Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

x

De lakmoesproef in het werk van Kuitert

home

Richtsje Abma

Gisteren publiceerden we op deze pagina een verslag van de Leidse discussie tusen de theologen Kuitert en Van de Beek over Jezus. Vandaag tracht studentenpredikant dr. Richtsje Abma de vraag te beantwoorden waarom haar collega-theoloog Kuitert toch steeds weer zoveel beroering wekt.

Wat maakt het werk van Kuitert zo omstreden en tegelijk zo geliefd? Wat maakt hem tot een bestseller-auteur voor velen en tegelijk tot een randfiguur onder theologen? De boeken van Kuitert roepen sinds jaar en dag veel discussie en emotie op en dat is ook het geval met zijn vorig jaar verschenen boek over Jezus (Jezus: nalatenschap van het Christendom). De studiedag die maandag werd georganiseerd in Leiden over zijn boek - en over dat van de Leidse hoogleraar Van de Beek - getuigde daarvan. Rond de vijfhonderd mensen kwamen om de rebelse eminence grise van de gereformeerde theologie aan te horen en om kennis te nemen van de visies van anderen op zijn werk. En het werd een spannende dag.

Een centraal punt in het werk van Kuitert is dat geloofsuitspraken moeten stroken met ervaring. Het moet in de theologie niet gaan om grote woorden zonder inhoud maar om de menselijke maat, om taal die klopt met wat je ook in de binnenkamer gelooft. Daarin zit een pleidooi voor echtheid en authenticiteit, voor de taal van het verhaal en van het hart boven de taal van het betoog.

Deze keuze van Kuitert heeft diepe wortels: het gaat hem om een erkenning van het moderne levensgevoel en van de scepsis eigen aan zijn publiek. Alles wat gevoelsmatig of rationeel niet meer te geloven is binnen de christelijke traditie, moet tegen het licht gehouden worden en getoetst worden aan de alledaagse praktijk. De lakmoesproef van cultuur en leven is: wat spreekt ons nu vandaag aan in de figuur van Jezus en wat is voor deze tijd relevant?

De accenten van Kuitert zijn een onmiskenbare aanval op de gevestigde theologie. Daarbinnen wordt met een zeker gemak gesproken over onderwerpen als de tweenaturenleer, schuld en verzoening en de daden Gods. Kuitert wil uit dat gesloten circuit van geloofstaal breken en zoekt naar nieuwe woorden.

Daarin ligt zijn vrijzinnigheid en daarin schuilt voor een groot deel ook de aantrekkelijkheid van zijn werk. Want behoorlijke porties uit de traditionele dogmatiek moeten op de helling: de schimmige tweenaturenleer, het kruis als het enige levensdoel van Jezus, de opstanding als onweerlegbaar feit, de Jezus-in-je-hart-vroomheid. Kortom, veel van de dingen waarom veel mensen zich hebben losgemaakt van de kerk worden hier gerelativeerd. Ze worden ontleed als pogingen van bepaalde mensen in een bepaalde tijd om de betekenis van Jezus te duiden. Ze verliezen hun aura van onaantastbaarheid - wij zouden het nu immers anders kunnen zien.

Hier spreekt de vrolijke rebel in Kuitert: wat generaties lang zo is gezien, vraagt opnieuw om doordenking en om zinnige kritiek. Theologie moet geen antwoord geven op vragen die niemand meer heeft. Ze moet functioneel - kernwoord bij Kuitert - en bij de tijd zijn. Ze moet voeling houden met wat bij mensen leeft.

In de ogen van veel lezers - gelovigen en niet-meer-gelovigen - is dit uitgangspunt van Kuitert volkomen terecht en een grote opluchting. Kuitert lost hier in wat men eigenlijk van predikanten altijd al verwacht had. Tegelijk is het uitgangspunt dat de theologische bezinning moet aansluiten bij de ervaring omstreden onder vakgenoten. Het gevaar is dat de boodschap te aangepast en te huiselijk wordt, en niet meer uitdagend en eigensoortig mag zijn.

Aan de andere kant hoeft Kuitert niet zo te worden verstaan. Zijn pleidooi voor aansluiting bij de ervaring is ook te verstaan als een pleidooi voor hartstochtelijke en doorleefde taal in de theologie, en wie is daar tegen? Het overboord zetten van een aantal versteende elementen uit de traditie roept als vanzelf de vraag op: houdt Kuitert na zijn grote schoonmaak nog wel wat over? Wordt hier niet alleen afgebroken en niets opgebouwd? Dat is zeker niet het geval.

Kuitert zelf vat de essentie van christelijk geloof samen met de woorden 'leven voor Gods aangezicht'. Dat is: temidden van een uiterst onzeker en fragiel leven toch leven als een geroepen en bij God geborgen schepsel. Dat is een weg van geheimen, een weg van raadselen en - heel mooi - óók een zoektocht en een voortdurend aanroepen van God in de nacht. Kuitert heeft - dat is al eerder gezegd - een psalmengeloof. Het is een oud testamentisch geloof, met gevoel voor de veelkleurigheid van het wandelen in het verbond en met gevoel voor de zwijgzame bescheidenheid aangaande de Eeuwige binnen de joodse traditie.

In zeker opzicht is dit ook winst: het gaat in de beleving van Kuitert niet frontaal om Jezus maar om de rijke veelzijdigheid van de God van Israël en zijn handel en wandel met het volk.

In de ogen van zijn critici zitten er een aantal zwakke punten aan het werk van Kuitert. Deze zijn van exegetische, dogmen-historische en vooral van principieel-dogmatische aard. Het meest klemmende punt werd in Leiden naar voren gebracht door oud-hoogleraar G.G. de Kruijf. Zijn vraag aan Kuitert was: hebt u niet een beetje een levenloze God? Doet hij ook werkelijk iets, iets bijzonders? Doet hij iets wat er toe doet? Of is hij een algemeen wezen naast en boven onze alledaagse werkelijkheid - zonder echte raakvlakken? Deze vraag omtrent het bijzondere of algemene karakter van God is zeer fundamenteel.

Het is tegelijk een vraag naar de status van de mens. Ben je als mens betrekkelijk autonoom en op orde of ben je een mens die ten onder gaat als niet van gene zijde een stem hem had bereikt en ontregeld en geroepen had tot een nieuw bestaan? Voor De Kruijf gaat het om de bijzondere dingen die God doet, dingen die wij niet al wisten, dingen die verrassend zijn en je bij de kladden pakken en je niet meer loslaten, en voor Kuitert gaat het toch meer om de algemene notie van God, van wie wij verder niet zoveel weten. Alles wat wij over hem zeggen is betrekkelijk en wordt al snel onverdraagzaam. Waar De Kruijf zich primair richt op het wonderlijke van de bijbelse God - in de koppige hoop dat hij ooit iets van hem zal zien - richt Kuitert zich op de omtrekken van een God, zoals hij die uit traditie en ervaring bijeengesprokkeld heeft. En Kuitert zal bij al zijn woorden altijd aantekenen: 'of dat allemaal zo is wat wij geloven, dat zit nog'.

Het is nooit eenvoudig om het oeuvre van een tijdgenoot enigszins op waarde te schatten. Kuiterts theologie is hoe dan ook een theologie van de vragen eerder dan van de antwoorden.

De vragen gelden in de eerste plaats het gilde van de theologen: Hoe hebben zij het vragen en de onrust toch verleerd? Het is ook een theologie van de voorlopigheid, van het zien soms even. Het is te hopen dat de commissie van de trio-synode die zich momenteel bezint over de christologie zich niet uitput in de herhaling van oude leerstukken, maar zich ook buigt over de vragen waar de christologie een antwoord op geeft, en probeert deze vragen af te stoffen en eventueel nieuwe vragen te stellen zonder meteen af te snellen op de antwoorden. Om Kuitert nog eenmaal te citeren: The living truth - is what I long to see - I cannot live upon - what used to be. So shut the Bible up - and show me how - the Christ you talk about - is living now.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.