Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De levenslessen van auteur Arjen van Veelen: ‘Ik benijd de mensen die zijn opgevoed met zelfvertrouwen’

Home

Ally Smid

© Merlijn Doomernik
Levenslessen

Journalist en auteur Arjen van Veelen (37) schreef een roman over een vriendschap en de rusteloze tijdgeest van zijn generatie. Hij bedenkt rituelen om zich teweer te stellen tegen het jachtige leven. ‘Een app op mijn telefoon zegt om tien uur ’s avonds: maak aanstalten, het is bedtijd.’

Les 1 - Slaap, slaap, slaap!

Lees verder na de advertentie

“Vorige week vloog ik naar de VS op en neer. Toen merkte ik hoe heerlijk het is om in een vliegtuig te schrijven, zonder internet, een stuk moest af en ik kon dus niet googelen, laptop op schoot op een veel te krappe stoel. Ik was sinds tijden weer eens supergeconcentreerd, en even niet rusteloos. Om mijn essays en zaterdagcolumn voor NRC Handelsblad te kunnen schrijven, let ik de hele week op al het nieuws en hoe daarop gereageerd wordt. Ik sta de hele tijd aan. Afgelopen nacht moest ik er een paar keer uit voor mijn zoontje van twee, dan is mijn scherpte die dag erna weg.

Wat bij mij niet meehelpt om helder te blijven, is dat ik ogen met een verschillende sterkte heb: -3 en -7. Mijn ogen kunnen niet samenwerken, en als ik te kort slaap, gaan ze elk hun eigen gang. Dan maken ze twee plaatjes. En dat wordt erger als ik een bril op heb, daarom draag ik liefst lenzen, maar dat kan ook niet de hele dag. Als ik als kind een lapje voor mijn oog had gehad, had ik dit nu niet, maar die afwijking is niet opgemerkt.

We waren vroeger thuis met zeven kinderen en ik ben niet zo’n prater. Die twee plaatjes die ik zie, dat enerzijds anderzijds, speelt me ook parten als ik columns schrijf. Ik een keer lekker kort door de bocht iets beweren? Vergeet het. Ik geef mijn ogen daarvan de schuld, die letterlijk allebei iets anders zien, ook andere kleuren. Niet groen en rood, maar het ene lijkt gefilterd. Het leidt af.

Ook mensen zonder zo’n oogafwijking zijn rusteloos en gestrest merk ik, mensen met leuke banen zie ik gewoon omvallen. Ik schrik daarvan. We slapen met z’n allen minder diep en gemiddeld een uur minder dan tien, twintig jaar geleden, en van moe zijn krijg je stress. Een app op mijn telefoon zegt nu rond een uur of tien ’s avonds: over een half uur moet je slapen, maak aanstalten, het is bedtijd… Het op mijn knieën bidden voor mijn bed wat ik als kind deed, is bij mij nu mediteren geworden. Slaapwetenschappers zeggen dat dat echt helpt.

Ik heb nu een wake-up-light gekocht, zo’n toverlamp die aanstaat bij het ontbijt, waarmee ik een dosis zomer in mijn gezicht krijg

Zeg, ik predik dit allemaal, maar ik houd me er zelf helaas niet vaak aan, ha! Ik heb nu een wake-up-light gekocht, zo’n toverlamp die aanstaat bij het ontbijt, waarmee ik een dosis zomer in mijn gezicht krijg. Je zet het bioritme ermee in gang. Maar het placebo-effect is voor mij ook goed, echt, het helpt.”

Les 2 - Heb meer dan één goede vriend

“Deze tijd van het jaar herinnert me altijd aan de plotselinge dood van mijn vriend, schrijver Thomas Blondeau, vier jaar geleden. Mijn vrouw (Rosanne Hertzberger, AS) en ik zouden op een dag met Thomas gaan eten om hem te bedanken voor de geweldige manier waarop hij ons als bijzonder ambtenaar had getrouwd. Maar hij zegde de afspraak af, had last van zijn rug, dacht aan een hernia en ging naar zijn ouders, maar er bleek een hartslagader op springen te staan. Mijn roman is bedoeld als een monument voor mijn jarenlange vriendschap met hem, maar gaat ook over iets universelers. Het is een boek over de rusteloze tijdgeest van een generatie, over het ieder voor zich uitvinden van rituelen die je het leven door helpen.

Achteraf gezien had ik wat die vriendschap betreft meer aan risicospreiding moeten doen, maar zo werkt het niet. Vanaf mijn studietijd in Leiden ging ik heel intensief met hem om. Hij begreep me. ‘In zijn Mercedes was ik onsterfelijk’, laat ik de hoofdpersoon in mijn boek zeggen, en zo voelde het ook. Als zo’n vriend wegvalt, is dat eenzaam. Kort na zijn dood ben ik naar Amerika gegaan. Mijn vrouw had daar - in St. Louis, Missouri - een onderzoeksbaan op de universiteit. Ik zat thuis, met de kat, om te schrijven. Ik was er anoniem, had geen netwerk. Ik skypte wel met vrienden in Nederland, maar die verschillende tijdzones verpestten het: de een zit aan het bier, terwijl jij net aan de dag begint. Daardoor was het gemis wel groter.

Thomas was eigenlijk mijn nieuwe god. Op mijn vijftiende dacht ik al: deze religie waarin ik ben grootgebracht, deze gereformeerde-artikel 31-kerk geloof ik niet meer. Maar ik zag het afscheid van het geloof niet als een bevrijding. Moet je nagaan, ik had als kind een heel wereldbeeld met alles erop en eraan, inclusief een leven na de dood! Dat liet ik me niet zomaar afnemen. Ik probeerde dus heel hard te blijven geloven, terwijl Thomas mij een snelcursus heidendom gaf, me muziek leerde die ik niet kende, en vond dat ik meer in mijn mars had dan ik liet zien. Van hem mocht ik ook geen leraar blijven, wat ik even was. Mijn ouders prentten ons altijd in dat we ons niet groter moesten maken dan we waren. Ik benijd de mensen die zijn opgevoed met zelfvertrouwen.

Ik had als kind een heel wereldbeeld met alles erop en eraan, inclusief een leven na de dood! Dat liet ik me niet zomaar afnemen

Met Thomas was er sprake van wederzijdse genegenheid, een man crush, heel intens, maar geen verliefdheid. Een man bij wie ik graag in de buurt wilde zijn, een onbaatzuchtige, grappige en slimme Vlaming. We brachten heel veel uren samen door, soms had ik spierpijn van het lachen. Ik deed dan ook negen jaar over mijn onzinstudie klassieke talen. Die ik overigens elke maand nog aan het afbetalen ben.”

Les 3 - Geef mij maar Rotterdam

“Thomas en ik hielden ervan op Amsterdam af te geven toen we er woonden. Ik haat dat ons-kent-ons, dat in het verkeer ook voor niemand opzijgaan. Was het niet Hugo Claus die zei dat hij naar Gent was verhuisd omdat hij daar tenminste kon werken, terwijl hij in Amsterdam alleen maar schrijver zat te spelen? Weet je dat er in Amsterdam boeken in etalages van spijkerbroekenwinkels liggen, waar de broeken extra duur zijn omdat ze geassocieerd worden met literatuur? Het is nog steeds de culturele place to be, maar de cultuur wordt er ingekapseld door het grootkapitaal. Oké, nu sla ik door.

Den Haag, waar ik nu woon, is al prettiger, maar heel gesegregeerd: rijken bij de rijken, armen bij de armen. Je hebt er een volkse witte buurt, een witte kakbuurt, de zwarte Schilderswijk… Ik vertrek met mijn gezin binnenkort naar een huis met tuin in Rotterdam, waar mijn vrouw en ik allebei vandaan komen.

Ik woonde als kind in deelgemeente Overschie, in een arbeidershuisje in een wijk waar iedereen nu geloof ik PVV stemt, ik sliep met twee broers in een klein kamertje. De vrijgemaakt-gereformeerde basisschool in de Tarwewijk was de enclave voor alle vrijgemaakte jongetjes en meisjes in de regio Rotterdam. Wij fietsten elke dag door de Maastunnel naar Zuid heen en weer voor dat juiste onderwijs.”

De boeken die bij ons thuis stonden: De Bijbel, een encyclopedie en 'Dokter Zjivago'

Les 4 - Kies een ‘rechtse’ partner als je ‘links’ bent

“Door mijn achtergrond heb ik meer sympathie voor mensen die omhoog moeten klimmen. Mijn vader was administrateur in een fabriek, klom pas veel later op tot accountant, en mijn moeder stopte met haar geneeskundestudie toen ze ons kreeg. Welke boeken we thuis hadden? De Bijbel, een encyclopedie ja, ‘Dokter Zjivago’, en dat was het wel. Maar als je elke week een stuk bijbeltekst uit je hoofd moet leren, is dat een geweldige oefening voor het schrijven. In die zin stond ik niet op achterstand, hoewel ik heb nooit het idee heb gehad dat de wereld aan mijn voeten lag, dat was meer iets voor anderen.

Ik zou het liefst PvdA stemmen, als dat niet zo’n rare partij was geworden. Het idee van jezelf op eigen kracht uit de modder omhoog trekken, wat in Amerika de leus is, en in Nederland nu ook, is flauwekul. Daar word ik kwaad om. Maar het is natuurlijk ook jaloezie, klassenjaloezie, je bent gewoon langer onderweg. En je hebt er dan echt hulp en contacten bij nodig. Weet je dat Albert Camus een bedankbrief schreef aan zijn oud-leraar in Algerije die hem ooit hielp naar een betere school te gaan? Ik heb nog geluk, ik ben in Nederland geboren, heb goed onderwijs gehad, ik kon studeren, geld lenen, ik ben wit, een man. In Amerika heb je pech als je van onderop komt.

Mijn vrouw denkt anders dan ik, dat is thuis heel verfrissend. Zij is een bèta, microbiologe, haar proefschrift is abracadabra voor mij. Zij komt uit een Joods, hoogopgeleid milieu. Ze heeft aandelen, ik niet. Zij las Elsevier toen ik haar leerde kennen. Ik Vrij Nederland. Daar was ik in het begin wel geschokt door, ook door dingen die ze zei. Nu niet meer, misschien is het gewenning of we groeien een beetje naar elkaar toe.

Links zijn is heel makkelijk als je hele omgeving ook zo denkt, ik zie dat aan mijn Facebook-tijdlijn. Het is preken voor eigen parochie wat de klok slaat. Volkomen oninteressant, applaus in eigen kring. Aan de andere kant is het links-rechts-verschil nu in Nederland nog maar marginaal. Het verschil is vooral of je populistisch bent of niet.”

Les 5 - Wees een goede leraar of ga iets anders doen

“In Amerika gaf ik onverwacht een gastles aan kinderen in een straatarm stadje aan de Mississippi waar ik was om een verhaal te maken, ze hingen aan mijn lippen, wilden alles weten over Nederland. Ik dacht: dit is zoveel bevredigender dan het stuk dat ik hierover straks ga schrijven. Ik was begin twintig toen ik een jaar Latijn en Grieks heb gegeven op een Rotterdams gymnasium.

Ik was te aardig, studeerde nog. Ik durfde niet streng te zijn, ook omdat mijn kennis niet groot genoeg was, ik liep maar één hoofdstuk voor op die leerlingen. Als je niet boven de stof staat, hebben leerlingen dat door. En ze kiezen niet voor die dode talen, ze kiezen voor die goeie school. Ik was ook bang in die lerarenkamer voor die oudere, gediplomeerde docenten. Later ontdekte ik dat er meer charlatans rondliepen, zoals theologen die Grieks gaven. Ik koos uiteindelijk toch voor het schrijven.”

Les 6 - Iedereen snakt naar saamhorigheid

“Ik snap het niet, waarom zijn mensen in Nederland zo boos? Omdat ze rijker willen zijn? Waarom vroeger dan niet? Wij hadden thuis niet altijd geld om met vakantie te gaan. Mijn ouders werden daar niet boos om, ik denk door hun geloof en de gemeenschap waarin ze zaten. Je ziet dat de boosheid, het populisme het sterkst zijn in de ontkerkelijkte gebieden. Populisten bieden saamhorigheid en identiteit en daar snakken mensen naar. Op dit moment bieden andere partijen dat niet. Dat vacuüm zie je alleen tijdelijk minder worden door zo’n Anne Faber-zaak of MH-17. Maar we kunnen niet wachten tot er weer zoiets tragisch gebeurt om dat gevoel te hebben.

Op veel basisscholen heb je dat gezamenlijke nog, met kinderen van verschillende niveaus, uit verschillende milieus. In een kerk ook. En op sommige voetbalclubs.

Ik overweeg me aan te melden bij de Nationale Reserve, als deeltijdbaan

Ik overweeg me aan te melden bij de Nationale Reserve. Dat ga je ook om met mensen uit verschillende lagen van de bevolking. Het is een betaalde deeltijdbaan, vergelijkbaar met de vrijwillige brandweer. Je wordt opgeroepen als er een ramp is, zoals een dijkdoorbraak. Je moet een training volgen, een paar keer per jaar, tenzij je al militair bent geweest. Ik zat nooit in dienst, nee. Je krijgt allemaal testen, of je psychisch en lichamelijk geschikt bent. Ik wil dit echt, heerlijk met één been buiten die journalistieke literaire wereld.”

Les 7 - Haal niet alles uit je leven

“Ik vind zondag nog steeds een lastige dag. Idioot, ik mocht als kind niets doen: geen huiswerk, geen voetbal, niet zwemmen. We gingen twee keer per zondag naar de kerk, en ik had eens in de twee weken op zondagavond bijbelstudie in de kerk en op woensdagavond catechisatie. Ik kende heel lang geen mensen van buiten onze kerk. We hadden voor mijn twaalfde geen tv. Op mijn radiootje luisterde ik stiekem naar Radio Rijnmond hoe Feyenoord het deed. En bij een aardige buurvrouw keken we naar ‘Lassie’ en ‘Flipper’.

Dat geloof gaf een ritme in de week. Nu zorgt mijn zoontje voor ritme. Het is belachelijk, want ik moet hem juist ritme geven. Maar ik ben zeer blij dat hij bestaat. Wat ook helpt is de app Freedom op mijn telefoon, wat het tegenovergestelde van ‘vrijheid’ is, want je zet internet ermee uit. Zo kan ik rustig werken of een boek lezen. Dat lukt me anders niet.

Zondag blijft een halfslachtige dag. Op zondagmiddag windt iedereen zich al op over wat er morgen moet gebeuren. Ik wil dat er één dag heilig is, er zijn al zo weinig dingen heilig. Ik ben dus jewish by association, we vieren de sabbat niet echt, maar steken wel regelmatig op vrijdagavond sabbatkaarsjes aan, en we proberen op zaterdag internet uit te laten. Minder naar onze schermen te turen. Heel verademend.

‘Alles uit je leven halen’ is het motto van deze tijd, maar niemand die tegen je zegt: stop eens. Weet je wie pas rusteloos was? Alexander de Grote, de koning van Macedonië, die in mijn roman figureert. Op z’n dertigste had hij zo’n groot rijk, en hij ging maar door met veroveren.”

Arjen van Veelen

Arjen van Veelen (Rotterdam, 1980) is schrijver en journalist. Hij studeerde klassieke talen in Leiden. In NRC Handelsblad publiceert hij wekelijks een beschouwende column over media en cultuur. Ook schrijft hij essays, reisverhalen en reportages voor de Correspondent. Zijn vorige boek ‘En hier een plaatje van een kat’ werd bekroond met de Jan Hanlo Essayprijs Groot 2015. Onlangs verscheen zijn roman ‘Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken’ (De Bezige Bij, € 19,99). Hij werkt nu aan een essayboek over zijn ervaringen in St. Louis, Missouri, VS, waar hij correspondent was voor o.a. ‘Nieuwsuur’, Radio 1 en de Correspondent. Van Veelen woont met zijn vrouw Rosanne Hertzberger (die in juli bij de VPRO Zomergast was) en hun zoon in Den Haag.

Lees hier eerdere afleveringen van Levenslessen



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Ik heb nu een wake-up-light gekocht, zo’n toverlamp die aanstaat bij het ontbijt, waarmee ik een dosis zomer in mijn gezicht krijg

Ik had als kind een heel wereldbeeld met alles erop en eraan, inclusief een leven na de dood! Dat liet ik me niet zomaar afnemen

De boeken die bij ons thuis stonden: De Bijbel, een encyclopedie en 'Dokter Zjivago'

Ik overweeg me aan te melden bij de Nationale Reserve, als deeltijdbaan