden aan enkelingen, aan degenen die 'door de genade bekwaam gemaakt worden tot een godvruchtige beproeving en gelovige voorbereiding om zijn hart gericht te krijgen tot een formele en plechtige verbondsonderhandeling met de Heere'. Het zijn de woorden van ds. Theodorus Van der Groe in 1751 en deze woorden werden onlangs door ds. A. Moerkerken in De Saambinder, het blad van de Gereformeerde gemeenten, herhaald. De gemiddelde leeftijd van een avondmaalsganger schommelde tussen de veertig en zestig jaar, maar is dalende. ,,Twee jaar geleden hadden we maar één avondmaalstafel'', zegt Aart. ,,Van de zeshonderd mensen deden er veertig mee. Nu staan er vier tafels.''

Moerkerken: ,,Onze gemeenten werden vanouds gekenmerkt door - nee, niet avondmaalsmijding, zoals sommigen het wat smalend aanduidden - maar door een diepe schroom voor de heilige ordinantiën des Heeren. Dat zullen we toch niet kwijtraken?''

De Gereformeerde gemeenten dreigen wel hun eigen jeugd te verliezen. De invloed van de jongerenavonden mag daarom niet worden onderschat, zegt J.H. Mauritz, directeur van de Jeugdbond. ,,Elk jaar verlaten vijftienhonderd mensen onze gemeenten. Negenhonderd gaan naar de hervormden, 150 naar de christelijke gereformeerden, 75 naar de evangelischen en 225 worden buitenkerkelijk. Dat proces wordt bevorderd door deze avonden.''

En wat win je ermee? ,,Onze jongeren zouden zich binnen onze gemeenten moeten richten op degenen die besluiten de kerk definitief te verlaten. Die ontwikkeling is pas zorgelijk.'' Inmiddels is de Jeugdbond een onderzoek gestart naar het effect van een godsdienstige opvoeding. Ook wordt onderzocht in hoeverre de jongeren zich nog herkennen in de gereformeerde geloofsleer.

Voor de Gereformeerde gemeenten, die met talrijke eigen jongerenorganisaties proberen in alle behoeften van de jonge generatie te voorzien, is de leegloop een hard gelag.

Mauritz: ,,Binnen de kerk hebben we toch heel wat mogelijkheden om op hun vragen in te gaan? Waarom zou je het zoeken in een buitenkerkelijke activiteit?''

,,Het is niet zo dat we in onze kerk niet spreken over de zekerheid in het geloof, maar we brengen het met wat meer nuance. Soms moet je ook wat ouder zijn en een geestelijke rijpheid en een persoonlijk geestelijk leven kennen, voordat je eraan toe bent om bijvoorbeeld belijdenis te doen.''

Hij begrijpt waarom jongeren met het geloof worstelen, vooral als ze gaan studeren en het evangelische gedachtegoed leren kennen. ,,Wat moet je zeggen als ze je vragen: ben je niet gelovig, ben je niet bekeerd? Je hebt rijping nodig om te weten of je gelovig bent. Het dilemma is dat als je niet zeker weet of je gelooft, je dan in de ogen van evangelischen een tweederangs christen bent.''

Mauritz vindt dat de jongeren gewoon naar de avonden van de Jeugdbond moeten gaan. Maar daar horen ze de oude mantra's in een modern jasje, zegt Van der Meiden. ,,Aan het 16de- en 18de-eeuwse piëtisme is niets veranderd. De reformatorischen vertikken het zich te reformeren. Daar ligt het grote punt: de jongeren willen verandering.''

Dit eindigt regelmatig in een geloofsconflict met de eigen gemeente of zelfs met een breuk in de familie. Voor een 'evangelische' jongere is het moeilijk om in de reformatorische kerk te blijven, weet Mauritz. ,,Het is een treurige toestand. Het draait om de vraag hoe iemands geloof zich verhoudt tot het belijden van de Gereformeerde gemeenten. Is het dan een eerlijke keuze om in de eigen kerk belijdenis te willen doen, als je geloofsbeleving zó is veranderd?''

De worsteling met de geloofstraditie ziet Van der Meiden als een soort 'bevrijdingsactie', waardoor jongeren soms niet anders kúnnen dan afscheid nemen van hun eigen kerkgenootschap: ,,Het is een groot spanningsveld. De Gereformeerde gemeenten zijn in het algemeen zo streng dat ze geen verschuiving toelaten of andere visies op Avondmaal en doop. De moderne jeugd relativeert graag; voor ouderen is dat moeilijk te slikken.''

Deel dit artikel