De uil van Minerva begint zijn vlucht

home

WILFRED VAN DE POLL

In de rubriek 'De Zin Van' kozen bekende en minder bekende Nederlanders de afgelopen jaren hun persoonlijke motto, leefregel of ultiem inspirerende zin. Vandaag de laatste aflevering: Jan Greven, oud-hoofdredacteur en columnist van deze krant. Volgende week verschijnt zijn laatste column. Zijn motto ontleent hij aan de filosoof Hegel.

'A chteraf gezien had ik er niet aan moeten beginnen. Het was eind jaren zestig, ik was klaar met mijn studie theologie en stoomde meteen maar door met een promotie. Dat moest een diepzinnige studie worden. Een analyse van Arminius' en Gomarus' conflict uit de zestiende eeuw over de uitverkiezingsleer, en dat vanuit de twintigste-eeuwse taalfilosofie.

Klinkt dat ingewikkeld? Dat was het ook. Maar de vraag waar het mij in feite om te doen was, luidde: waartoe dient theologie? Is theologie, zoals Gomarus dacht, een puur beschrijvende onderneming? Of heeft het, zoals Arminius betoogde, vooral een inspirerende taak? Moet theologie zeggen hoe het zit, of moet zij aansporen tot een bepaalde levensinstelling?

Die vraag houdt mij nog steeds bezig, al heb ik dat proefschrift nooit geschreven. Achteraf gezien wilde ik ook te veel. Ik nam zo ongeveer de hele theologie op mijn schouders. Ik had gewoon een klein, behapbaar onderwerpje moeten uitkiezen.

Waarschijnlijk is het trouwens maar goed dat het van een wetenschappelijke carrière niet gekomen is. Ik kon goed meekomen, daar niet van, maar ik zou nooit de top hebben gehaald. Ik was een goede zeven. Een prima hbo-docent, maar geen hoogleraar.

Op mijn 34ste gaf ik de brui aan het academische leven, werd directeur van de Ikor (de latere Ikon) en daarna hoofdredacteur van Trouw. Dat paste veel beter bij mij.

Achteraf gezien... Zo gaat dat, inzicht hobbelt achter de feiten aan. De Duitse filosoof Hegel zei dat zo: 'Die Eule der Minerva beginnt erst mit der einbrechenden Dämmerung ihren Flug', oftewel: 'De uil van Minerva begint pas bij het aanbreken van de avondschemering haar vlucht'. Het citaat komt uit de inleiding van zijn verhandeling over rechtsfilosofie, die ik overigens niet heb gelezen. De uil van Minerva is een symbool voor de wijsheid.

Hegel had het over filosofie, maar je kunt zijn uitspraak op alles toepassen, ook op je persoonlijke leven. Ik ben inmiddels bijna zeventig en nu de avondschemering aan het vallen is, begint de uil van Minerva aan zijn vlucht en die zegt: Jan, dit is jouw verhaal, dit is wie je bent, hier moet je het mee doen.

Mijn verhaal, daarin speelt het christelijk geloof een belangrijke rol. Toen ik jong was, stond de gereformeerde zuil nog recht overeind. Ik heb dat als een voorrecht ervaren, het was een veilige tijd. De jaren vijftig waren zorgelozer dan veel mensen denken. En de jaren zestig worden te veel gevierd als het tijdperk van de vrijheid, terwijl er ook veel conformisme in zat.

Over die 'roerige' zestiger jaren denk ik veel na. Ook in mijn theologierecensies voor Trouw was het een terugkerend thema. Voor mijn gevoel beginnen we nu pas te begrijpen wat er toen gebeurde en wat dit betekent.

Ik beschouw mezelf nog steeds als een gelovige, maar God is uit de hemel afgedaald. Wat ik daarmee bedoel? Tja. Het lijkt een beetje op wat Klaas Hendrikse bedoelt met zijn uitspraak dat God niet bestaat, maar 'gebeurt'. Hij brengt het alleen zo hoog van de toren alsof hij dat zelf ontdekt heeft. En ik zou mezelf nooit een atheïst noemen.

Vroeger dacht ik: als je een kopje koffie bestelt, ga je er ook vanuit dat er een kopje koffie ís. Met andere woorden: wie tot God bidt, gaat ervanuit dat hij bestaat. Als God er niet echt is, meende ik, dan kun je de boel wel sluiten. Maar wat is dat 'is'?

Daar stond ik in mijn arbeidzame tijd niet al te lang bij stil. Ik kón het ook niet, ik had het gevoel dat als ik aan Gods bestaan zou twijfelen, de grond onder mijn voeten zou wegvallen en dat kon ik me gewoon niet veroorloven.

Pas toen ik met pensioen ging, tien jaar geleden, kwam er tijd voor reflectie en lukte het mij om losser over deze onderwerpen na te denken. Een verademing: het hoefde niet meer allemaal te kloppen.

Als ik terugblik, ontdek ik dat de traditionele God langzaam maar zeker uit mijn leven is verdwenen. Uit de maatschappij, de politiek en de geschiedenis verdween hij het eerst. Op die terreinen heerst de macht, geen moraal, ontdekte ik, laat staan dat je er Gods hand in zou kunnen ontdekken. Het koninkrijk Gods op aarde - kom nou.

Ook in het persoonlijke leven verloor God steeds meer terrein. Van mijn vrouw, die arts is, heb ik geleerd klinisch naar ziekte te kijken, naar leven en dood. Ziekte gebeurt. Soms genees je. Soms niet. Daar heeft God weinig mee te maken.

En toch is er in de mensen iets gevaren waardoor hun denken uitstijgt boven de horizon van de dood. Een idee van eeuwigheid. Welk verhaal over God je daaraan verbindt, dat mag je zelf weten. Geloven is een vorm van fantaseren, maar daarom niet minder waardevol. In onze verhalen over God zit niks normatiefs, maar ze kunnen je wel inspireren.

Uiteindelijk gaat het voor mij om liefde, om aandacht en betrokkenheid. Liefde is iets dat je omgeeft en dat doorgaat als je gestorven bent. Preciezer kan ik het niet onder woorden brengen. Ik verga, de liefde blijft. Dat noem ik God.

Ook nu ik stop met mijn recensies voor de krant blijf ik bezig met theologie. Misschien schrijf ik een boek. Ik ben er steeds meer van overtuigd dat theologie moet enthousiasmeren en inspireren. Inderdaad, daarmee heb ik de vraag van mijn proefschrift beantwoord; ik kies de kant van Arminius.

En nu zal ik je eens iets vertellen. Op een dag kwam er een man bij me langs. Eef Dekker heette hij. Hij vertelde me dat hij net gepromoveerd was en gaf me een boek. Wat bleek? Het ging over precies hetzelfde onderwerp als mijn promotieonderzoek. Hier kreeg ik het boek in handen gedrukt dat ik zelf had willen schrijven. Was ik jaloers? Natuurlijk wel een klein beetje, maar ik ben tevreden met mijn leven. Als je jaloers bent, fixeer je je doorgaans maar op één eigenschap van iemand. Maar dat is een fictie. Die eigenschap bestaat niet los van de hele persoon. Zou je met de hele persoon willen ruilen? Als persoon heb ik mijn eigen unieke kwaliteiten. Je moet niet iemand anders willen zijn.

En weet je, Hegels uitspraak kan ontnuchterend overkomen, ze heeft ook iets geruststellends. Wees niet bang als je je leven niet begrijpt. Leef rustig door. Hij gaat vanzelf een keer vliegen, de uil van Minerva."

Vanaf vrijdag start op deze pagina een nieuwe rubriek met boekrecensies. De laatste column van Jan Greven verschijnt dindag 6 september.

Lees verder na de advertentie

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie