Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

DE DAG VAN COKKIE TOORENSPITS

Home

WILMA KIESKAMP

“Ronduit ontluisterend”, noemde minister Dijkstal van Binnenlandse Zaken de 'reality tv' deze week. “Ontluisterend voor de slachtoffers die worden gefilmd, ontluisterend voor de kijker die het moet ondergaan maar blijft kijken, maar bovenal voor de maker en de televisiezender die gebruik maakt van het leed van anderen.” Cokkie Toorenspits (39) maakt als freelance cameraman opnamen voor reality tv.

Na 25 jaar in dit vak ben je zo getraind, dat ik een goeie melding slapend nog zou herkennen. In principe ga ik overal op af. Branden, ongelukken, reddingsacties. Al die meldingen zijn op te pikken. Zolang het op de openbare weg gebeurt, vind ik dat je mag filmen. Het is niet nodig om toestemming te vragen. De slachtoffers komen toch niet herkenbaar in beeld. Hun gezicht wordt desnoods gewiped, of er komt een balkje overheen. Dat is toch voldoende? Overigens is dat niet mijn verantwoordelijkheid, maar die van de omroep die mijn beelden uitzendt. Mijn taak is slechts om alles wat er voor de camera gebeurt, te registreren. Duidelijk zat.

Het is gewoon vrije nieuwsgaring. Waarom mag ik geen neergestoken, bloedende junk filmen en het NOS-Journaal wel? Wat is het verschil? Dat mag jij me uitleggen, als je kunt. Nieuws moet nu eenmaal gebracht worden. Ik vind dat nieuws. Ik blijf in elk geval altijd draaien. Ik heb ooit gefilmd hoe een crimineel zich vlak voor z'n arrestatie door het hoofd schoot. Is overigens niet uitgezonden. Ik heb ook gefilmd hoe een gestoorde man zelfmoord probeerde te plegen, z'n zoontje onder de arm geklemd, door van een flat te springen. Is wel uitgezonden. Nieuws moet nu eenmaal gebracht worden. Ik vind dat nieuws. En ze kopen het grif, alle omroepen. Ik lever tegenwoordig aan Deadline, aan RTL, Veronica, vroeger ook aan AT5. Die man en zijn zoontje bleven ongedeerd. De brandweer stond klaar met een valscherm. Dat wist ik. Dat zat ook in de die reportage.

Als het om vrije nieuwsgaring gaat, heb ik inderdaad een reputatie. Ik ben een vakman. Maar ik heb een iets grotere mond dan de anderen. Altijd al gehad, ook toen ik nog freelance persfotograaf was. Maar alleen als ze het mij tegenmaken. Ik weet namelijk precies wat ik mag en niet mag, en dat hoeven zij mij niet te vertellen. Dan kunnen ze de pleuris krijgen. Ik heb een keer een knal gehad van een rechter-commissaris. Hij verbood mij hem te filmen bij een arrestatie van een crimineel. Ik stond op de openbare weg, dus hij had geen poot om op te staan. 'Wie ben jij dan wel', vroeg ik aan hem. Meneer was rechter-commissaris. 'Nou, gefeliciteerd', antwoordde ik. Toen begon hij met z'n koffer te meppen. En later maar zeuren dat ik hèm heb bedreigd. Ik had alleen maar een beetje duidelijk gemaakt dat hij dat met die koffer niet nog eens moest proberen. Mijn eigen videobeelden wezen uit dat hij zelf was begonnen.

Het is beetje een spelletje, de omgang met de autoriteiten. Je moet het spelletje begrijpen. Meestal is er geen enkel probleem. Ik ga echt niet in de weg staan bij een calamiteit. Daar heb ik niets aan. Tien meter afstand is prima. Trouwens, met een zoomlens kun je ook van afstand genoeg in beeld krijgen. Soms sta je inderdaad met meerdere cameraploegen tegelijk te filmen. Vijf camera's bij één ongeluk is geen uitzondering meer. Maar als we afstand houden, zie ik het probleem niet, niet voor de hulpverleners.

In Amsterdam, waar ik veel werk, kennen de meeste politiemensen me wel: daar heb je Cokkie. Maar soms kan zo'n agent opeens behoorlijk opgefokt doen. 'Sodemieter op, klootzak', is het dan. Is dat nou nodig? Laatst filmde ik een keer in Rotterdam, daar zijn ze blijkbaar veel beter geïnstrueerd. Het was donker. Kwam een agent me vriendelijk vertellen dat ik mijn lampen moest gebruiken, 'dan zie je het beter'. En ik had juist onder het filmen mijn lampen uitgelaten om niet te hinderen. Zo zie je, zo opdringerig ben ik helemaal niet.

