Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De mannenpil: nu of nooit

Home

Marjan Agerbeek

Mannen zouden te slordig en te onbetrouwbaar zijn om een anticonceptiepil te slikken. En daarom kwam die pil er maar niet. Maar in de jaren dertig werd hetzelfde over vrouwen geroepen. Nelly Oudshoorn, hoogleraar gender en technologie aan de Universiteit Twente, is ervan overtuigd dat de mannenpil er nu eindelijk wel komt.

Feministes in paarse tuinbroeken vroegen, nee eisten begin jaren zeventig de ontwikkeling van een 'mannenpil'. Waarom zouden alleen vrouwen opdraaien voor het dagelijks slikken van een hormonaal anticonceptiemiddel en de eventuele bijwerkingen moeten verduren? Nu, dertig jaar later, is de mannenpil er nog steeds niet. Hoe komt dat, vroeg Nelly Oudshoorn, hoogleraar gender en technologie aan de Universiteit Twente zich af. Ze begon in 1995 aan een onderzoek, dat uitmondde in een boek.

De ontwikkeling van een geneesmiddel kost doorgaans niet meer dan tien tot vijftien jaar. En dus is het opmerkelijk dat de mannenpil na dertig jaar nog steeds niet op de schappen van de apotheek ligt, aldus Oudshoorn. Deze week verschijnt bij de Amerikaanse uitgeverij Duke University Press het resultaat van haar onderzoek naar de oorzaken van de vertraging in The Male Pill. A biography of a technology in the making. Een verhaal over onwillige gynaecologen, onderbuikgevoelens van de farmaceutische industrie en een wijdverbreid beeld van mannen als onbetrouwbaar en zorgeloos.

Maar er is ook goed nieuws: De mannenpil komt eraan, en nu echt. Oudshoorn: ,,De kans dat de mannenpil binnen vijf jaar op de markt komt, is groter dan ooit. In 1998 heeft de farmaceutische industrie, de bedrijven Organon en Schering om precies te zijn, de mannenpil opgenomen in onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma's. Op dit moment wordt de pil bij grote populaties getest. Ik ben nog even bang geweest dat de mannenpil eerder op de markt zou zijn dan mijn boek, zo snel gingen de ontwikkelingen ineens. Maar het is nog steeds een boek over een technologie die er niet is.''

Dat de industrie 'om' is komt volgens Oudshoorn doordat er de afgelopen jaren meer aandacht is ontstaan voor het mannenlichaam. Ze wijst op de belangstelling voor Viagra, het middel dat erectieproblemen bij mannen aanpakt. Ook is er geen taboe op hormoonpleisters voor mannen op middelbare leeftijd: ze worden grif verkocht. Oudshoorn: ,,Nu de ontwikkeling van de mannenpil zover is gevorderd dat ie vrijwel zeker op de markt komt, is de industrie bang de boot te missen.''

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft sinds begin jaren zeventig een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de mannenpil. De WHO bracht wetenschappers bij elkaar en zorgde dat er hormoonpreparaten werden gemaakt voor onderzoek. Niet uit feministische motieven overigens, maar omdat ontwikkelingslanden als India en China dachten dat de mannenpil zou kunnen bijdragen aan geboortebeperking. De farmaceutische industrie kan, nu het de ontwikkeling van de mannenpil op zich heeft genomen, voortborduren op de kennis die in WHO-verband is opgedaan. Oudshoorn: ,,Er hoeft niet veel meer aan het prototype geperfectioneerd te worden. Ik durf te zeggen: als de mannenpil er nu niet komt, komt ie nooit meer.''

Het uitblijven van de mannenpil is vaak verklaard met de complexiteit van het mannenlichaam. Het lamleggen van die miljoenen zaadcellen zou een veel ingewikkelder technisch hoogstandje zijn dan het tegenhouden van één vrouwelijke eicel. Maar die mythe prikte Oudshoorn in het begin van haar onderzoek meteen door. ,,Al eind jaren zeventig was er een prototype van een mannenpil ontwikkeld, dat volgens dezelfde principes werkte als de vrouwenpil. Er waren bijwerkingen, zo hadden pilslikkers geen zin meer om te vrijen, maar dat kon worden opgelost door twee hormonen te gebruiken, net als bij de vrouwenpil. Als er op dat moment belangstelling was geweest vanuit de farmaceutische industrie, was de verdere ontwikkeling veel sneller gegaan.''

De farmaceutische industrie zag echter geen markt in de mannenpil. Er was immers al een vrouwenpil, dus waarom zouden mannen de pil gaan slikken? Bovendien betekende de mannenpil concurrentie met een eigen middel: de anticonceptiepil voor vrouwen. En dan speelde ook nog de angst voor schadeclaims, als gevolg van bijwerkingen. Die angst zat de farmaceutische industrie goed in de benen, want in de jaren vijftig en zestig waren er zelfs vrouwen overleden aan bijwerkingen van de anticonceptiepil.

Alhoewel de bereidwilligheid van de industrie een belangrijke factor is in de ontwikkeling van een nieuw middel, is het niet de enige, aldus Oudshoorn. Ook de wetenschap speelt een rol. In de wetenschap zijn kwesties van vruchtbaarheid en onvruchtbaarheid al meer dan een eeuw een vrouwenzaak. ,,Een mooi voorbeeld daarvan vond ik in een vruchtbaarheidskliniek in Kenia. Boven de deur hing een bord 'Verboden voor mannen'.''

Het gevolg van die gerichtheid op vrouwen is dat er geen deskundigheid is opgebouwd van mannenlichamen of geboortebeperking door mannen. Er is een wereldwijd wetenschappelijk netwerk van gynaecologen, vrouwenklinieken en laboratoria, maar geen evenknie voor mannenonderzoek. ,,In de jaren zeventig is wel de andrologie ontstaan, een nog steeds klein wetenschapsgebied dat zich op het mannenlichaam richt. Maar andrologen houden zich bezig met vruchtbaarheidsproblemen, niet met het tijdelijk onvruchtbaar maken van mannen. Dat vindt men niet interessant, niet high-tech genoeg.''

Wetenschappers die wel aan de ontwikkeling van de mannenpil wilden werken, ondervonden moeilijkheden bij het vinden van proefpersonen. ,,Proeven zijn een belangrijk onderdeel van een technische ontwikkeling, in dit geval vooral om bijwerkingen uit te sluiten. Bij het testen van de mannenpil ligt het voor de hand om proefpersonen te werven via de kanalen die door vrouwen worden gebruikt die aan anticonceptie doen, zoals vrouwenklinieken. In die klinieken komen immers ook vrouwen die het pil slikken moe zijn of last hebben van bijwerkingen. In plaats van een andere pil of een spiraaltje voor te schrijven, zou je vrouwen kunnen suggereren hun partner te laten meedoen aan een proef met de mannenpil.''

Maar gynaecologen hadden helemaal geen zin om daaraan mee te werken. ,,Ze waren bang hun klanten kwijt te raken.'' En dus moesten onderzoekers van de mannenpil een veel tragere weg nemen om aan proefpersonen te komen, waar ze bovendien geen verstand van hadden: het inschakelen van de media.

Volgens Oudshoorn zijn het wegblijven van de farmaceutische industrie en ontbreken van een wetenschappelijk netwerk onvoldoende verklaring voor het uitblijven van de mannenpil. Er is nog een derde factor: ,,Er is een culturele weerstand tegen de mannenpil, de pil sluit niet aan bij ideeën die we over mannen hebben. Dat idee is: Mannen zijn niet zorgzaam, die hebben het niet voor hun vrouw over om elke dag de pil te slikken of een injectie te halen. Mannen zijn onbetrouwbaar en slordig, die vergeten de pil. Tijdens mijn onderzoek ontdekte ik dat die denkbeelden mede ervoor hebben gezorgd dat de farmaceutische industrie de ontwikkeling van de mannenpil heeft laten liggen. Degene die bij Organon in Amerika de mannenpil in 1998 op de agenda heeft gezet, vertelde me dat voor zijn komst de ontwikkeling van de pil werd afgewezen omdat de degenen die erover gingen zich niet konden voorstellen dat ze zelf zo'n pil zouden nemen. Zakelijke argumenten telden niet.''

Ook de weerzin van gynaecologen om mee te werken aan proeven met de mannenpil berust deels op culturele weerstand, aldus Oudshoorn. ,,Zij denken dat vrouwen de macht over de anticonceptie niet uit handen willen geven. Dat zij dat zien als hun expertise en dat dat zo moet blijven.''

Dat die beelden niet kloppen, blijkt uit de reacties van proefpersonen die meededen aan tests met de mannenpil. ,,Ik heb mannen geinterviewd in allerlei landen, Engeland, Amerika, Afrika, Australië en Nieuw Zeeland. Allemaal waren ze, hun partners ook, teleurgesteld dat ze na afloop van de test niet konden doorgaan met het gebruik van de mannenpil. Ditzelfde trof ik aan in verslagen van tests van de WHO.''

Oudshoorn wijst erop dat bij de ontwikkeling van de vrouwenpil, die in de jaren dertig begon, er ook sprake was van culturele weerstand. ,,In die tijd waren mannen verantwoordelijk voor de anticonceptie. Zij moesten de condooms kopen, dat deden vrouwen niet. Dus mannen waren beducht voor de vrouwenpil. Ze vroegen zich af: als mijn vrouw zegt dat ze de pil slikt, is dat dan wel zo? Is ze hem dan niet vergeten? Pas in de jaren vijftig, toen de pil op de markt kwam, veranderde het beeld naar: vrouwen zijn verantwoordelijk, mannen zijn niet te vertrouwen.''

Welke verandering van het mannenbeeld er zal optreden na introductie van de mannenpil valt nog te bezien, maar dat er een 'Nieuwe Man' zal opstaan, staat voor Oudshoorn vast. ,,Misschien komen er betrouwbaarder, zorgzamere mannen. Dat zou een mooie bijwerking van de mannepil zijn.''

Belangrijker is dat paren in de toekomst kunnen kiezen uit een breder aanbod van voorbehoedmiddelen, vindt Oudshoorn. ,,Afhankelijk van je levenssituatie kies je het middel dat bij je past. Waarschijnlijk is de mannenpil interessant voor stabiele relaties, waarin de vrouw de pil zat is of last heeft van bijwerkingen en waarin beiden een condoom geen alternatief vindt. Ook is het denkbaar dat stellen die geen kinderen meer willen, maar sterilisatie te definitief vinden, op de mannenpil zullen overgaan. Hoe dan ook: de mannenpil zal in veel relaties leiden tot nieuwe onderhandelingen over wie waarvoor verantwoordelijk is.''

Deel dit artikel