Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De weerstand tegen GeenPeil is hautain

Home

Patrick van Schie

Jan Roos van het actiecomité GeenPeil. De Kiesraad heeft geoordeeld dat GeenPeil genoeg handtekeningen heeft verzameld voor een referendum over een omstreden samenwerkingsverdrag tussen de Europese Unie en Oekraïne. © anp
Opinie

Nederland mag in de eerste helft van 2016 naar de stembus, of het kabinet nu valt of niet. Voor de tweede keer sinds de invoering van het algemeen kiesrecht vindt er een landelijk referendum plaats. Maar anders dan de vorige keer, in 2005, hebben de meeste kiezers nog geen flauw benul waarover het gaat.

Zij worden geacht straks een oordeel te vellen over het associatieverdrag tussen de Europese Unie en de Oekraïne. Waarschijnlijk zou de overgrote meerderheid van de Nederlanders liever de gelegenheid hebben gehad zich uit te spreken over een van de steunpakketten aan Griekenland, of over de wenselijkheid alle migranten die naar ons land trekken op te vangen.
    
Toch is het associatieverdrag met de Oekraïne niet zonder belang. Het verdrag zelf bevat tal van bepalingen over intensieve maatschappelijke, politieke en economische samenwerking. Bovendien vormt een associatieverdrag de opmaat tot een EU-lidmaatschap.

Zwak leiderschap
Weliswaar kan de stap naar zo'n lidmaatschap lang worden gerekt, zoals de associatie met Turkije al ruim een halve eeuw laat zien. Maar het voorbeeld Turkije laat ook zien dat een associatiepartner gebruik kan maken van zwak leiderschap in de EU - zoals dat van Merkel - om meer zicht op lidmaatschap af te dwingen.

Veel politici vinden het maar niets dat burgers de kans krijgen om zich over het associatieverdrag uit te spreken. In een eerste reactie werden al argumenten tegen het referendum opgeworpen. En mocht de uitslag politici onwelgevallig zijn, dan zullen ze nog wel meer redenen aanvoeren waarom ze zich niets van de uitslag aan hoeven te trekken.

'Hautainen 2006'
Uit de hoek van D66, een partij die ooit democratisering zei te verlangen, kwam de meest veelzeggende reactie. Oud-fractievoorzitter Laurens-Jan Brinkhorst vindt het associatieverdrag te ingewikkeld voor de kiezers. Dat geeft goed aan hoe D66'ers naar de burgers kijken: vol dedain. Misschien wordt het tijd dat de partij haar naam eens verandert: H06 zou passend zijn. Voluit: 'Hautainen 2006' - het jaar waarin Alexander Pechtold aan het roer kwam.

Het argument dat specifieke wetten of verdragen te complex zijn om aan kiezers voor te leggen, wordt vaker ingebracht. Maar als kiezers inderdaad niet in staat zouden zijn om één wet of verdrag te beoordelen, waarom zouden ze dan wel in staat zijn het hele kluwen aan mogelijke en bestaande wet- en regelgeving op alle denkbare terreinen te overzien? Want dat staat bij reguliere Tweede Kamerverkiezingen op het spel.

Lees verder na de advertentie
Misschien wordt het tijd dat D66 haar naam eens verandert: H06 zou passend zijn. Voluit: Hautainen 2006

Antidemocratische reflex
Het argument dat een wet of verdrag te complex is voor een referendum, verraadt een diep-antidemocratische reflex. Wie vindt dat het gezag uiteindelijk op instemming van de burgers behoort te berusten, moet ervoor waken iets tot 'te ingewikkeld' voor de burgers te bestempelen.
    
Maar je kunt, zo zullen tegenstanders van het referendum aanvoeren, van de kiezers toch niet verwachten dat zij alle 486 artikelen van het associatieverdrag (exclusief bijlagen) gaan doorlezen? Inderdaad zal bijna geen kiezer dat doen. Maar afgezien van de fractiespecialisten, áls die al alles doorlezen, doet ook de grote meerderheid van de parlementariërs dit niet.

Toch wordt hun daarom geen stem onthouden. Zij zullen zich laten overtuigen tot een ja of een nee tijdens debatten over de essentie van het verdrag, die deels in de tekst verborgen ligt en er deels niet in staat: hoe reëel een toekomstig lidmaatschap is, bijvoorbeeld.

Stemmen voor het coalitiebelang   
Kiezers zouden zich bovendien vaak niet door het verdrag zelf laten leiden, maar door hun ongenoegen over het kabinetsbeleid. Dat valt inderdaad niet uit te sluiten, maar het argument klinkt hoogst wonderlijk uit de mond van politici. Hoe vaak stemmen juist politici immers niet voor een wet vanwege het 'coalitiebelang', of -als ze tot de oppositie behoren - tegen een wet enkel om het kabinet dwars te zitten? Het valt te bezien of kiezers zich vaker dan politici door dit soort oneigenlijke overwegingen zullen laten leiden.

Een bezwaar dat daarnaast al viel te vernemen, is dat een referendum een ongeschikt middel is omdat kiezers alleen 'ja' of 'nee' kunnen stemmen. Het klopt dat de Tweede Kamer in geval van een wetsvoorstel amendementen kan inbrengen, maar bij een verdrag is dat zo goed als onmogelijk. In de Eerste Kamer en voordien - na de amendementsronde - uiteindelijk ook in de Tweede Kamer komt het op een stemming voor of tegen aan. Daarin verschilt het referendum niet van een eindstemming in het parlement.
    
Toch kleeft aan het komende referendum over het associatieverdrag één mankement: het is slechts raadplegend. Als de uitslag de politici niet bevalt, kunnen zij die net als in 2005 botweg negeren.

Het zou daarom goed zijn om - als de opkomst voldoende representatief is, zeg minimaal 50 à 60 procent - de uitslag als bindend te beschouwen.
        
Patrick van Schie is historicus en directeur van de TeldersStichting, de liberale denktank van Nederland, verbonden aan de VVD. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

Het argument dat een wet of verdrag te complex is voor een referendum, verraadt een diep-an­ti­de­mo­cra­ti­sche reflex

Deel dit artikel

Misschien wordt het tijd dat D66 haar naam eens verandert: H06 zou passend zijn. Voluit: Hautainen 2006

Het argument dat een wet of verdrag te complex is voor een referendum, verraadt een diep-an­ti­de­mo­cra­ti­sche reflex