Er zijn maar een paar freelancers in Nederland die net als ik van calamiteiten hun specialiteit hebben gemaakt. Je moet een doorbijter zijn. Ik zit soms dagen en nachten naar de scanner te luisteren zonder dat er veel gebeurt. Geen calamiteiten, geen beelden. Dan werk ik net zo lang door tot er wel iets komt. Ik heb geen vaste werktijden, zelfs geen vaste werkdagen. Veel nachtwerk. Soms ben je blij als er dan een zware melding binnenkomt, geef ik toe. Het zijn toch centjes. Het lijkt allemaal wel heel lucratief, maar mijn auto en deze camera van 120 000 gulden heb ik zelf moeten financieren. Net als de accu's, de microfoon en het zendertje - om geluidsopnamen te maken - alleen al kostte 10 000 gulden. Ik ga niet zeggen hoeveel ik verdien.

Het reality-gebeuren, waar nu zoveel over wordt gediscussieerd, dat is dus heel iets anders dan het scanner-werk. Reality tv is meegaan met de politie, brandweer of ambulance. Heb ik ook veel gedaan. Bij dat soort opdrachten vraag ik altijd toestemming aan de mensen die worden gefilmd. Ook daar is dus niets mis mee.

Voor RTL 5 maak ik deze maanden de serie 'Elke seconde telt', waarin ik met een camera de activiteiten volg bij een ambulancebedrijf in Purmerend. Ik ga mee op de ambulance, als cameraman en verslaggever tegelijk. Dat programma was m'n eigen idee. Minister Dijkstal heeft deze week gezegd dat hij dit soort uitzendingen zo walgelijk vindt, dat er snel afspraken gemaakt moeten worden over de voorwaarden. Wat bedoelt die man? Zulke afspraken zijn er al lang. In Purmerend hebben we op papier geregeld dat aan alle mensen die in beeld komen, toestemming wordt gevraagd. Het bedrijf heeft inspraak bij de montage. Als zij niet willen dat bepaalde beelden worden uitgezonden, laat ik het er uit. Als ik niet volgens hun voorwaarden zou willen werken, zouden ze me niet eens binnenlaten.

Ik merk dat ik door die acht weken op de ambulance meer ben gaan meeleven met de mensen die ik film. Met calamiteiten op straat heb ik dat veel minder. Dat is filmen en verder niks. Nu vraag ik, als we toch in het ziekenhuis zijn, ook wel eens hoe het is met iemand uit een vorige reportage. Het zijn echt niet alleen de spoedgevallen waar ik het dan over heb. Ik heb deze week gezien hoe pijnlijk het is voor een herniapatiënt om een trap opgedragen te worden in een brancard. Je ziet alles veel meer door de bril van de hulpverlener. Ik heb deze week zelfs reanimatieles gekregen van de ambulancerijders. Op mijn verzoek.

De ambulance vervoerde een bejaarde vrouw die buiten kennis was van de pijnstillers en elk moment kon overlijden. Een afschuwelijke toestand. Ik kon haar niet meer om toestemming vragen. Maar haar dochter zat erbij. 'Gewoon uitzenden', vond zij. Ben ik zorgvuldig of niet? De oude mevrouw is dezelfde dag nog overleden. Een paar dagen later was de uitzending. Of ik vind dat je op tv geen sterfscènes of bijna-sterfscènes kunt tonen? Ik heb daar geen moeite mee. Zolang ik toestemming heb. De kijkers hebben er toch recht op om te weten wat er gebeurt in de wereld? Jij wilt de mensen dus dom houden. Dan ben jij niet objectief. Dat stel ik bij dezen even vast. Van dit soort kritiek word ik zo flauw.

Blijkbaar had ik dus ook dit niet mogen filmen: hoe afgelopen winter in Amsterdam een man verdronk in een gracht. Die vent was dronken. Hij begon te vechten met de duiker van de brandweer die hem aan de kant probeerde te halen. Hij trok de duiker bijna mee. Hier, op deze video zie je de dronken man uiteindelijk onder water verdwijnen. Het duurt nog vrij lang. Wacht even. Daar gaat-ie. Hij is later overleden. De brandweer was - begrijpelijk - compleet over de rooie van frustratie. Dan kom ik weer op m'n eerdere conclusie: dat is toch gewoon nieuws? AT 5 en Deadline hebben het beide uitgezonden. Ik was wel woedend dat Deadline met een suggestieve montage beweerde dat de brandweer die man moedwillig aan z'n lot had overgelaten. Als ze willen, kan een omroep je materiaal totaal verprutsen. En de volgende keer krijg ik de brandweer over me heen. Zij gaven mij de schuld.

Zelf kijk ik eigenlijk nooit naar reality tv. Zeker niet naar reportages over de politie. Daar zitten zoveel afspraken omheen, de echt spannende dingen krijg je toch niet te zien. Als ik al eens thuis ben, dan is het Filmnet voor mij. Of, als ik echt de tijd heb, knutselen aan een schaalmodel van een politie- of brandweerwagen. Hoe kleiner, hoe beter. Maar in de kamer staat ook nog de strijkplank. Gisteren, nadat ik op de terugweg uit Purmerend nog even een paar scanner-klussen had gedaan, en via een koerier de band naar Hilversum had gestuurd, ben ik eerst eens lekker de was gaan strijken. Ik ben zo gewoon.''

Deel dit artikel