Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De gevangenis als snelkookpan voor extremisten

Home

Ghassan Dahhan

© Censuur

De daders van de aanslagen in Parijs op Charlie Hebdo en de Joodse supermarkt, kregen hun 'opleiding' tot extremist in de cel. Ook in Irak en Syrië blijken gevangenissen kweekplaatsen van gewelddadige jihadisten.

De gevangenis als broedplaats van criminaliteit, het is een cliché maar ook een feit. Dat gevangenissen ook dienen als broedplaats van terrorisme, is minder bekend maar daarom niet minder onjuist. De meeste mensen willen niets liever dan iedere terrorist achter de tralies zetten. Maar de gevangenis betekent zelden het einde van diens loopbaan - veel vaker is de cel juist de plek waar zijn carrière begint. Zo ook bij de aanslagplegers van Parijs.

In België wordt overwogen om terreurverdachten van elkaar af te zonderen. Minister van justitie Koen Geens zei deze week dat hij bezorgd is over 'de radicalisering in de gevangenissen'. Hij wil de controle aanscherpen "bijvoorbeeld door bepaalde gevangenen niet bij elkaar te zetten of ze met anti-propaganda te bewerken."

Ook in Nederland zijn terrorisme-experts kritisch over het gevangenisbeleid voor radicale gedetineerden. Zo wees veiligheidsdeskundige Daan Weggemans deze week op de risico's van het bij elkaar zetten van terrorismeverdachten op een afdeling. Volgens hem bevestigen de extremisten elkaars denkwijze. Dit wordt nog eens versterkt door het strenge gevangenisregime voor terrorisme-verdachten in Vught en Rotterdam.

Ook advocaat André Seebregts, die meerdere terreurverdachten bijstond waarschuwt hiervoor: "Ik ken jongens die op die afdelingen in Vught en Rotterdam zitten of hebben gezeten", zei Seebregts tegen Omroep Brabant. "Ik merk dat ze negatiever over Nederland en de Nederlandse overheid zijn geworden als ze uit de gevangenis komen. De terroristenafdelingen en hun strenge regime werken averechts."

Lafaard
De gebroeders Kouachi, die de aanslag pleegden op Charlie Hebdo, hadden veel aan de gevangenis te danken. De jongste, Cherif Kouachi, was van plan om in 2005 naar Irak te reizen voor de strijd tegen de Amerikaanse bezettingsmacht. Hij kwam niet verder dan het kopen van een vliegticket naar Syrië - toentertijd nog een doorvoerhaven van jihadisten op weg naar Irak. Cherif werd gearresteerd door de Franse politie nog voordat hij een stap op Syrische bodem kon zetten.

Tijdens zijn rechtszaak vertelde hij aan de rechter dat hij blij was met zijn arrestatie. Hij was namelijk bang om te vertrekken, maar wilde tegelijkertijd niet als een lafaard gezien worden door zijn kameraden. Cherif Kouachi werd veroordeeld voor terrorisme en verdween voor drie jaar achter de tralies.

Lees verder na de advertentie
Ook in Nederland zijn ter­ro­ris­me-ex­perts kritisch over het ge­van­ge­nis­be­leid voor radicale gedetineerden

Zijn opluchting bleek misplaatst. Hij werd overgebracht naar de beruchte gevangenis Fleury-Mérogis, ten zuiden van Parijs. Hier leerde Cherif de duisterste kant van de staat kennen. In een overbevolkte gevangenis, waar volgens mensenrechtenactivisten 'vogels nesten bouwen in de vervallen muren' en gedetineerden het met minder ruimte moeten stellen dan 'honden in een kennel', verbleef Cherif ongeveer een jaar.

Tijdens zijn detentie raakte Cherif bevriend met de veroordeelde terrorist Jamel Beghal, die tien jaar celstraf had gekregen vanwege zijn poging de Amerikaanse ambassade in Parijs op te blazen.

Beghal werd gezien als een van belangrijkste ronselaars in Europa voor de wereldwijde jihad en hij bleek grote invloed op Cherif te hebben. In de cel transformeerde de jongste Kouachi-broer van een bange jongen naar een onverschrokken jihadist.

