Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De allerlaatste vrouwen van de Graal

Home

COKKY VAN LIMPT

VOGELENZANG - Van de Nederlandse Graalbeweging, die met groot elan, hooggestemde idealen en enthousiast klaroengeschal in de jaren dertig uitgroeide tot een massale beweging, is anno 1996 nog slechts een uiterst bescheiden groepje overgebleven. De oproep tot niets minder dan 'wereld-bekering' en de immense religieuze schouwspelen en reidansen uit de gloriejaren van de Graalbeweging hebben plaats gemaakt voor bescheidener doelen.

De duizenden katholieke vrouwen en meisjes die hun Graalspelen - zoals Het Koninklijk Paaskruis, het Lidwinaspel en het Pinksterspel - in het Olympisch stadion in Amsterdam opfleurden met veelkleurige vlaggen en vaandels behoren tot het verleden. En de 86 Graalvrouwen die Nederland nu nog rijk is, allen van gevorderde leeftijd, komen tegenwoordig vooral bij elkaar vanwege de ontmoeting, onderlinge inspiratie en bijbelstudie.

Dit weekeinde viert de Nederlandse Graalbeweging haar 75-jarig bestaan. Oud-leden van de Graaljeugdbeweging zullen herinneringen aan het verleden ophalen, evenals de vrouwen die van 1947 tot 1969 in Ubbergen op de 'missieschool' van de Graal zaten en gewerkt hebben in het onderwijs, vormingswerk en de gezondheidszorg in landen als Oeganda, Ghana, Kenia, Indonesië, Nieuw-Guinea, Suriname, Pakistan en Brazilië. Morgen hebben zij een reünie in De Tiltenberg in Vogelenzang, sinds 1932 het centrum van de Graalbeweging.

Het is een man geweest, pater J. van Ginneken, die in 1921 met een aantal vrouwen van de Universiteit van Nijmegen de Graalbeweging oprichtte, als lekenbeweging van en voor vrouwen binnen de katholieke kerk in Nederland. Doel van de Graal was de ontwikkeling van de talenten van katholieke vrouwen en meisjes om die vervolgens in dienst te stellen van dat ene grote ideaal: de wereldbekering.

De Nijmeegse vrouwen gingen 'werken' onder r.-k. vrouwen en meisjes uit alle lagen van de bevolking. Graallid Truus Boom: “Ze werden religieus en politiek geschoold en kregen tevens onderricht in handvaardigheid. Tegenwoordig zouden we dat vormingswerk noemen.”

De Graalvrouwen van het eerste uur wilden dolgraag het missiewerk in. Zij voelden zich geroepen 'te zaaien' in de hele wereld. Vlak voor de tweede wereldoorlog vertrokken enkelen van hen inderdaad naar Indonesië, Australië en de Verenigde Staten. Maar het Graalwerk op Nederlandse bodem vergde in die tijd ook veel van hun aandacht. Zeker toen de bisschop van Haarlem, mgr. Aengenent, de Graalvrouwen had gevraagd in zijn bisdom te komen werken. Boom: “Daar is de Graal-jeugdbeweging heel groot geworden. Op haar hoogtepunt telde de beweging in het bisdom Haarlem, waartoe destijds ook nog het huidige bisdom Rotterdam behoorde, meer dan tienduizend leden.”

Graallid P. van Dijck vindt het dat de Graalbeweging in die vooroorlogse jaren een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan de emancipatie van de r.-k. vrouwen. In de jubileumuitgave van het Graal-contactblad Intergraal noemt de feministisch theologe dr. Catharine Halkes, emeritus-hoogleraar te Nijmegen, het de 'onvervreemdbare verdienste' van de Graalvrouwen “dat ze duizenden en duizenden jonge, en ook oudere vrouwen in een proces van zelfbewustworden hebben gebracht dat hun leven diepgang en perspectief heeft gegeven.”

Na de oorlog werd de missieschool in Ubbergen opgericht, het latere internationale vormingscentrum van de Graal. Steeds meer Graalleden vertrokken naar andere landen om ook daar vrouwen bijeen te brengen, hen te leren hun talenten te ontplooien en projecten op te zetten, onder andere in de gezondheidszorg en het onderwijs. Na verloop van tijd werd de leiding van deze projecten overgedragen aan de vrouwen van het land zelf. Zo werd de Graal een internationale vrouwenbeweging met groepen in negentien landen, op alle vijf continenten. Momenteel telt de internationale Graalbeweging naar schatting nog zo'n achthonderd à negenhonderd leden.

Het jeugdwerk in Nederland, zoals dat voor de oorlog was aangepakt, verdween geheel. Daarvoor in de plaats ontwikkelde de Graalbeweging andere activiteiten. P. van Dijck: “In Voorburg kwam een verpleegstersopleiding, de eerste r.-k. opleiding die werd geleid door leken van de Graal. Ook gingen de Graalvrouwen zich bezighouden met gezinszorg en kwam er bij voorbeeld in Wassenaar een opvanghuis voor moeilijke meisjes.” Met de na-oorlogse ontzuiling verdwenen ook deze Graalprojecten gaandeweg.

In vergelijking met de buitenlandse leden is de Nederlandse 'moeder'-afdeling van de Graal inmiddels aardig bejaard geraakt. Van jonge aanwas is nauwelijks sprake. En in de programma's van De Tiltenberg vinden de oudere Graalvrouwen steeds minder wat ze er zouden willen zoeken.

Geen wonder, wanneer je bedenkt dat De Tiltenberg al jaren een vooraanstaand centrum voor zen-meditatie is. Een groep vrouwen die in de jaren zestig in Japan de Graal-idealen probeerde te verbreiden, werd daar zo gegrepen door 'zen' dat ze deze vorm van boeddhistische meditatie, eenmaal terug in Nederland, tot een van de belangrijkste activiteiten van de Tiltenberg maakten. Het gebed en de eucharistieviering van de Graalvrouwen verloren het alleenrecht en de van oorsprong katholieke kapel wordt tegenwoordig vooral als meditatieruimte gebruikt.

De Nederlandse Graalbeweging van nu noemt zich nog steeds 'geworteld in christelijk geloof', al lang niet meer rooms-katholiek maar 'oecumenisch' en 'open voor vrouwen die zich willen inzetten voor het bevorderen van de spirituele dimensie en transformatie van onze samenleving'. Transformatie, bekering: het is altijd de bedoeling van de Graalbeweging geweest om de wereld om te vormen 'tot een samenleving in liefde en gerechtigheid, door de kracht van de Geest en door de toewijding van vrouwen met al haar talenten en energie'.

“Misschien houdt de Graalbeweging bij ons op en gaat het op een andere manier door.” Graalvrouwe P. van Dijck zegt het met een lichte weemoed, maar zonder verbittering. En waarom zou ze ook? Geen van de graalridders slaagde er immers in de Graal te vinden. Op Parsifal na. Parsifal kon zijn 'queeste' naar de Heilige Graal met succes afronden, door hem niet te willen winnen, maar door nederig te worden en waardig om iets te ontvangen dat groter was dan hijzelf.

Deel dit artikel