Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De ultramarathon rennen voor een betere toekomst

Home

Ludo Hekman

Zainab Hussaini en Nelofar Sorush (in het roze tenue) trainen in de bergen rond Mazar-i-Sharif voor de ulramarathon in de Gobiwoestijn. © Joel van Houdt

Twee jonge hardloopsters besluiten een grote uitdaging aan te gaan. Ze trainen als eerste Afghaanse vrouwen ooit voor een ultramarathon, terwijl de Taliban oprukken en de politieke onzekerheid toeneemt. De uitdaging is lichamelijk, maar vooral ook cultureel.

Wie het hardst loopt, krijgt een chocolaatje. Halima (9) loopt alsof haar leven ervan afhangt - en misschien is dat ook wel zo. Meestal wint ze. Het is begin jaren tachtig en ze loopt in het grensgebied tussen Iran en Afghanistan, op de vlucht voor een oorlog die op haar geboortegrond wordt uitgevochten. Haar neef heeft een manier gevonden om ook bij de jonge kinderen het tempo erin te houden: korte wedstrijdjes hardlopen. De winnaar krijgt een stuk chocola.

Halima Hussaini is de moeder van Zainab (25), een Afghaanse hardloopster. Samen met Nelofar Sorush (20) is ze de eerste Afghaanse vrouw die een ultramarathon gaat lopen. Wie Zainab vraagt wat haar inspireert om vol te houden, ook als er veel tegenzit, krijgt steevast dit verhaal te horen. "Het is mijn moeder. Ze won altijd die kleine wedstrijdjes op zoek naar een betere toekomst." En nu is het haar beurt.

Sneeuwbuien
De ultramarathon waar ze voor trainen is een tocht van 250 kilometer door de Chinese Gobiwoestijn. De tocht wordt in zes dagen afgelegd. Deelnemers uit ruim 100 landen dragen daarbij zelf hun eten en tent mee. Het is een tocht door woest gebied met veel hoogteverschillen, bovendien kan het weer uiteenlopen van sneeuwbuien tot soms veertig graden.

Zainab en Nelofar zien er niet uit als typische topsporters. Ze dragen een kuise lange jas en een hoofddoek. Alleen hun felgekleurde sportschoenen verraden dat we te maken hebben met serieus sportende vrouwen. Ook hun manier van bewegen is opvallend. Lichamelijke opvoeding is in Afghanistan geen standaard schoolvak. Dus ook al heb je als meisje het geluk naar een school te gaan, dan is er nog weinig aandacht voor motorische ontwikkeling. Je ziet dat nu nog terug in de manier van hardlopen van de ultrarunners. Soms lijkt het wat onzeker en moeizaam, minder lichtvoetig dan je van een goed getrainde ultrarunner zou verwachten.

Tijdens een typische Afghaanse lunch (rijst, dough en enkele stoofgerechten) vertelt Zainab over de eerste weken van haar training. Ze pakt daarbij zo nu en dan even de hand van haar moeder en houdt die een tijdje vast. "De eerste weken van onze training dachten we dat we dood gingen", zegt ze met een glimlach. "Maar de pijn werd na een paar weken minder. Onze spieren moesten eraan wennen."

Discipline
Moeder vult aan: "Ik heb haar zien veranderen. Ze is gezonder gaan eten en heeft meer discipline. Het doet haar goed."

Lees verder na de advertentie
De eerste weken van onze training dachten we dat we dood gingen. Maar de pijn werd daarna minder

Een ultramarathon is een extreme, fysieke uitdaging en er deden niet eerder Afghaanse vrouwen aan mee. Dat is niet zo gek. Het is cultureel niet geaccepteerd dat vrouwen in Afghanistan buiten sporten. De meesten vinden het ongepast en vinden vrouwen die het wel doen al snel ordinair.

Zainab en Nelofar ondervinden dat al op een van hun eerste trainingsdagen. "We renden langs een weg met verschillende checkpoints - plaatsen waar de Afghaanse politie een oogje in het zeil houdt. Tijdens het lopen werden we lastiggevallen door een groep jongens. Ze reden op een motorfiets om ons heen, noemden ons prostituee en nodigden ons uit om 'mee te gaan'."

Het laatste is een beschamend verzoek waar Nelofar nog steeds met schaamte en woede aan terugdenkt. "De politie keek toe. Ook toen de groep groter werd en we niet meer verder konden hardlopen. Het was eng, maar uiteindelijk werden we, voordat het echt mis ging, door een collega met een auto uit deze benarde situatie gehaald."

Het lastigvallen op straat blijkt eerder regel dan uitzondering, en dus besluiten ze om niet meer op straat te trainen, maar naar de bergen uit te wijken. Elk weekend rijden ze de stad uit om daar te trainen.

