Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De politieke lading van een Arabisch lettertype

Home

Eildert Mulder

Nederlandse en Arabische typografen houden vandaag in Amsterdam vijf nieuwe Arabische lettertypes ten doop. Een pr-campagne maakte El Hema, en daarmee de nieuwe letters tot een begrip. Maar er is fikse kritiek: de letters lijken matig leesbaar en de motieven van de ontwerpers worden betwist.

Het idee lijkt prachtig. Vorm groepjes van Arabische en Nederlandse typografen en designers, laat ze profiteren van elkaars deskundigheid en laat ze vervolgens nieuwe Arabische letters ontwerpen. De Arabische typografen kunnen profiteren van de inzichten van Nederlandse typografen. Voor die laatsten is het een leuke uitdaging om hun ideeën toe te passen op een andere schrifttraditie. Resultaat: een Arabische letter die een beetje is toegegroeid naar het Latijnse schrift.

Huda Smitshuijzen AbiFarès, universitair docent Arabische typografie en design in Doebai, was de drijvende kracht achter het idee. In Amsterdam richtte Smitshuijzen de stichting Khatt Foundation, Center for Arabic Typography op.

Op het balkonterras van de nieuwe Amsterdamse bibliotheek, dat een schitterend uitzicht biedt op het oude centrum van Amsterdam, geeft ze een toelichting.

Smitshuijzen: „In het Midden-Oosten kom je voortdurend het Arabische en Latijnse schrift door elkaar tegen. Dat kan op straat zijn bij reclames maar ook in boeken of tijdschriften. Het is daarom belangrijk dat de beide schriften harmoniëren, niet met elkaar botsen.”

Vandaag worden op een symposium in de Amsterdamse bibliotheek vijf nieuwe Arabische letters gelanceerd. Smitshuijzen laat teksten zien, uitgevoerd in die nieuwe letters, waarin inderdaad Latijnse en Arabische letters prima op elkaar zijn afgestemd, bijvoorbeeld als er in een Arabische tekst een Engelse tekst wordt geciteerd of omgekeerd.

Het klassieke Arabische schrift is sierlijk en elegant en luistert naar zeer precieze regels maar kan toch, als het in combinatie staat met Latijns schrift, soms een wat wilde, onaangepaste indruk maken. De ontwerpers van de nieuwe letters probeerden dat te vermijden door de Arabische letters Europeser te maken, zodat een tekst, waarin beide schriftsoorten voorkomen, er ordelijker uitziet dan nu meestal het geval is.

Alle vijf nieuw ontworpen Arabische letters hebben een opvallende eigenschap gemeen: ze staan in de verste verte niet in de traditie van de normale Arabische tekstletter, zoals die sinds ongeveer de tiende eeuw in gebruik is, eerst in handschriften en vanaf de achttiende eeuw ook in druk.

Die breuk met de klassieke schrifttraditie is geen toeval want Smitshuijzen (1965), van oorsprong Libanese, wil bewust de banden met het verleden kappen.

„De Arabische wereld heeft nooit vrijheid gekend”, zegt ze. „Dat is de oorzaak van alle stagnatie. Ook dat oude schrift is een symbool van onderdrukking.”

En daarmee is een onderwerp, dat op het eerste gezicht puur technisch of artistiek van aard leek, in Midden-Oosters politiek vaarwater beland. Waarmee het een brisante lading heeft gekregen, die de doorsneebezoeker van het symposium vermoedelijk zal ontgaan.

Op het symposium is de elite van de Nederlandse en ook internationale typografie aanwezig. Opvallend áfwezig is de expert Thomas Milo van de Nederlandse firma Decotype, dat het computerzetsysteem Tasmeem ontwikkelde voor de klassieke Arabische tekstletter.

Aan die uitvinding gingen vele jaren van onderzoek vooraf. Trouw besteedde op 24 maart aandacht aan Tasmeem in het katern Letter & Geest.

Decotype steunt op drie pijlers: Milo heeft Slavisch, Turks en Arabisch gestudeerd en kent het Midden-Oosten. Zijn partner Mirjam Somers is opgeleid als ontwerper aan de Rietveldacademie. Haar broer Peter Somers, vliegtuigbouwkundig ingenieur van de TU Delft, maakte de software.

Sinds de jaren twintig van de vorige eeuw was het niet meer mogelijk om klassiek Arabisch schrift in zijn volle rijkdom en verpletterende variatie, beweeglijkheid en hoogteverschillen te drukken. Dat was het gevolg van de invoering van het zetsysteem Linotype. Linotype legde beperkingen op aan de letterhoogte. Voor het Arabische schrift was dat een ramp want daarin spelen hoogteverschillen een wezenlijke rol, esthetisch maar ook voor de leesbaarheid.

Stel je voor dat het Nederlands niet meer kan worden gedrukt met de stelen en lussen naar boven en naar beneden van de j, de h, de b en de g en het wordt een beetje duidelijk wat er met het Arabische schrift is gebeurd. Decotype herstelde die schade met hulp van computertechniek.

Milo voert in de hele wereld het woord op symposia en congressen over Arabische typografie, maar op conferenties waar Smitshuijzen de scepter zwaait lijkt hij niet meer welkom. In Doebai bijvoorbeeld was hij in januari 2006 uitgenodigd als spreker. Op het laatste moment werd hij van de lijst geschrapt, omdat de conferentie met twee dagen zou zijn ingekort, wat later niet bleek te kloppen.

Milo: „Smitshuijzen heeft de mond vol over onvrijheid in de Arabische wereld. Je zou denken dat de oorzaak daarvan moet worden gezocht in onbekendheid met vrijheid en democratie maar zij legt de schuld bij de schrifttraditie – die nota bene het Midden-Oosten als beschaving op de kaart heeft gezet.

Het was de bedoeling dat er op deze plaats een inhoudelijk debat zou staan tussen Milo en Smitshuijzen. Smitshuijzen had daarmee ingestemd. Maar na een voorgesprek van twee uur trekt ze zich terug. Publiciteit staat overigens wel hoog op de agenda van Smitshuijzen, in de Nederlandse media gonst het sinds kort van de Arabische typografie.

Zo zette het ’culturele instituut’ Mediamatic, in een knappe pr-stunt, de Hema voor het blok door zonder overleg een tentoonstelling van een Arabische versie van dat bedrijf aan te kondigen, El Hema. Even dreigde de Hema, volledig overrompeld, met een proces. Maar uiteindelijk ging het bedrijf akkoord, waarschijnlijk snorrend van plezier over zo veel onverwachte, gratis reclame. El Hema – dat deze week werd geopend – is inmiddels een begrip en op de erbij georganiseerde ontwerpwedstrijd bleken alleen Arabische letters van de school-Smitshuijzen welkom.

In het subsidieverslag van het symposium van vandaag staat dat met de door Nederlanders en Arabieren ontworpen letters een oude traditie is hersteld. Want ook in vroeger eeuwen hebben Nederlanders Arabische drukletters gesneden.

„Maar”, zegt Milo, „met die letters is in de Arabische wereld nooit enig drukwerk verschenen. Ze werden gebruikt door oriëntalisten want ze zagen er naar Midden-Oosterse normen primitief uit. En verder gaat die aankondiging eraan voorbij dat Decotype die Nederlandse betrokkenheid al meer dan twintig jaar geleden heeft hersteld: Microsoft, Apple, Adobe – er is geen computer in het Midden-Oosten waar geen Nederlands-Arabische letters opzitten. Zonder een cent subsidie.”

Het project van Smitshuijzen kreeg wel subsidie, van het Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

Smitshuijzen erkent dat Decotype een geweldige technische prestatie heeft geleverd. Maar eerherstel voor de klassieke Arabische tekstletter vergelijkt ze met een terugkeer van Europa naar het oude Gotische schrift: „Hier zit de Arabische wereld niet op te wachten, behalve misschien islamisten.”

Milo: „Die bevlogenheid met politiek begrijp ik echt niet. Ik bewonder de Arabische tekstuele traditie en beschouw onze reconstructie die het gebruik van de klassieke tekstletter weer mogelijk maakte als een eerbetoon aan die letter. Terug naar het Gotische schrift? Onzin. Wij hebben gewerkt aan de Midden-Oosterse tegenhanger van de klassieke Romeinse letter. Ze moet eens beseffen wat Europese typografen doen. Die vinden écht geen alternatieve letters uit want die zou niemand kunnen lezen. In plaats daarvan brengen ze steeds kleine perfectioneringen aan in letters die al tien eeuwen geleden bestonden, de Latijnse minuskels. Als we het nou toch over de politieke boeg gooien: juist het Arabische schrift heeft geweldige concessies moeten doen aan Europese technologie. Ons team heeft het Arabische schrift bevrijd van die beperkingen.”

Milo benadrukt overigens dat met de techniek van Tasmeem ook zetsystemen voor moderne letters kunnen worden ontworpen: „Ik begrijp daarom de tegenstelling niet.”

Over één ding zijn Smitshuijzen en Milo het wel eens, de afgeplatte broodletter, zoals die nu in gebruik is in de Arabische wereld, is aan vervanging toe. Wie met een goed ontwerp de Arabische markt weet te veroveren slaat een mooie slag.

De eerste indruk is dat de letters van het project van Smitshuijzen wellicht geschikter zijn voor reclame dan als broodletter. Dat geluid klinkt tenminste bij een kleine steekproef onder Arabische bezoekers van de openbare bibliotheek in Den Haag waar een Irakees oordeelt: „Bruikbaar op de flap van een boek, ongeschikt als broodletter maar prima voor reclameteksten.”

Reclame en corporate design, voor bedrijven, is misschien ook wel de echte ambitie van de mensen rondom Smitshuijzen, die vooral uit de reclamewereld komen. De tentoonstelling El Hema zou een leuk opstapje kunnen zijn.

„Ik gun ze dat van harte”, zegt Milo, „maar laten ze het dan niet hebben over vrijheid van meningsuiting of ’het verbinden van Europese en Arabische culturen’ want daarmee heeft het niets te maken.”

Deel dit artikel