Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De levenslessen van ontwerper Daan Roosegaarde: Soms zeggen mensen: kan niet. Dan zeg ik: kan wel

Home

Flip van Doorn

Kunstenaar Daan Roosegaarde. © Merlijn Doomernik
Levenslessen

Trouw vraagt wekelijks een bekende of minder bekende Nederlander: welke levenslessen heeft u geleerd? Deze week: ontwerper Daan Roosegaarde (38). Hij kan alleen gloriëren als hij geen belemmeringen voelt. Met zijn nieuwe project ‘Space Waste’ wil hij ruimteafval gaan opruimen.

1: Vraag niet om toestemming, zeg wel sorry

Lees verder na de advertentie

“In Amersfoort was ik vrijwilliger in het Mondriaanhuis. Na sluitingstijd pakte ik boeken met zijn artikelen en ging zitten lezen in zijn Parijse atelier, dat daar is nagebouwd. Vijftien was ik, en het voelde of ik echt in zijn studio zat. Die Mondriaan-ervaring heeft mij gemaakt, gevormd. Het verlangen een plek te creëren, je ogen dicht te doen en daar echt te zijn. Niet veel later moest ik een opleiding kiezen. Dat voelde zo beperkend. Je hebt diversiteit in je, maar je wordt door een systeem gereduceerd tot een keuze. Het is gewoon een leugen.

Ik wilde iets doen met kunst, met reizen, met technologie en ook ondernemen en dat maakte iedereen een beetje nerveus. Twee weken lang zijn decanen en psychologen met mij aan de slag geweest. Beroepskeuzetest na beroepskeuzetest. Na afloop was de conclusie: ‘Daan, wat jij wilt, bestaat niet.’ Dat is heel deprimerend. Je bent zestien en de wereld zegt gewoon ‘nee’ tegen je. Onzin. Daarop besloot ik het zelf te gaan doen. Dikke doei! Gewoon doen, leren met de beste bedoeling. Niet wachten op een akkoord. En als het misgaat, zeg je sorry. Opnieuw beginnen en bijsturen.”

Twee weken lang zijn decanen en psychologen met mij bezig geweest wat ik moest worden’

2: Je moet leren loslaten om te leren groeien

“In het begin deed ik alles zelf. Ik heb zelf gelast, ik heb zelf Photoshop geleerd, ik heb zelf de boekhouding gedaan. Nu omring ik me met mensen die bepaalde dingen beter kunnen dan ik, zodat ik kan doen waar ik goed in ben. Het creatieve vermogen in anderen wil ik lospeuteren en onder druk zetten. Een idee is een smaak in de mond waarvan je de ingrediënten nog niet kent. Ik moet me eraan overgeven, er een soort vrijwillige gevangene van zijn. Vanuit het idee verzamel ik expertise, gebruik ik mijn ervaring, mijn intuïtie. Ik zet experts in, andere mensen. Ik wil alles horen, de goede en de slechte dingen, de praktische en de poëtische.

Je moet heel veel ‘nee’ zeggen om die goeie ‘ja’ te krijgen, ook voor jezelf. En op een gegeven moment filter je: hier laat ik me wel door bepalen en hierdoor niet. Soms zeggen mensen: dat kan niet. Dan ageer ik en zeg: het kan wel. Ik ben een maker die gedreven wordt door dromen. Dat proces is veel dienstbaarder dan je zou denken. Het is niet ‘Daan heeft een idee’ en dan krijg ik een briefje van God. Het is veel interactiever.”

3: Een robot is niet creatief

“Waarom staan er in een mierenhoop geen files? Hoe kan een vlinder een kleur hebben die niet verbleekt? Daar ben ik nieuwsgierig naar. Als kind zag ik hoe een kalfje wordt geboren. Even is zo’n beestje beduusd, dan staat het op en gaat eten. Meteen die actie. Ik was vijf of zes en dat maakte heel veel indruk. De kracht van de natuur fascineert me en dat zie je steeds meer opduiken in onze projecten.