Kudde kamelen
Mazar-i-Sharif, waar de vrouwen wonen, is omgeven door bergen waar het geweldig wandelen of hardlopen is. Soms is het groen en weelderig, op andere plekken kaal, droog en eindeloos uitgestrekt.

Als ze ons meenemen om een rondje in de bergen te trainen, stuiten we na een uurtje lopen op enkele jongens met een kudde kamelen. Er wordt gelachen, gedold met de kamelen en een serie hilarische selfies gemaakt voor Facebook.

Maar als je de bergen in gaat om te wandelen, moet je wel weten waar je loopt. Want dit buitengebied is ook getekend door decennia van oorlog. Dat ontdekten de ultrarunners zelf ook, vertellen ze. "Op een dag vonden we tijdens het trainen een niet ontplofte granaat. Na wat overleg besloten we politie te bellen. Maar in plaats van de granaat te zoeken, werden we ondervraagd over ons plan, onze training en ons gedrag - als hardlopende vrouwen. En naar de granaat werd niet meer gezocht!"

Tijdens het lopen werden we lastiggevallen door een groep jongens. Ze reden op een motorfiets om ons heen, noemden ons prostituee en nodigden ons uit om 'mee te gaan'

Het trainen in de bergen is belangrijk in voorbereiding op de wedstrijd in de Gobiwoestijn. Toch zijn Zainab en Nelofar de laatste weken voorafgaand aan de wedstrijd daar ook mee gestopt. Ze willen het risico niet meer lopen. Na de recente aanslag is men voorzichtiger geworden in Mazar-i-sharif. Bovendien krijgt de begeleider van Zainab en Nelofar wekelijks bedreigingen doorgebeld en wordt hij zelfs een keer 'ter waarschuwing' beschoten. Ze besluiten de laatste weken voor de race daarom alleen nog in een sportschool of een binnentuin te gaan trainen.

Geen steun
"Ik denk dat de wedstrijd zelf het gemakkelijkste onderdeel van dit hele project is", zegt Zainab. En daarna: "Wat ik eigenlijk het moeilijkste vind, is dat er vanuit onze gemeenschap geen enkele steun kwam. Niet van de mannen en niet van de vrouwen. Natuurlijk, onze families, mijn moeder, die steunen ons enorm. Maar dat is niet genoeg. 'Je moet er mee stoppen', zeggen vrienden dan bijvoorbeeld. Of: 'Het is niets voor meisjes. Terwijl ik juist denk dat ik hiermee iets goeds doe voor Afghanistan, of we de race nu uitlopen of niet."

Zainab: "Het maakt me vaak verdrietig dat niemand ons daarin steunt. Dat men denkt dat ik een slechte vrouw ben omdat ik aan een hardloopwedstrijd in China ga meedoen. Waarom denken ze dat wij iets verkeerd doen? Ik begrijp het echt niet. Dat maakt me heel verdrietig. Ik denk daar elk moment aan."

Veiligheid en vrouwenrechten hebben alles met elkaar te maken, zegt Mubina Kairandesh, directrice van een radiostation voor vrouwen in de provincie Balkh, waar ook Mazar-i-Sharif ligt. "De grootste uitdaging voor Afghaanse vrouwen op dit moment is de onveiligheid die ontstaat door onze interne conflicten. En daarnaast de traditionele samenleving die nog steeds niet accepteert dat vrouwen publiek werk doen, studeren of buitenshuis sporten."

Het is ook de veiligheid waar Halima, Zainabs moeder, zich het meest zorgen over maakt. "Ik heb er geen probleem mee dat ze naar China gaat. Maar ik maak me zorgen over de tijd daarna. Wat kan er gebeuren? Mensen zullen in elk geval gaan praten. Misschien zal er iets met haar gebeuren? Ik maak me daar veel zorgen over. Je weet wat er soms gebeurt met vrouwen in Afghanistan, die hebben hier niet veel rechten."

Ik denk dat de wedstrijd zelf het gemakkelijkste onderdeel van dit hele project is

'Doe het nou niet'
Waarschijnlijk denkt ze aan de recente moord op Farkhunda. Een jonge vrouw die ten onrechte werd beschuldigd van het verbranden van een koran - en daarna door een menigte werd gelyncht. Dat leverde weliswaar een debat op over de positie van de vrouw in Afghanistan, maar deed niettemin alle vrouwen in Afghanistan realiseren hoe gemakkelijk het mis kan gaan.

Een andere vrouwenactiviste, Farkhonda Rajabe, beaamt dat. "Als het onveilig wordt, zal een jongen iets minder vaak de straat op gaan, maar een meisje mag de deur niet meer uit. Onveiligheid raakt dus de kansen voor vrouwen veel harder dan de ontwikkeling van jongens."

