Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Daniel Martin: Koning bijten, koning harken

Home

Marijn de Vries

Daniel Martin schokschoudert over de finish. © REUTERS
Column

Ik zou de etappe van gisteren willen bezingen. De slotkilometers willen bejubelen - want wát een sport van uitgesteld genoegen is wielrennen toch. 

Maar bij elk beeld dat ik terughaal hobbelt Daniel Martin ertussendoor. Trekkend aan zijn stuur. Rukkend met zijn benen. Beukend met zijn romp van links naar rechts. Hoe een man frêle en schonkig tegelijk kan zijn.

Lees verder na de advertentie

Nairo Quintana wil ik prijzen. Eindelijk ging de kleine Colombiaan er weer eens echt vandoor. We zagen zelfs zijn ogen; zeer zeldzaam fietste hij kilometers zonder zonnebril. Leeg waren ze. Ze leken naar niets te kijken. Maar voor ik verder kan herinneren... duikt Daniel Martin alweer op. Zijn rug zo krom als die van een hyena. Het hoofd diep tussen de schouders doet hem nog meer op dat aasdier lijken. Hij fietst - altijd - in een stijl zo heftig dat het lijkt of hij van uitputting ter aarde gaat storten.

Hobbelend, zwoegend, ik denk dat hij zichzelf dit keer écht uit elkaar trekt op de flanken van de berg

Stop nu! Over Primoz Roglic wil ik schrijven, en over Steven Kruijswijk. De oud-schansspringer vliegt er zo heerlijk onbevangen in. De onervarenheid is zijn kracht, dat weet ik zeker. Als je nog niet weet hoe het voelt om tien doden te sterven, sterf je ze gewoon allemaal - en sta je bij elf nóg een keertje op. Kruijswijk noem ik sinds kort de monsterontsnapper. Hij is deze Tour zo fit, zijn sproeten gloeien je tegemoet.

Weer neemt Martin mijn geestesoog over, zijn mond ditmaal, vertrokken als De Schreeuw van Edvard Munch. Hij schreeuwt niet, er komt geen geluid uit, of het moet piepen en hijgen zijn. Liederlijk lijdend fietst hij tussen de groep met favorieten en koploper Quintana, als de vleesgeworden chasse patate.

Toms heldere ogen

Het soevereine geel van Geraint Thomas krijgt heel even voorrang op dat beeld. Wat fietst die man goed. Sterk. Zonder barstjes, zonder kraakjes. Zelfs zijn bakkebaarden zien er krachtig uit. De befaamde slechte dag, zal die nog komen? Ik steek er mijn hand niet voor in het vuur.

Het geel dooft uit - want daar is Martin weer. Hobbelend, zwoegend, ik denk dat hij zichzelf dit keer écht uit elkaar trekt op de flanken van de berg. Elke seconde sprokkelt Martin, op willekeurig welk moment. Met lak aan zijn concurrenten: hij rijdt zijn eigen Tour de France. Komt Chris Froome mee in zijn wiel? Wat kan het schelen. Zijn secondes tellen, zijn klassement.

Ik probeer Tom Dumoulin te visualiseren. Dat lukt al helemaal niet. Te veel perfectie, te veel klasse - tegenover het Ierse aasdier dat geen vers bloed ruikt, maar van gestolde korstjes schrokt. De enige flits die ik te zien krijg zijn Toms ogen. Helder. Zonder rode adertjes van uitputting. Hij glimt nog. En zo lang hij glimt, is hij alles behalve afgeschreven, zo lang hij glanst heb ik er fiks fiducie in.

Daniel Martin daarentegen zou je geen cent geven als je hem ziet rijden. Maar hij finisht als tweede. Wat maakt hij de Tour toch prachtig. Koning bijten, koning harken. En altijd, altijd vechten tot de laatste snik.

Marijn de Vries is oud-profwielrenner en becommentarieert voor Trouw de Tour. Alles over de Tour de France leest u hier, een overzicht van columns van Marijn de Vries is hier vindt u hier.

Lees ook:

Tom Dumoulin stijgt een plek, maar het geel lijkt verder weg dan ooit

Het moest een ronkende etappe worden, de zeventiende etappe in de Tour. Kort, spannend, en met een Formule 1-start waarbij de top van het klassement vooraan startte en elkaar vanaf minuut één zou bestoken met aanvallen. Lees hier ons verslag terug van de etappe van gisteren.

Op deze weetjes over wielrenners kan ik weken teren

Eerder schreef Marijn de Vries al een column over (nutteloze) wielerkennis. 'Je hebt van die wandelende encyclopedieën die werkelijk elke statistiek onthouden. Vraag mij wie er derde werd in de Touretappe van gisteren en ik weet het al niet meer. Mijn hoofd stroomt wel over, maar alleen van zaken die geen enkel nut dienen. Behalve vermaak.'

Deel dit artikel

Hobbelend, zwoegend, ik denk dat hij zichzelf dit keer écht uit elkaar trekt op de flanken van de berg