Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De ‘voedselscheidsrechter’ moet een eind maken aan oneerlijke handelspraktijken

Home

Hans Nauta

Bananenexporteurs kunnen straks verhaal halen in Europa. Bijvoorbeeld als een Europese supermarktketen minder dan dertig dagen voor levering een contract annuleert. © thinkstock

Een nieuwe Europese wet moet de handel in voedsel fatsoenlijker maken. De supermarkten zijn tegen: zij voelen zich beknot in hun contractvrijheid. 

Hoort bij de vrije markt, kun je zeggen: grote bedrijven hebben meer macht dan kleintjes en gebruiken die macht om hun zin te krijgen. Bijvoorbeeld een betere prijs of gunstige handelsvoorwaarden. Maar er zijn ook onfrisse handelspraktijken. Om korte metten te maken met machtsmisbruik, stemde het Europees Parlement deze week voor nieuwe regels tegen oneerlijke handelspraktijken in de voedselindustrie.

Lees verder na de advertentie

Nederlandse agrariërs, supermarktketens, levensmiddelenfabrikanten en grondstoffenleveranciers krijgen ermee te maken. De EU-richtlijn wijst dertien oneerlijke handelspraktijken af. Voortaan moet bederfelijke waar bijvoorbeeld binnen dertig dagen na levering worden betaald. En supermarkten mogen boeren en tuinders niet zomaar laten opdraaien voor producten die niet zijn verkocht en daardoor over datum raken. Oneerlijke handelspraktijken kosten ondernemingen volgens de Europese Commissie 2,5 tot 8 miljard euro per jaar.

In de on­der­han­de­lin­gen met leveranciers worden afnemers steeds meer beperkt en de handen op de rug gebonden

Centraal Bureau Levensmiddelenhandel

Voedselscheidsrechter

De komende dertig maanden moeten Europese landen de regels in eigen wetgeving gieten en een nationale autoriteit aanwijzen die klachten gaat onderzoeken. In Nederland is dat waarschijnlijk de Autoriteit Consument en Markt (ACM). Zo'n voedselscheidsrechter kan ook boetes opleggen. De hoogte ervan wordt per land vastgesteld. De regels gelden voor bedrijven met een omzet van maximaal 350 miljoen euro. De kleinste bedrijven, met een omzet tot 2 miljoen euro, krijgen de meeste bescherming.

“We zijn in onze nopjes met deze wet”, zegt onderzoeker Sanne van der Wal van Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (Somo), die zich bezighoudt met internationale productieketens. Een belangrijk punt voor Somo is dat de wet ook geldt voor internationale leveranciers, zoals bananenexporteurs uit Ecuador. 

Bananenexporteurs kunnen straks verhaal halen in Europa. Bijvoorbeeld als een Europese supermarktketen minder dan dertig dagen voor levering een contract annuleert. Dat gebeurt in de praktijk, volgens Somo, ook als het voor de aanbieder te laat is om een nieuwe afnemer voor de oogst te vinden. 

Angst voor repercussies

Uit angst voor repercussies leiden zulke misstanden niet tot rechtszaken of publieke aanklachten. Gedupeerde producenten zijn volgens Somo bang om klanten kwijt te raken. Ook Brussel ziet dat probleem. Daarom verbiedt de nieuwe richtlijn wraakacties. Verder moet de nationale autoriteit de anonimiteit van de klagende partij zoveel mogelijk bewaren. Hoe dat werkt, moet nog blijken.

De Nederlandse supermarkten zien de mogelijkheid om anoniem te klagen helemaal niet zitten. “Je weet dan niet tegen wie je je moet verdedigen. Kafka in de maak dus”, zegt een woordvoerder van belangenorganisatie Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL). De wet zorgt er vooral voor dat supermarkten straks zwakker staan tegenover multinationale  voedingsproducenten, vindt het CBL. Supermarkten worden minder vrij om eigen contracteisen te formuleren. 

“In de onderhandelingen met leveranciers worden afnemers steeds meer beperkt en de handen op de rug gebonden. Dit is oneerlijk en bovendien rechtsongelijk. Door de eenzijdigheid is het een onwettelijke wet en dat zullen wij aan de orde gaan stellen bij Eerste en Tweede kamer en de Raad van State.” 

Niemand wil een rechtszaak beginnen tegen afnemers die zo belangrijk voor je zijn

Murk Boerstra van de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie

Volgens CBL wordt ook de boer er geen cent beter van. Landbouworganisatie LTO denkt daar anders over. De nieuwe wet versterkt de positie van Nederlandse agrariërs tegenover machtige afnemers. Opvallend is wel dat er enkele jaren terug geen enkele klacht binnenkwam bij een ‘meldpunt oneerlijke handel’ van LTO. Ook niet anoniem. Boeren en tuinders leggen zich vaak neer bij de situatie, gaf Klaas Johan Osinga van LTO Noord als verklaring in een blog. Ook zijn afspraken vaak mondeling, wat bewijs lastig maakt. In de nieuwe EU-regels staat dat een verkoper voortaan een getekend contract kan eisen.

Fatsoen

Ook de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) is positief. “De wet brengt meer duidelijkheid over de grenzen van fatsoenlijk zakendoen”, zegt adjunct-directeur Murk Boerstra. 

Waarom stappen gedupeerde bedrijven niet gewoon naar de rechter? Boerstra: “Een leverancier die aan supermarkten in Nederland levert, heeft veelal een beperkt aantal ‘klanten’. De grootste drie supermarktorganisaties in Nederland - Albert Heijn, Jumbo en inkooporganisatie Superunie - vertegenwoordigen samen meer dan tachtig procent van de supermarktomzet in Nederland. Niemand wil een rechtszaak beginnen tegen afnemers die zo belangrijk voor je zijn.”

Lees ook:

Oxfam Novib: Supermarkten hebben te weinig oog voor mensenrechten

Nederlandse supermarkten zorgen amper voor betere arbeidsomstan­digheden van leveranciers uit ontwikkelingslanden.

Albert Heijn geeft hogere bonus aan personeel dat aan mensenrechten denkt

Inkopers van AH krijgen een nieuwe training om misstanden zoals kinderarbeid te signaleren. Want in supermarkten liggen veel risicoproducten.

Deel dit artikel

In de on­der­han­de­lin­gen met leveranciers worden afnemers steeds meer beperkt en de handen op de rug gebonden

Centraal Bureau Levensmiddelenhandel

Niemand wil een rechtszaak beginnen tegen afnemers die zo belangrijk voor je zijn

Murk Boerstra van de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie