Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De olieramp van Schoonebeek

Home

Alwin Kuiken

schoonebeek – - Nederland kent zijn eigen ramp met een oliespuiter. Niet op de zeebodem, zoals in de Verenigde Staten, maar in het Drentse Schoonebeek. Het dorp raakte hierdoor op 8 november 1976 bedekt onder een laag dikke olie.

Die maandagmorgen was er zo veel lawaai dat omwonende Johan Maatje (68) dacht dat de Russen kwamen. „Net het geluid van fluitketel, maar dan honderd keer zo erg.”

Maatje was één van vele dorpelingen die in het Schoonebeker olieveld werkten, het grootste van Nederland. In 1996 sloot de Nederlandse Aardolie Maatschappij (Nam) het veld, onlangs is weer begonnen met de oliewinning.

Toen Maatje om zes uur ’s ochtends geschrokken uit het raam keek en een enorme witte pluim zag, sloeg hij groot alarm. Een dertig meter hoge fontein van stoom, olie en zand spoot onder gigantische druk uit put nummer 457. De stoom die in Schoonebeek in de grond werd gespoten om de stroperige olie vloeibaar te maken, had een uitweg gevonden. Een noodklep die op 800 meter diepte de put had moeten sluiten, werkte niet.

Aanvankelijk leek het dorp een ramp bespaard te blijven, totdat de wind die ochtend draaide. In een oogwenk raakte Schoonebeek (toen 4000, nu 5500 inwoners) bedekt onder een laag olie.

Snel handelen was nodig, zegt Jean Marie Hubert van Engelshoven (79). Hij was van 1974 tot 1991 directeur van de Nam. „Schoonebeek was van een andere orde van grootte dan de ramp in de VS, maar het was geen spielerei. Het sociale leven werd totaal ontwricht.”

De directeur wilde met een hijskraan een naaldvormige afsluiter in de put laten zakken, maar hij had de stoomdruk onderschat. Het ding waaide weg als een lappenpop.

Na de mislukte poging werden de technici uit de centrale werkplaats van de Nam opgetrommeld. Onder hen bankwerker Toon Scherpen (75). Een tweede poging mislukte eveneens, vooral vanwege de hete stoom. „Veel collega’s hielden er brandwonden aan over. We besloten ons vast te maken met touw, zodat we niet in de straal terecht kwamen.”

Veertig uur nadat het gebulder begon, legde een zwaardere afsluiter de put het zwijgen op. „Ineens was het flop. Je kon een speld horen vallen, zo stil.”

En toen begon het grote opruimen. Drie maanden duurde het om de olie van de dakpannen te schrapen. Nog steeds zijn de inwoners vol lof over de aanpak van de Nam. Tot de plantjes in de moestuin aan toe werd alles vergoed. Na afloop kreeg iedereen een doos krakelingen. De totale schade bedroeg zo’n 10 miljoen gulden.

Van Engelshoven: „We hebben niet één rechtszaak gehad. Dat zal in de Verenigde Staten anders aflopen. Ik heb medelijden met de mensen die daar verantwoordelijkheid dragen. U kunt zich niet voorstellen wat een zorg dat is.”

Lees verder na de advertentie
1976: de put in Schoonebeek spuit stoom, olie en modder. (FOTO ANP )

Deel dit artikel