Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De leegstand van kantoren daalt, maar niet structureel

Home

Jeannine Julen

Nog steeds staat er enorm veel kantoor en bedrijfsruimte leeg. Ook hier op een bedrijventerrein in Deventer. © Hollandse Hoogte / Stijn Rademaker

De leegstand op de kantorenmarkt liep het afgelopen jaar met bijna acht procent terug. Toch is het einde van die treurige, langs de snelweg gesitueerde panden met grote ‘te huur’-borden nog niet in zicht, concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in een vandaag gepubliceerd rapport. 

Sterker: ook als de economische groei blijft aanhouden, zijn er over ruim dertig jaar niet zoveel kantoorpanden nodig als nu in Nederland staan. Dat is een ontwikkeling die zijn oorsprong vindt vlak na de eeuwwisseling. Toen de internetbubbel knapte, zochten beleggers alternatieve beleggingen zoals de kantorenmarkt op. Die kantoren blijven rendabel, was lang de gedachte.

Lees verder na de advertentie

“Ook tijdens de crisis dachten beleggers dat de leegstand zou dalen als de economie weer aantrok. Maar nu is de hele markt er wel van doordrongen dat de voorraad aan kantoorruimte te groot is”, legt PBL-onderzoeker Edwin Buitelaar uit.

Tegelijkertijd gaven gemeenten die gretige vastgoedbeleggers nog een zetje in de rug door hun grond aan hen te verkopen om kantoorpanden op te bouwen. Buitelaar: “Daar hadden ze zelf ook baat bij. Commercieel vastgoed werd gezien als een zogenoemde kostendrager. Zaken als groenvoorzieningen en infrastructuur werden er deels door bekostigd.” En ook projectontwikkelaars pikten een graantje mee, zegt de onderzoeker. Want zolang vastgoedbeleggers kantoorpanden bleven zien als een goede investering, bleven projectontwikkelaars ze bouwen.

Leegstandspiek

Het resulteerde twee jaar geleden in een leegstandspiek van 17,5 procent. Aanzienlijk hoger dan zeventien jaar geleden, toen slechts vier procent van de kantoorpanden geen huurder kende.

Ook op internationaal vlak scoort Nederland niet al te best, toont onderzoek van bankengroep BNP Paribas. Het scheelt niet veel of Amsterdam kampt met 13,6 procent van alle grote Europese kantorenmarkten met de grootste leegstand. Alleen het Poolse Warschau torent boven de hoofdstad uit met 15 procent aan lege kantoorgebouwen.

Maar het tij lijkt te keren. Provincies trappen steeds vaker op de rem. En ook beleggers zien meer heil in andere vastgoedobjecten. Zo staken ze in 2007, vlak voor de crisis, nog ruim 7 miljard euro in nieuwe kantoorpanden. Begin dit jaar lag dat bedrag ­alweer bijna twee miljard lager. Veel populairder wordt het om te investeren in de vrije sector. Ook beleggers is het opgevallen: aan huurwoningen vanaf 710 euro is vooral in grote steden een schreeuwend tekort. Andere alternatieven zijn hotels en zorginstellingen.

Winkels

Dan de nuance: een kantoorpand zonder huurder is niet per definitie een maatschappelijk probleem. Misschien wel voor de eigenaar die zijn inkomsten ziet krimpen. Maar een leeg kantoor zorgt niet voor meer leegstand in de omgeving. “Dat is in een winkelgebied anders. Staan er twee winkels leeg, dan loopt het winkelend publiek terug en komen er meer winkels leeg te staan”, legt Buitelaar uit.

Hij ziet zelfs nog een voordeel: meer parkeerruimte voor andere kantoorgebruikers in de buurt. Wordt zo’n leeg kantoor ook nog eens goed onderhouden, dan hoeft het ook niet te leiden tot verloedering van de omgeving, blijkt uit de studies. Buitelaar: “Het is een soort pavlov-reactie om te roepen: leegstand, daar moeten we wat aan doen. Maar een gemeente kan het gemeenschapsgeld soms beter ergens anders in steken.”

Al die lege panden dan maar laten voor wat ze zijn? Buitelaar verwacht niet dat dat de toekomst zal zijn. Tochtige, verouderde panden zullen worden gesloopt. En prestigieuze instituten als het Europees Medicijn Agentschap dat naar Amsterdam verhuist, krijgen waarschijnlijk een spiksplinternieuw pand. En de minder verouderde exemplaren die met grote te-huur-borden aan de stedelijke randen een stille dood sterven? Die worden hoogstwaarschijnlijk omgebouwd tot woning. Vooral in grote steden waar de woningmarkt onder druk staat. 

Deel dit artikel