Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De last van een verboden liefde

Home

Door van der Wiele

De 28-jarige Saloua heeft een Nederlandse partner, maar zij durft hem niet mee naar huis te nemen.

Net als veel Marokkaanse jonge vrouwen verkeert ze in een spagaat tussen de normen van het Rif-gebied en de vrijheden van haar geboortestad Amsterdam.

Aan het einde van een geslaagde eerste date, bracht Arend Saloua te voet naar het Amsterdamse Centraal Station. Bij het naderen van het station droogde haar vrolijke woordenvloed van die avond op.

Binnen in haar rinkelden alarmbellen. Haar twee broers gaan ieder weekeinde stappen en pakken rond deze tijd de metro. Op veilige afstand van het station bedankte zij Arend voor een leuke avond en rende weg. Hij keek haar verbluft na. Daar, op dat kruispunt, wist Saloua de twee culturen waarin zij leeft niet te combineren. Thuis bij haar moeder gelden de normen van het Marokkaanse Rif-gebergte van dertig jaar geleden. Tot op zekere hoogte is ze de dochter die doet wat van haar wordt verlangd. In de ogen van haar Nederlandse vrienden en collega’s is zij ruimdenkend en vrijgevochten. Maar hoe vertel je een nieuwe vriend dat je broers je niet met een man mogen betrappen?

„Op dat moment voelde ik mij helemaal geen vrouw van 28 jaar. Ik was als de dood dat mijn broers ruzie zouden maken met Arend. Zo vernederend”, verzucht Saloua.

„Ik woon nog als enige bij mijn moeder, mijn twee oudere broers zijn getrouwd. Twaalf jaar geleden zijn mijn ouders gescheiden. Mijn vader is hertrouwd in Marokko. Na de echtscheiding namen mijn broers de vaderrol op zich, ze beperkten me in alles. Ik heb geprobeerd er tussendoor te manoeuvreren. Mijn moeder stond het gedrag van mijn broers oogluikend toe, om mijn reputatie veilig te stellen.

„Ooit moet je trouwen en dan moet je een goede partij zijn. Dat is het gedachtengoed vanuit haar referentiekader. In haar geboortedorp in Marokko, hier drieduizend kilometer verderop, wordt daar nog steeds zo over gedacht. Ik heb al veel vrijheid voor mijzelf opgeëist. Ik heb een verantwoordelijke baan, veel sociale contacten, ga uit en maak regelmatig een stedentrip voor de duur van een weekeinde. Hier heb ik voor moeten knokken. Op mijn zeventiende gingen mijn Nederlandse vriendinnen alleen op vakantie, maar voor mij was een filmpje pakken op vrijdagavond al een stap te ver. Ik ben gaan werken en daarmee vermaakte ik me ook. Ik loog nooit over waar ik was, zoals zoveel meisjes van mijn leeftijd. Natuurlijk wil ik de vrijheid om mijn ding te doen, maar dan wel met toestemming van mijn ouders. Ik heb minuscule stapjes gezet. Mijn vriendinnen stelden voor om naar Parijs te gaan, in één dag uit en thuis. Ik liet mijn moeder weten dat ik meeging. Zij sputterde tegen, maar ik hield mijn poot stijf. Dit was de eerste keer dat zij geen invloed had op een keuze die ik maakte. Je wordt zo beperkt door angst. Je wilt gehoorzamen en alles goed doen voor je ouders.

„Ik heb er de ballen niet voor om thuis te komen met een Nederlander. Mijn moeder verwacht dat op een goed moment een Marokkaanse man met zijn ouders voor de deur staat om mijn hand te vragen. Trouwen met een Hollandse man, wordt simpelweg niet geaccepteerd. Ik denk dat mijn familie mij zou dwingen om met die relatie te stoppen. Ik weet niet of het echt zal gebeuren, maar hun pressiemiddel is het contact verbreken.

„Ik heb weinig raakvlakken met Marokkaanse mannen. Het matcht gewoon niet. Trouwen is de meest geijkte manier voor een Marokkaanse dochter om het ouderlijk huis te verlaten. Ik wil voor mijn dertigste zelfstandig wonen, maar dat wordt lastig. Mijn moeder is analfabete en zij is volledig afhankelijk van mij. Zij kan niet zelfstandig haar weg vinden en bij alle praktische zaken heeft ze hulp nodig. Geld pinnen, boodschappen doen, formulieren invullen, ik help haar met alles. Mijn familie gaat er vanuit dat ik er voor haar ben en mijn moeder is eraan gewend dat ik haar help. Op zich is dat geen last, als we het maar een beetje verdelen. Ik verwacht niet dat mijn moeder mijn Hollandse liefde gaat begrijpen. Een buurmeisje werd ook eens verliefd op een Nederlandse man. Zij is verstoten door haar familie. Ik heb met mijn moeder gesproken over dat buurmeisje. ’Hoe kan zij trouwen tegen de wil van haar ouders?’, was de reactie van mijn moeder. Haar man is nog wel moslim geworden, niemand van ons is vromer dan hij. Hij zegt insjallah (als God het wil) in iedere zin.

„Mijn familie hecht geen grote waarde aan de islam, het draait om etniciteit, cultuur en traditie. Mijn huwelijkskandidaat hoeft geen praktiserend moslim te zijn, als ik maar trouw met iemand met de Marokkaanse nationaliteit. Thuiskomen met een niet-Marokkaan, dat doe je niet. Het is hartstikke hypocriet. Ik schaam me dood. Je wilt geaccepteerd worden in Nederland, terwijl je zelf zo selectief bent. Toch neem ik de generatie van mijn ouders deze standpunten niet kwalijk. De ouderen in mijn familie kennen dat niet, verliefd worden op iemand en uit liefde trouwen. Maar mijn broers neem ik het wel kwalijk. Ik vind het vreselijk dat zij hun gang kunnen gaan en ik niet. Mijn broers zijn getrouwd met Marokkaanse vrouwen. Zij hebben gestudeerd in Nederland, ze lezen de kranten, maar qua partnerkeuze blijven ze vasthouden aan de traditionele Marokkaanse denkbeelden. Puur gemakzucht. Ik heb alles wat ik voor elkaar wilde krijgen moeten bevechten. Mijn broers kregen het cadeau. Die comfortabele positie willen zij niet opgeven, het komt hun beter uit om daarin traditioneel te blijven.

„Ik zie geen toekomst voor Arend en mij. Arend kent alleen de Nederlandse Saloua, de Marokkaanse Saloua kent hij niet. Voor hem ben ik dat meisje dat mee uitgaat, dat mee gaat dansen, drinken. Gaandeweg heeft Arend geleerd waar de grenzen liggen en hij is op de hoogte van mijn thuissituatie. Bepaalde dingen vindt hij vervelend, ik kan bijvoorbeeld niet spontaan blijven slapen. Deze relatie heeft geen toekomst. Dat is wel pijnlijk hoor. Maar in de tussentijd geniet ik heel veel van hem. Komend weekeinde gaan we voor het eerst een paar dagen weg samen.”

Nu Saloua voor zichzelf heeft besloten dat een huwelijk voor haar er naar alle waarschijnlijkheid niet inzit, bekijkt zij haar alternatieven: „Ik ga op mezelf wonen en dan heb ik in het geniep een leuk Nederlands vriendje. Zo zal mijn familie er niet achter komen.” En hoe het dan zit met haar kinderwens? „Die komen er dan niet”, concludeert ze. Stilte. Een traan. „Sorry”, verontschuldigt ze zich. „Het is toch wel een heel gevoelig onderwerp. Wat mij verdrietig maakt, is dat kinderen in deze omstandigheden zijn uitgesloten. Maar kennelijk is mijn kinderwens niet groot genoeg om te trouwen met een Marokkaan. Ik wil heel graag kinderen. Maar niet als ze geen eerlijke kans krijgen. Ze moeten hun oma en ooms kennen. Mijn familie is ontzettend leuk en heel warm. Ik zou best wel een Marokkaan kunnen vinden die ik oké vind en een oké leven leiden, maar dat is niet waarvoor ik kies. Ik wil een man van wie ik hou en waar ik graag bij wil zijn. Ik wil geen genoegen nemen met minder dan dat. En dan vind ik die kinderwens niet heel belangrijk. Althans, niet zó belangrijk.”

De namen van Saloua en Arend zijn om privacyredenen gefingeerd

Lees verder na de advertentie
(\N)
(FOTO HH) © post/Hollandse Hoogte



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie