Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De knecht werd destijds apart begraven

Home

Ellis Ellenbroek

Honderd jaar geleden reed hun koets het Groningse Hoendiep in. Vier leden van de adellijke familie Van Panhuys, en een knecht, lieten het leven. Gisteren werd de begrafenisstoet nagespeeld.

Je zag geen hand voor ogen toen de oude Abraham van Panhuys en zijn zoon Hobbe, met hun beider vrouwen Trijntje en Elske, op 6 november 1907 de terugweg aanvaardden na een bezoek aan de stad Groningen. Het gezelschap moest naar Leek. Abraham – die burgemeester van Groningen was geweest, commissaris der koningin en vicepresident van de Raad van State – bewoonde er de borg Nienoord. Hobbe, burgemeester van Leek en lid van Provinciale Staten, woonde in het gemeentehuis. Maar in Leek kwamen ze niet meer aan. Bij Hoogkerk kantelde de koets en stortte in het Hoendiep. Alle Van Panhuysen kwamen om. En ook hun jonge bediende Meindert van Wijk die op punt van trouwen stond. Alleen de koetsier overleefde.

Begeleid door buien, waterige zonnetjes en een regenboog was er gisteren een reprise van de begrafenisstoet, op initiatief van de Historische Vereniging Hoogkerk. Vier lijkkoetsen en veertien volgkoetsen werden voortgetrokken door 34 paarden. Drie uur duurde de tocht die begon in Groningen, waar de doden naar het ziekenhuis waren gebracht. Onderweg naar de begraafplaats van Midwolde luidden de kerkklokken. In Hoogkerk onthulde de Groningse burgemeester Wallage een monumentje op de plek des onheils.

Het historisch geklede gezelschap in de koetsen – onder wie enkele nazaten van de Van Panhuysen – had veel bekijks. Nog steeds kent iedereen in de buurt het verhaal van die dramatische nacht toen jonker Bram en freule Anneke in een klap hun ouders en grootouders verloren. Het hoort bij het collectief geheugen en is vaste prik op school. Een vrijwilligster van het rijtuigenmuseum dat nu in de borg Nienoord zit: „Mensen schrijven nog altijd verhalen in het gastenboek als: ’Mijn opa was turfschipper en voer die nacht door het Hoendiep. Hij heeft niks gemerkt’.”

Initiatiefnemer Jan van der Velde van de Historische Vereniging Hoogkerk hing als kind aan de lippen van zijn opa die in 1907 op Nienoord werkte. Voor Van der Velde is de optocht ten dele een eerbetoon. „Abraham van Panhuys was een zeer ontwikkeld man, zo’n man heeft Groningen nog niet weer voortgebracht.” Maar Van der Veldes drijfveer is vooral zijn passie voor koetsen en paarden, erkent hij.

Predikant Gerhard Klaasen, die voorging in een plechtigheid in het kerkje van Midwolde, zegt het koetsongeluk, hoe erg ook, evenzeer als voorbeeld te beschouwen van hoe hoogmoed voor de val kan komen. „De koetsier had die avond nog gewaarschuwd dat ze beter een andere weg konden nemen. Niet langs het water, vanwege de mist. Maar Van Panhuys wou beslist over Hoogkerk. Hij wou binnen het uur thuis zijn. En de baas sprak je niet tegen, zeker niet in het feodale systeem van toen.” Klaasen had het liefst vijf lijkkoetsen gehad gisteren, ook eentje voor de verdronken knecht. „Dat mocht uit historisch oogpunt niet. De knecht is apart begraven.”

Deel dit artikel