Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

x

De stiefvader is een succes

home

Iris Pronk

De stiefvader doet het als co-opvoeder goed. Beter in elk geval dan de stiefmoeder. Makkelijk is zijn positie niet: „In het begin dacht ik: Wat doe ik hier?”

René Stern, op de kamer van een van zijn stiefzoons. (JÿRGEN CARIS, TROUW)

Zondagochtend komt vaak de ’dreun van verdriet’, zegt René Stern (48), interieurarchitect en projectadviseur. Want dan realiseert hij zich dat ’die gasten’ vanavond weer weggaan.

Met ’die gasten’ bedoelt hij zijn zoon Yannick (14) en dochter Joëlle (12). Zij wonen doordeweeks honderd kilometer verderop bij hun moeder, van wie Stern zo’n tien jaar geleden gescheiden is. „Ik mis ze af en toe heel erg.”

Intussen deelt Stern zijn dagelijks leven wel met twee andere kinderen: Merijn (15) en Machiel (12), de zonen van zijn partner Sytske. Samen vormen ze een zogenoemd ’stiefvadergezin’, met de stiefvader als (mede-)kostwinner.

Dit type ’patchwork’ is populair, zo blijkt uit onderzoek van de Utrechtse scheidingsexpert Ed Spruijt. Verreweg de meeste van de ruim 250.000 stiefgezinnen in Nederland bestaan uit een moeder, haar ’nieuwe vriend’ en haar kinderen uit een vorige relatie. Omdat kinderen na een scheiding nu eenmaal meestal bij hun moeder blijven wonen. En omdat die vervolgens verliefd raakt.

Het naambordje op Sterns nieuwbouwhuis illustreert de lappendeken: twee volwassenen, vier kinderen, drie achternamen. „Ik voel heel sterk: met z’n zessen zijn we compleet”, zegt Stern. Zoals tijdens hun vakantie afgelopen zomer. Die was gezellig, ontspannen, harmonieus. Daarna bracht hij zijn kinderen weer naar zijn ex: „Dat is kaal.”

De stiefvader doet het als co-opvoeder redelijk goed, zegt Spruijt, die onderzoek deed onder ruim 4400 kinderen. Daaruit blijkt dat het met kinderen in ’stiefvadergezinnen’ ietsje beter gaat dan met kinderen die na een scheiding bij één ouder (meestal hun moeder) wonen. Kinderen die voltijds bij hun vader en zijn nieuwe partner verblijven, zijn beduidend slechter af (zie kader).

Spruijt verklaart het relatieve succes van de stiefvader onder meer uit diens opvoedervaring. De stiefvader heeft meestal eigen kinderen uit zijn vorige relatie, en kan potentieel explosieve gezinssituaties – tegendraadse pubers, kleuters die hun broccoli tegen de muren smijten – daardoor beter relativeren.

Daar komt bij dat de stiefvader meestal werkt, en dus geld meebrengt, waardoor het gezin van zijn nieuwe partner erop vooruitgaat. Er komt een nieuw, ruimer huis, er is meer geld voor hobby’s en vakantie.

Nog een voordeel van de stiefvader, bezien vanuit het perspectief van de stiefkinderen: hij is de hele dag de hort op, werkt vaak fulltime. „Hij bemoeit zich daardoor minder met de opvoeding dan veel stiefmoeders”, zegt Spruijt. En dat is een verstandige strategie; kinderen zitten na een scheiding niet te wachten op bemoeizuchtige ’vreemden’.

Spruijt bestudeert vooral hoe kinderen functioneren binnen het ’stiefvadergezin’; zijn focus ligt op de ’scheidingskinderen’. Over het welbevinden van de stiefvaders zegt het ’Handboek scheiden en de kinderen’ (dat vandaag verschijnt) veel minder. Stiefvaders krijgen sowieso weinig aandacht, in vergelijking met stiefmoeders, die zich via internetfora en boeken manifesteren.

„Mannen praten minder makkelijk over gevoelens”, zo verklaart Stern dat verschil. Hij zelf wil dat wel doen, om uit te leggen aan welke ’klassieke stenen’ de stiefvader zich kan stoten. Namelijk toch – in aanvang – teveel bemoeienis met de opvoeding: „Je zit ineens zeven dagen per week in een cultuur die de jouwe niet is. Je denkt gauw: Dat kan ik beter.” Nog zo’n steen: de stiefkinderen bekritiseren. Niet doen, weet Stern nu: „Want kritiek komt heel hard bij je partner binnen.”

De positie van de stiefvader is geen makkelijke, vindt Stern. „De partner, de vrouw, heeft een stabiele basis, omdat haar kinderen in de buurt zijn. De stiefvader is meer een pion die erbij komt.” Zijn grootste uitdaging is het veroveren en behouden van zijn eigen plek op het speelbord. „Het is een balans: Wees erbij, maar trek je op tijd terug. In het begin dacht ik wel eens: Wat doe ik hier?”

Stern nam de beslissing om – nu vier jaar geleden – met Sytske te gaan samenwonen niet lichtvaardig. „Het was echt een dilemma.” Tot die tijd voedde hij zijn kinderen, samen met zijn ex, in co-ouderschap op: ze waren de helft van de tijd bij hem, de andere helft bij hun moeder. Stern: „Dat ging hartstikke goed.”

Zijn omgeving snapte dan ook ’niet helemaal’ waarom hij deze constructie verruilde voor een nieuw leven met zijn partner en haar kinderen. En dus ook voor een minder intensieve relatie met zijn eigen kinderen. „Als de kinderen in bed liggen, zit je in je uppie. Dat zien mensen niet. Iedereen zoekt toch dat ’samen’.”

Veel stiefvaders voelen zich schuldig over hun keuze voor die nieuwe liefde, zeggen ’stiefdeskundigen’. Zeker als die liefde tot samenwonen leidt. „Ze hebben wroeging dat ze andermans kinderen opvoeden”, aldus Magda Hengst, bestuurslid van Stichting Stiefmoeders en coach van samengestelde gezinnen. Zij ontmoet wel eens mannen met spijt. „Die denken: Alle energie die ik stop in die stiefkinderen, had ik in mijn eigen kinderen willen stoppen. Vervolgens komen hun eigen kinderen in het weekend, maar dan zijn de stiefkinderen er óók, en kunnen ze hun eigen kroost nog niet de volle aandacht geven.”

Ook gezinstherapeute Ietje Heybroek, specialist op het gebied van het ’patchworkgezin’, noemt ’het loyaliteitsconflict’ en ’het schuldgevoel’ als twee veel voorkomende stiefvaderproblemen. Maar Stern gaat daar niet onder gebukt: „Schuldgevoel heb je na een niet overwogen keuze. Wij hebben die keuze bewust, en in overleg met de kinderen, gemaakt.”

Zijn samengestelde gezin loopt inmiddels heel goed, zegt Stern. De kinderen kunnen het prima met elkaar vinden, en lijken ook snel te schakelen tussen hun verschillende huizen. Zelf vindt Stern het lastiger om te switchen. „Het is mijn grootste probleem: het is nooit hetzelfde.”

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.