En hij was niet de enige: Beghal wist ook de Senegalees-Franse overvaller Amedy Coulibaly - de man die twee dagen na de aanslag op Charlie Hebdo vier Joden doodschoot in een Joodse supermarkt in Parijs en andere klanten gijzelde - te bekeren tot de islam. Beghal werd ook Coulibaly's mentor. Het drietal bleef altijd in nauw contact staan met elkaar, ook nadat Cherif en Coulibaly waren vrijgelaten.

Ontmoeting
Het verhaal van Cherif Kaouchi en Coulibaly is een schoolvoorbeeld van de radicaliserende invloed van detentiecentra. Het is overigens niet zo dat gevangenissen altijd terroristen voortbrengen. Daar is nog een element voor nodig: de ontmoeting tussen de politieke activist en de crimineel. En er is geen plek ter wereld waar die elkaar vaker tegenkomen dan in de cel.

Binnen de gevangenismuren vindt de kruisbestuiving plaats tussen die twee groepen: mensen die een strafrechtelijke veroordeling op hun naam hebben staan vanwege politiek activisme, komen in contact met de apolitieke crimineel. Al snel daarna vindt een overdracht van kennis en ervaring plaats: de crimineel wordt politiek actief en zweert voortaan geweld met een winstoogmerk af, omgekeerd leert de politieke activist van de praktijkervaring van de crimineel en maakt gebruik van diens netwerk.

In de cel transformeerde de jongste Kouachi-broer van een bange jongen naar een onverschrokken jihadist

Het is dan ook geen toeval dat inlichtingendiensten vaak zien dat het terroristische en het criminele circuit sterk met elkaar zijn verweven. Volgens de Amerikaanse professor en militair historicus Colin Gray zijn criminelen en activisten daarom haast 'ideale bedpartners'.

Delinquenten
Ook jihadistische bewegingen als Islamitische Staat (IS) en Al-Qaida hebben veel gewezen dieven en overvallers in hun geledingen. Zij zijn het die nu pleiten voor amputatie van lichaamsdelen bij diefstal en de doodstraf voor gewapende overvallen.

Zo was IS-oprichter Abu Musab al-Zarqawi een alcoholist met 37 veroordelingen op zijn naam, voordat hij vanuit de cel aan zijn terroristische loopbaan begon. Van IS is ook bekend dat de beweging in Irak voornamelijk onder delinquenten rekruteert, en dat het ontzetten van gevangenen tot zijn kernactiviteiten behoort.

In haar nieuwe boek 'De oorlog van ISIS' (een alternatieve benaming voor IS) staat ook Trouw-correspondent Judit Neurink stil bij de grote rol die gevangenissen hebben gespeeld in de ontstaansgeschiedenis van IS. Neurink, die al jaren in Noord-Irak woont, constateert dat minstens zeventien van de 25 hoogste IS-leiders, onder wie topman Abu Bakr al-Bagdadi, tijdens de Amerikaanse bezetting minstens een keer in de cel belandden. De meesten kwamen terecht in het beruchte detentiecentrum Kamp Bucca.

In het boek citeert Neurink een voormalig gevangeniscommandant die terugblikt op die periode: "Velen van ons in Kamp Bucca waren bezorgd dat we, in plaats van alleen gevangenen vast te houden, een snelkookpan voor extremisme hadden gecreëerd." Daarnaast deed deze gevangenis niet alleen dienst als ontmoetingsplek voor criminelen en radicalen. Het complex was ook het altaar waar het verstandshuwelijk werd gesloten tussen seculiere ex-aanhangers van de Baathpartij van dictator Saddam Hoessein en jihadisten. Hierover schrijft Neurink: "De oud-Baathleden konden goed organiseren en hadden de militaire discipline die bij jihadisten ontbrak. En die laatsten hadden weer een doelgerichtheid die de ex-Baathisten ontbeerden."