Ze wijst er ook op dat er nogal een verschil bestaat tussen de stad en het platteland. "Zainab en Nelofar kunnen hiermee in de stad impact hebben, maar daarbuiten zal het hoogst waarschijnlijk ongemerkt voorbijgaan. Nog geen uurtje rijden buiten de grote stad Mazar-i-sharif zijn dorpen waar meisjes niet eens naar school mogen."

Ook Mubina Kairandesh tempert de verwachtingen van Zainab en Nelofar. "Ik prijs hen voor hun moed. En ik denk dat het een inspiratie zal zijn voor veel andere vrouwen. Maar, ga niet te snel", adviseert ze tegelijk. "Doe het stap voor stap. Dan kunnen mensen je volgen."

Nieuw Facebookprofiel
Dat het avontuur in China impact heeft en risico's met zich meedraagt, daar zijn Zainab en Nelofar zich terdege van bewust. Nu al hebben ze een nieuwe simkaart en een ander Facebookprofiel aangemaakt - op valse namen. En de bedreigende telefoontjes, die zullen toenemen, verwachten ze. De familieleden en vrienden die hen niet steunen, zeggen daarom ook: "Doe het nou niet. Het is de vraag of je het aan kan, en je brengt jezelf in gevaar."

Nog geen uurtje rijden buiten de grote stad Mazar-i-sharif zijn dorpen waar meisjes niet eens naar school mogen

Maar de vrouwen zeggen weinig twijfel te kennen. Nelofar: "Als je iets echt wilt, dan kan het ook. Natuurlijk hebben we problemen gehad, maar het doet er niet toe dat het moeilijk is, we kunnen dit doen. We kunnen die race aan." Zainab is al even overtuigd. "Ze houden ons in de gaten, dat realiseer ik me. Na de competitie zal dat erger worden. Maar ik wil mijn tijd nú gebruiken, niet in de toekomst. Soms gaat de motivatie omhoog of omlaag, maar als ik iets wil, dan maak ik het ook af. En ik heb mezelf beloofd niet op te geven."

Zainabs moeder kwam na de lange uitputtende voettocht vol hardloopwedstrijdjes uiteindelijk in Iran aan. Daar heeft ze met haar man een gezin gesticht. Maar het was niet wat ze gehoopt hadden. Afghaanse immigranten worden structureel gediscrimineerd in Iran en ze hebben zich er nooit thuis gevoeld. Toen het in Afghanistan beter leek te gaan zijn ze in 2005 teruggekeerd naar hun thuisstad Mazar-i-Sharif. Alleen vader bleef achter omdat hij inmiddels een baan had, een zekerheid die ze in Afghanistan nog niet verwachtten. Hij woont nog steeds in Iran.

Chocola
Het jongste broertje van Zainab was de relatieve vrijheid en welvaart van Teheran zo gewend dat hij geen perspectief zag in Afghanistan. Zodra hij 18 was, is hij tot verdriet van zijn moeder vertrokken. Via Iran naar Turkije, en vanuit Turkije met een riskante boottocht naar Griekenland. Nu probeert hij ergens in Europa voet aan de grond te krijgen. Dat is nog niet gelukt. En inmiddels heeft zijn vader geen geld meer om hem nog te ondersteunen. Hoe het verder moet weet niemand.

Het maakt dat Zainabs moeder het avontuur van haar dochter in de Gobiwoestijn met gemengde gevoelens aanziet. "Ik steun al mijn kinderen, ook Zainab, maar ik ben niet blij. Niet zolang ik niet weet hoe het met mijn zoon gaat."

Het is zondagochtend. Zainabs moeder staat op het vliegveld van Mazar-i-Sharif en zwaait Zainab uit. "Ik wil dat ze wint, daarom heb ik chocola voor haar gekocht." Er staan tranen in haar ogen. Vermoedelijk een mengeling van verdriet en trots. Ooit leerde ze rennen onderweg naar een betere toekomst, een toekomst die niet kwam. Haar dochter gaat nu hetzelfde proberen.

Ik steun al mijn kinderen, ook Zainab, maar ik ben niet blij. Niet zolang ik niet weet hoe het met mijn zoon gaat

Deel dit artikel

De eerste weken van onze training dachten we dat we dood gingen. Maar de pijn werd daarna minder

Tijdens het lopen werden we lastiggevallen door een groep jongens. Ze reden op een motorfiets om ons heen, noemden ons prostituee en nodigden ons uit om 'mee te gaan'

Ik denk dat de wedstrijd zelf het gemakkelijkste onderdeel van dit hele project is

Nog geen uurtje rijden buiten de grote stad Mazar-i-sharif zijn dorpen waar meisjes niet eens naar school mogen

Ik steun al mijn kinderen, ook Zainab, maar ik ben niet blij. Niet zolang ik niet weet hoe het met mijn zoon gaat