Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De keiharde formule van Bottenbley

Home

Hester Haarsma

Een verbouwde bedrijfshal op een industrieterrein in Drachten is als kerk De Bethel (Huis van God) al te klein voor de gemeente van de gevierde dominee Orlando Bottenbley. Sommigen noemen hem de 'paus van het noorden'; hij leidt een van de snelstgroeiende gemeenten in Nederland.

'Voortdurend worden we geconfronteerd met Bottenbley en z'n groep, daar word je ook niet erg vrolijk van'', zucht de hervormde predikant J.H. Hamoen. ,,Je krijgt bijna het idee dat in Drachten maar één kerk staat en dat zijn de vrije baptisten van Bottenbley.''

De kerkelijke kaart van Drachten is kleurrijker, benadrukt Hamoen. De hervormden tellen vierduizend leden en de gereformeerden achtduizend. De duizend van Bottenbley stellen verhoudingsgewijs weinig voor. Waarom dan die irritatie? ,,Zijn kerk spreekt tot de verbeelding'', vindt Hamoen. ,,Het is een snelgroeiende gemeente en die krijgt nogal wat publiciteit.''

Van het nieuwe gebouw van de vrije baptisten -een bedrijfshal omgebouwd tot kerk: totale kosten vijf miljoen gulden- druipt het succes af. Een glimmende marmeren ontvangsthal mét receptie en vijf spreekkamers vormt de toegang tot een grote zaal met duizend theaterstoelen. Vijftien zalen zijn voor de kinderen. Op het podium staat een groot drumstel en een vleugel, iemand speelt elektrische gitaar, een ander dwarsfluit. Wanneer Bottenbley naar voren komt, flitst een groot beeldscherm aan waarop de predikant verschijnt. Hij groet het meer dan duizendkoppige publiek in de zaal. Ook de mensen in de bovenzaal worden niet vergeten: 'dat u ook daar zo een gezegende dienst zult hebben'. Want het kolossale pand is alweer te klein. Driehonderd gelovigen volgen Bottenbley in de bovenzaal op beeldscherm. Daarom zijn er nu al plannen om het aantal zitplaatsen te verdubbelen door een grote hal, nu een Peugeot-garage, om te bouwen tot kerkzaal.

,,Het lijkt wel wat op die Amerikaanse tv-dominees, het is ook niet zo liturgisch'', merkt de gereformeerd predikant J.N. Jurjens uit Drachten op. ,,Soms heb ik het gevoel van 'moeten wij ook'. Wij kunnen het ook, maar zelf hou ik meer van ingetogenheid. Het is een leerproces, we kunnen van hen wel leren hoe we de warmte in de kerk kunnen bewaren.'' De Bethel straalt positiviteit uit, vindt Jurjens. ,,Zo werven ze ook: bij ons is het vrolijk, ontspannen, opgewekt. Iemand vergeleek de gewone kerken met een glas dood bier, terwijl het daar een glas champagne is.''

De kerk van Bottenbley trekt. Bij elke doopdienst laten twaalf volwassenen zich dopen, gemiddeld sluiten twintig leden zich per maand aan. Bij het avondmaal melden zich circa zestig nieuwe. tijd om naar elke getuigenis te luisteren is er dan niet meer.

De euforie heeft effect op de nabij gelegen kerken, merkt Hamoen. Hij is dan ook niet zo blij met de vrije baptisten en andere 'pinksterachtige' groeperingen in zijn buurt. ,,Ik zie liever dat mensen hun eigen kerk trouw blijven. Je hoeft het niet overal mee eens te zijn, maar je kunt wel tijd steken in je eigen gemeente.''

Zelf noemt Bottenbley (49) de aandacht voor de 'mammoetkerk' en zijn 'titel' als paus overdreven. ,,Ik ben geen paus en zo voel ik me ook niet. Door de afkalving in de reformatorische kerken en de stilstand in de evangelische kring vallen wij op. Veel voorgangers vragen mij wat het geheim is, wat ze moeten doen om te groeien. Daardoor lijkt het wel alsof ik veel invloed heb.''

Volgens Bottenbley is de werkelijkheid anders. De drie zustergemeentes in Groningen, Dokkum en Leeuwarden die in tien jaar tijd zijn opgericht onder zijn 'bewind' worden na twee jaar zelfstandig. ,,Ik kom daar een jaar niet meer, zelfs niet als gastspreker. Ik heb daar geen enkel gezag meer. Als ik had gewild, dan had ik een systeem opgezet waar ik wel boven de gemeente sta.''

Gezag of niet, hij is wel een autoriteit, zo nu en dan ingeschakeld om ingedutte kerken nieuw leven in te blazen.

De andere vrije baptistenvoorgangers, opgegroeid met dezelfde strategie, hebben bij lange na niet het succes van Drachten. Bottenbley onderstreept dat er wel sprake is van enige groei, terwijl veel kerken alleen maar leden verliezen. Groningen heeft onlangs een piek bereikt met vijftig extra mensen. Toch blijven alle drie gemeentes tussen de honderd en tweehonderd gelovigen schommelen. Ook Lemmer, waar Bottenbley na zijn studie theologie -onder meer aan de VU in Amsterdam en bij de gereformeerden-vrijgemaakt in Kampen- als voorganger heeft gestaan, is niet erg groot.

Het gebrek aan succes in Leeuwarden ligt aan het kerkelijk klimaat, vindt voorganger P. Plug. ,,We willen wel groeien, maar Drachten is veel kerkser. De gemeente daar is ook niet ons voorbeeld, we hebben een eigen koers. We zijn geen kloon.'' Wie in Leeuwarden woont en zich herkent in de geloofsbeleving van de vrije baptisten, blijft niet vanzelfsprekend, merkt Plug op. ,,Het steekt soms dat mensen hier doorrijden naar Drachten.''

Staat Bottenbley dan niet te popelen om het aantal gelovigen in de noordelijke zustergemeentes op te krikken naar meer dan tweehonderd? ,,Ik coach mensen om ze te laten zien wat mogelijk is, maar ik sta niet te popelen. Het is ook geen garantie dat het beter zal gaan als ik help. Soms zie ik meerdere mogelijkheden, maar de leider van de kerk moet die ook willen zien.'' Hij begeleidt, levert stagiaires en geeft advies voor evangelisatiecampagnes.

De kracht van de gemeente in Drachten is een cocktail van Bottenbley's charisma en de aantrekkelijke gemeentelijke groei. Maar vergeet zijn rechtzinnigheid niet, zeggen de kerken in de buurt. Samenwonen en homoseksualiteit zijn nog steeds taboe in de kerk. Dit trekt vooral behoudende gereformeerden, meent Hamoen. ,,Met al die vragen over verzoening en bijbel opvattingen zoekt een groep naar de oude waarheid en ze vindt die bij Bottenbley.'' De vrije baptisten-predikant is op het juiste ogenblik in het vrijzinnige gat gesprongen.

Vanuit elke gemeente in Drachten, van reformatorisch tot evangelisch, zijn wel leden naar Bottenbley vertrokken. Jurjens zegt dat het 'zonder meer pijn doet' als mensen het niet meer vinden in zijn kerk. ,,Als mensen zeggen dat ze nu 'eindelijk thuis' zijn, daar had ik in het begin veel moeite mee. Je leert ermee omgaan, je wilt de mensen raken, maar je kunt niet aan alle verlangens voldoen.''

Volgens J. Radder, lid van de werkgroep voor Gemeentegroei, trekt een radicale houding veel mensen aan. ,,Gemeenten die zeggen waar het op staat, die groeien.''

Deze kerken trekken nieuwsgierigen die ook terecht kunnen komen in kleinere kerken; een soort etalagefunctie. Maar daar ziet K. Gerritsen, voorganger van een kleinere baptistengemeente in Sneek, absoluut geen heil in. Hij wil zelfs niet geassocieerd worden met de gemeente van Bottenbley, terwijl de doelstellingen van de twee kerken nauwelijks verschillen.

,,De theologie van de vrije baptisten is reformatorisch, vooral vanwege de instroom van verontruste gereformeerden. Bottenbley zou zijn gemeente niet vrije baptisten moeten noemen, maar vrije gemeente. Het is meer reformatorisch, maar dan met een doop op belijdenis.''

Bottenbley voelt weinig voor de term vrije gemeente. Gerritsen kent de geschiedenis van de baptisten niet goed, zegt hij. ,,De Southern Baptists in Amerika zijn zo orthodox als het maar kan, daar is geen ruimte voor vrijzinnigheid. Wereldwijd zijn de baptisten heel pluriform, ook in de manier van leidinggeven. Bij sommige kerken ligt het gezag bij de leden, bij andere bij de oudsten. De vrije baptisten zijn een symbiose tussen die twee.''

Bottenbley zegt precies zo duidelijk te zijn als de Schrift, al denkt hij wel om de pastorale omgang met de mensen. ,,Als mensen samenwonen, dan praten we erover. Samenwonen is niet volgens de Schrift, maar dan wil ik ook kijken hoe wij hen ánders kunnen helpen, bijvoorbeeld met woonruimte als ze besluiten te trouwen.''

,,Homoseksualiteit en samenwonen noem ik nooit in de prediking, voor mij is het geen hot item'', zucht Bottenbley, die duidelijk eerder deze vraag kreeg voorgeschoteld. ,,Ik wil mensen dichter bij het Woord brengen en ik geloof dat ze dan zelf wel overtuigd raken. Het heeft geen zin te zeggen dat samenwonen zonde is, want dan voelen mensen zich alleen maar veroordeeld.''

En wat als mensen vasthouden aan het samenwonen? ,,We zullen blijven praten, maar als ze eraan vasthouden, dan bouwen we wel beperkende maatregelen in. Ze mogen wel binnen de gemeente blijven en meedoen aan activiteiten, maar ze krijgen geen verantwoordelijke taken in bijvoorbeeld het jeugd- of tienerwerk. Degenen op die posten zijn als leidinggevenden een voorbeeld.''

En hoe onberispelijk zijn de mensen op belangrijke posten? Volgens de leidsman is de intentie om God te volgen aanwezig. ,,Het gaat erom of je de Schrift aanpast aan ons gedrag of ons gedrag aan de Schrift.''

Volgens hem houden de gelovigen sowieso rekening met de waarden en normen van de 'huisgemeente Gods'. ,,In de wereld is het: ieder voor zich en God voor ons allen. Hier is het meer een gezin, bij ons heersen principes. We hoeven ons ook weinig te verantwoorden. Daar hebben we niet eens de tijd voor. We maken er geen strijdpunten van, we hebben al zoveel mensen. Als iemand voor deze gemeente kiest, weet hij ook waar we voor staan. Ik heb ook niet het idee dat we de enige kerk voor alle mensen moeten zijn.''

De poort blijft open voor elke zoekende, want Bottenbley wil dóórgroeien. Hij ziet niet neer op kleine gemeenten, maar merkt wel dat een grotere kerk veel meer voor andere gemeenten kan betekenen. ,,We hebben veel know how om andere gemeenten te helpen als het niet goed gaat.''

Afgelopen maand kreeg Bottenbley nog drie verzoeken of hij ergens anders dominee wilde worden, maar daar heeft hij met diepe overtuiging 'nee' op gezegd. De voorganger wil blijven. Ondertussen wordt gespeculeerd over de macht van Bottenbley. Als hij zijn kerk verlaat, zal het dan als een kaartenhuis inzakken? Volgens de predikant zijn er wel potentiële opvolgers, maar er is nog niemand opgestaan. Vooralsnog voelt hij er weinig voor de proef op de som te nemen. ,,Ik zie mijn taak nog steeds als roeping en ik hoef ook niet te bewijzen dat de gemeente niet als een kaartenhuis in elkaar zakt. Ik heb wel de diepe overtuiging dat de gemeente nog jaren zal lopen als een trein. Het draait niet om mij, maar om de mensen in huis.''

Deel dit artikel