Afval bestaat niet. Wat kunnen we ermee doen? We moeten onze technieken gebruiken om toekomstbestendig te zijn. Creativiteit, intuïtie, kritisch denken: dat zijn dingen waar een mens goed in is en die computers en robots nauwelijks beheersen.

Op het Dudok-monument op de Afsluitdijk staat een uitspraak van de ontwerper, Cornelis Lely: ‘Een volk dat leeft, bouwt aan zijn toekomst.’ Dat zit in het DNA van Nederland. Daar moeten we ons kompas opnieuw op afstemmen en dat mis ik in het Nederland van nu. Iedereen is bang. Ik ook, er kan heel veel fout gaan. Maar ik ben ook nieuwsgierig. Die twee krachten zijn er in het leven en ze vullen elkaar aan.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding

© Merlijn Doomernik

4: Als we het kunnen maken, kunnen we het ook fixen

“Ik ben nu met ruimteafval bezig, het project ‘Space Waste’. Er zweven 29.000 objecten van het formaat van een baksteen door de ruimte. De smog van het universum, eigenlijk. Als wij dat probleem hebben veroorzaakt, moeten we het ook oplossen. Ik begin gewoon, samen met mijn medewerkers. Praten, visualiseren, indexeren. Niemand weet het antwoord. Nasa, Esa, SpaceX, ze hebben geen idee, maar ze hebben er wel belang bij.

Het is natuurlijk heel raar dat we luchtvervuiling accepteren, of afval. Dan kunnen we twee dingen doen. We kunnen boos en verdrietig in een hoekje gaan zitten huilen en iemand anders de schuld geven. Of we kunnen zeggen: we moeten onszelf eruit ontwerpen. Want hoe de aarde nu is, is slecht design.”

5: Over 100 jaar zijn we allemaal dood

“Je kunt jezelf niet kietelen, dat is heel fascinerend. Maar als ik jou probeer te kietelen, werkt het wel. Daarin zit de essentie van innovatie, van dingen maken. Je moet elkaar kietelen. Als je daar te ver in gaat, dan werkt het niet of snapt niemand het. Ik kan een heel verhaal houden over Utopia en zwevende auto’s, de wereld over honderd jaar, maar niemand kan dat checken.

De vraag is wat er gebeurt in de komende vijf, tien, twintig jaar. Het is veel moeilijker, maar veel spannender ook om je daarin te begeven. De spanning tussen wat je wilt en wat er kan, is een creatief proces. Ik kan een park maken met schone lucht. Dat is mijn domein. Dat doen we dan ook. Van onderaf, de wereld een beetje kietelen. 

Ik kan overheden uitdagen te investeren in elektrische auto’s en groene energie. De oude economie gaat over geld en tijd, terwijl de nieuwe economie gaat over schone lucht, schone energie en schoon water. We zitten in die transitie. En dat betekent dat de bestaande structuren, de bestaande regels en de bestaande wetgeving niet meer werken. Wat is de prijs van schone lucht? Wie bepaalt dat eigenlijk? We weten niet hoe we die nieuwe waardes moeten waarderen. En daardoor zijn onze projecten nog steeds de uitzondering, in plaats van de nieuwe standaard.”

6: Het Westen kan nog veel leren

“We willen een betere wereld. Dat is een collectief gegeven. Maar tegelijkertijd is er ook een ik. Ik doe het omdat ik het graag wil. Ik doe het omdat ik naar buiten kijk en die wereld niet meer snap. Fijnstof, een stijgende zeespiegel, ik snap het gewoon niet. Dus ik maak die dingen voor mezelf behapbaar. Ik word gedreven door het wij-gevoel, maar er moet ook een ik-gevoel zijn. Dat houd je drijvend. Soms geef ik veel lezingen, het wij-gevoel. En soms kruip ik in mijn ruimte en ga ik gewoon iets doen omdat ik dat wil. Schijt aan de rest.

Nederland is creativiteit, China is doen, geloven en bouwen

Ik kom veel in China. Daar denken ze vanuit de collectiviteit. Het individu vinden ze minder belangrijk. Dat is een ander gevoel van geluk dan in Europa, een andere invulling van het leven. Niet slecht of goed, maar anders. Daar ligt iets wat ik wil begrijpen. Ja, democratie en vrijheid van meningsuiting zijn daar in ontwikkeling. Maar in Nederland lopen we over alles te zeuren, dat heeft niets met kritisch denken te maken.

De kracht van Nederland is creativiteit, anders kijken en anders denken. De kracht van China is doen, geloven en ook bouwen. Daarom is het heel interessant om half daar en half hier te zijn. Geef ik op een zondagochtend om negen uur een lezing aan de universiteit van Peking, dan zitten daar negenhonderd studenten. Allemaal wakker, goede vragen. Dat moet je eens in Nederland proberen, in Europa. Als ik in Europa projecten doe, vragen ze altijd: weet je zeker dat je het vaker hebt gedaan? Risicomanagement. In China vragen ze: weet je zeker dat je de eerste bent?”

7: Stel jezelf de juiste vragen

“Toen we de opdracht kregen ‘Icoon Afsluitdijk’ te maken, spraken we meteen af niets toe te voegen. Kijk wat er al is, en versterk dat. Het duurde vier maanden voordat we de juiste vraag stelden. Welk licht is er al? Op het moment dat we die vraag hadden geformuleerd, ik zweer het je, hadden we binnen twee dagen het ontwerp klaar. We gebruiken het afval van de koplampen van auto’s, de Lichtpoorten op de Afsluitdijk reflecteren het.

Je kunt dat wel definiëren als een eureka- moment, maar je bereikt het door al die proto-types en door de mislukkingen die eraan voorafgaan. Ik denk wel dat we echt impact maken. Er is geen gebrek aan geld of technologie in deze wereld, maar een gebrek aan verbeelding. Het is mijn werk om die verbeelding aan te zwengelen.

Vorige maand hebben we het project ‘Waterlicht’ vertoond bij de gebouwen van de VN in New York: een virtuele overstroming waarin we de gevolgen van een stijgende zeespiegel visualiseren. Bam, heel confronterend. Juist daar. Het draait bij de VN allemaal om woorden, praten, en dan laten wij de kracht van de verbeelding spreken. Misschien is dat wel het beste van die combinatie van kunst, design en architectuur. De aarde is mijn canvas, ik ga erop tekenen. En daarmee verandert de perceptie van wat wel en niet realiteit is, of wat wel en niet normaal is. Dat doe je door dingen te maken. Niet dromen, maar maken.” <<

Daan Roosegaarde

Innovator, noemt Daan Roosegaarde zich, in 1979 in Nieuwkoop geboren als Daniël Ferdinand Roosegaarde Bisschop. In 2003 studeerde hij cum laude af aan de Academie voor Kunst en Industrie in Enschede. Drie jaar later begon hij Studio Roosegaarde, de Droomfabriek waar hij met een team van ontwerpers en technici zijn ideeën vormgeeft. Bekendheid kreeg hij met het Van Gogh-fietspad bij Nuenen, de ‘Smog Free Tower’, ‘Waterlicht’ en - recentelijk - ‘Icoon Afsluitdijk’. Met een volgend project, ‘Space Waste’, wil hij ruimteafval gaan opruimen. Over de hele wereld geeft Roo-segaarde colleges, lezingen en Ted-talks.

Lees hier meer levenslessen. 

Deel dit artikel

Twee weken lang zijn decanen en psychologen met mij bezig geweest wat ik moest worden’

Nederland is creativiteit, China is doen, geloven en bouwen