Syrische kruisbestuiving
Ook in Syrië, het land waar duizenden jonge moslims uit Europa komen vechten, speelden de gevangenissen minstens zo'n grote rol bij de opkomst van het terrorisme als in Irak. Het meest gevreesde detentiecentrum bevindt zich in Sednaya. In dat militaire complex worden burgers en activisten opgesloten, samen met doorgewinterde jihadisten. In de gevangenis wordt gemoord en gemarteld, voornamelijk door de kampbewaarders.

Minstens 17 van de 25 hoogste IS-leiders belandden tijdens de Amerikaanse bezetting minstens een keer in de cel

Uit onderzoek van de Amerikaanse Syrië-kenner Joshua Landis blijkt tevens dat drie van de vijf meest gezochte Syrische rebellenleiders een deel van hun straf in Sednaya doorbrachten. Toen de Syrische president Bashar al-Assad in 2011 besloot om honderden van hen vrij te laten, kwamen zij al snel terecht bij jihadistische organisaties en pakten de wapens op tegen zijn regime.

Het gebruik van criminelen voor terroristische doeleinden heeft ook een keerzijde. Hun snelle bekering duidt op een instabiele geest, hun impulsiviteit kan op den duur een beweging in grote problemen brengen. Daarnaast beschikken de autoriteiten vrijwel altijd over veel informatie over hen, vooral uit politierapporten en psychologische onderzoeken. Een terroristische beweging die veel criminelen in dienst heeft, ondergraaft daarmee haar eigen politieke boodschap. Een regering hoeft het publiek slechts te wijzen op de achtergrond van de terroristen om het beeld te creëeren dat zij in feite niets anders zijn dan 'criminelen met veel wapens'.

Algerijnse vechtjassen
De jongste Algerijnse burgeroorlog (1991-1998) laat goed zien hoe criminelen een organisatie te gronde kunnen richten. In de jaren negentig voerden jihadisten van de GIA (Groupe Islamique Armé) een bloedige strijd tegen de regering. De islamisten rekruteerden actief in de gevangenissen onder criminelen, waardoor de jihadistische beweging in korte tijd kon beschikken over een groot aantal vechtjassen. Tot ontzetting van veel islamisten van de oude garde schopten veel van deze criminelen het uiteindelijk tot de top van de organisatie. De hebzucht en de impulsieve drang tot moorden, kregen al snel vrij spel, waardoor zij de burgerbevolking tegen zich in het harnas joegen.

Zo vermoordde een jihadist van de GIA in 1993 de Algerijnse schrijver Tahar Djaout, een aanslag die ertoe leidde dat het grote publiek de islamisten de rug toekeerde. Dat gold ook voor de invloedrijke Algerijnse schrijver Rachid Mimouni, vroeger een fervent tegenstander van de regering. Hij droeg zijn eerstvolgende roman op aan zijn vermoorde collega Djaout: "Ter nagedachtenis aan mijn vriend, de schrijver Tahar Djaout, die vermoord werd door een snoepverkoper op bevel van een voormalige pooier."

Hun snelle bekering duidt op een instabiele geest, hun impulsiviteit kan op den duur een beweging in grote problemen brengen

Wilt u de reacties op dit artikel lezen? Registreer u hier voor een proefperiode van twee maanden.

Het plaatsen van reacties is voorbehouden aan de betalende abonnees van Trouw. Kijk hier voor een overzicht van onze abonnementen.

Het bekijken en plaatsen van reacties is voorbehouden aan onze betalende abonnees. Kijk hier voor een overzicht van onze abonnementen.

Als betalend abonnee kunt u een reactie plaatsen op dit artikel. Deze is alleen zichtbaar voor andere (proef)abonnees.

Om uw reactie te kunnen plaatsen, hebben we uw naam nodig. Ga naar Mijn profiel


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie
Ook in Nederland zijn ter­ro­ris­me-ex­perts kritisch over het ge­van­ge­nis­be­leid voor radicale gedetineerden

In de cel transformeerde de jongste Kouachi-broer van een bange jongen naar een onverschrokken jihadist

Minstens 17 van de 25 hoogste IS-leiders belandden tijdens de Amerikaanse bezetting minstens een keer in de cel

Hun snelle bekering duidt op een instabiele geest, hun impulsiviteit kan op den duur een beweging in grote problemen brengen