Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De plofkip is al honderden jaren oud

Home

KEES DE VRÉ

De discussie over de plofkip mag van recente datum zijn, het beest zelf liep al in de 17de eeuw rond. Al was er toen nog geen sprake van een heuse industrie met honderdduizenden kippen opgehokt in te kleine kooien. Het ging in de Gouden Eeuw meer om wat huisvlijt, om slechts een enkele in een soort mand vetgemeste huishoen, maar toch...

Het tijdschrift Historisch Nieuwsblad maakt er in zijn novembernummer van dit jaar gewag van. In een serie over het leven in de Gouden Eeuw is ditmaal het eten en drinken in die tijd aan de beurt.

Schaarste en spaarzaamheid hoorden toen bij het leven van alledag, schrijft het Historisch Nieuwsblad. Dat betekent wat brood als ontbijt. Meestal van rogge gemaakt. Alleen voor de rijken was er wittebrood, met kaas en boter. De warme maaltijd 's middags was vaak een met brood gebonden groentepap waarin snijbiet de hoofdrol vervulde. Ook zuring, spinazie en kervel gingen er wel in, gepaard aan een klont boter die de zaak wat energie gaf.

Vlees was luxe, maar dat kon je net als groenten zelf goed telen. De schrijver grijpt dan terug op het boek 'De verstandige kok, de rijke keuken van de Gouden Eeuw' van kookhistorica Marleen Willebrands. Zij schrijft op pagina 63 dat het huishoen werd vetgemest in een kooi met twee kleppen. Aan de achterkant kon de mest worden verwijderd. Aan de voorkant kon de kip haar kop erdoor steken om voer te pikken en te drinken. Het voer bestond uit gerst dat met suiker zacht was gekookt in melk of bier. Als drinken was er sterk bier zodat het beest van dronkenschap zich amper bewoog. 's Nachts werd een kaars gebrand boven de kooi zodat de kip wakker bleef en doorging met eten. In veertien dagen werd het dier daardoor verbazend vet. De bio-industrie heeft dus een lange geschiedenis, schrijft Willebrands.

"Het vetmesten van pluimvee was in de Gouden Eeuw niet eens zo nieuw. Volgens sommige boeken was het al in de 16de eeuw praktijk", licht Willebrands per telefoon toe. "De Hollanders stonden er in Europa om bekend dat zij kippen in zeer korte tijd konden vetmesten. Ook jonge gecastreerde hanen, kapoenen, moesten er veelvuldig aan geloven. Bovendien waren hun kammen een lekkernij, in pasteien vooral. Die hanenkammen komen in veel recepten voor."

Die kapoenen werden elk in kooien met een aantal naast elkaar gezet, vertelt Willebrands. "De kop en de staart staken door gaten uit het hok. Zij kregen in melk gekookte boekweit te eten. En als ze dat weigerden, werd geadviseerd van die boekweitpap vingerdikke pillen te draaien en die de kapoen letterlijk door de strot te duwen. Dat lijkt toch verdraaid veel op de productie van ganzenleverpastei!"

Van discussie over die praktijken was geen sprake. "Nee, dat heb ik nergens kunnen lezen. Men vond kip veel te lekker. Of het volksvoedsel was? Nee, niet echt. De boeren die die kippen vetmestten, verkochten ze. Dat bracht best wat geld op. De gegoede burgerij zal het hebben gegeten. In Amsterdam had je toen al een pluimveemarkt."

Vlees is eigenlijk tot aan de jaren zestig van de vorige eeuw een maaltijd voor de rijken gebleven. "Zeker. Ik herinner me nog wel uit mijn eigen jeugd dat vlees altijd iets feestelijks had. Dat kreeg je niet elke dag."

Deel dit artikel