Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Cubanen tobben in hun medisch paradijs

Home

Gertie Schouten

De gezondheidszorg is een paradepaardje van het socialistische Cuba van Fidel Castro. Kritiek op zijn autoritaire, repressieve regime pareert hij graag met een verwijzing naar de successen van zijn revolutie: behalve gratis onderwijs medische zorg voor iedereen, en op een niveau dat kan wedijveren met welk land ter wereld ook. Maar veel Cubanen klagen.

LA HAVANA - ,,Het begon met de orkanen George en Mitch in 1998'', vertelt Eladio Ubcancel García van de Latijns-Amerikaanse school voor medicijnen, en hij wijst naar de grote landkaarten vol stippen en lijnen op een wand van de ontvangstzaal. ,,Gaat u er maar even bij zitten hoor.'' Hij pakt een aanwijsstok en tikt soepel en routineus de elf dorpen in Honduras aan waar Cuba na Mitch zijn artsen naar toe heeft gezonden. ,,Niet naar de hoofdstad, maar naar de uithoeken en de arme gebieden die werden vergeten'', zegt Ubcancel trots.

De medicijnenschool, op ruim tien kilometer ten westen van Havana, is een van Cuba's nieuwe pronkstukken op het gebied van de gezondheidszorg. Op persoonlijk initiatief van Fidel opgericht nadat de orkanen in Centraal-Amerika hadden huisgehouden, en nu al het onderkomen van 5118 studenten uit 19 Latijns-Amerikaanse en vier Afrikaanse landen, die hier gratis onderwijs krijgen. Vele hoogwaardigheidsbekleders zijn er al geweest, dit voorjaar nog het Spaanse koningspaar, verhaalt Ubcancel. Sinds kort zijn er zelfs vier studenten uit de Verenigde Staten. ,,Iedereen is afkomstig uit een eenvoudige families, die nooit geld zouden hebben gehad om een kind zo'n opleiding te geven.''

Cuba heeft een reputatie hoog te houden. Tot 1990 kwamen tienduizenden studenten uit met name Afrikaanse landen er een opleiding volgen, in medicijnen, en ook voor landbouw- of technische opleidingen. Tot 1999 hebben op hun beurt 20000 Cubaanse artsen in landen in Afrika gewerkt, aldus de informatieborden in de ontvangstzaal. De medische zorg geeft Cuba sympathie en prestige. In de door de overheid gecontroleerde kranten staat elke week wel weer een artikel over de positieve ervaringen en waardering voor Cubaanse artsen in Belize, Paraguay of Ghana, Zambia of Zuid-Afrika.

Is sinds het wegvallen van de Sovjet-steun begin jaren negentig het aantal plaatsen aan universiteiten drastisch gereduceerd, dat geldt niet voor de medicijnenopleidingen die jaarlijks nog steeds zo'n 5000 artsen produceren, en goede ook, geven zelfs critici toe. Cuba heeft een lage kindersterfte en de levensverwachting is met ongeveer 75 jaar vergelijkbaar met het rijke Westen, en beter dan alle landen in Latijns-Amerika met uitzondering van misschien Costa Rica.

Cubaanse oogoperaties -alhoewel omstreden- maakten in de jaren negentig furore, Cubaanse onderzoekers ontwikkelden een vaccin tegen een vorm van hersenvliesontsteking, de cocaïneverslaafde Argentijn Diego Maradona kwam vorig jaar in Cuba afkicken; en dit jaar kon Fidel Castro onmiddellijk inspringen op de rel rond de dure Amerikaanse aids-medicijnen. Hij zei dat ook Cuba wel gekopieerde goedkopere middelen voor de derde wereld zou maken.

Toch beginnen veel Cubanen te blazen als het over medische zorg gaat, want met de val van de Sovjet-Unie en de economische crisis in het land is voor de gewone Cubaan de 'eerste-wereldzorg' een utopie geworden. Van de wieg tot volwassenheid zijn de vaccinaties gegarandeerd; maar wie medicijnen nodig heeft voor zijn astma of reuma is slecht af: ze zijn in de apotheken niet te krijgen, behalve in de zogenoemde diplofarmacias waar alleen buitenlanders (onder wie diplomaten) welkom zijn, en waar bovendien het betaalmiddel de dollar is.

De medische apartheid geldt ook bij behandeling in het ziekenhuis. Buitenlanders, die van heinde en ver naar Cuba vliegen voor operaties, komen in verzorgde ziekenhuizen. Cubanen klagen echter over slecht schoongehouden hospitaals waar ze hun eigen lakens, dekens en voedsel moeten regelen.

Openlijke kritiek hierop is in Cuba taboe. Maar een enquête van een dissident onderzoeksbureau onder 900 inwoners van Havana leverde toch een heel ander beeld op van de 'medische grootmacht' Cuba. Op de stelling 'De arts en verpleegster van uw kliniek voldoen aan de verwachtingen' antwoordde 84 procent nee. En op 'Uw gezondheidsdienst beschikt over het materieel en de mensen om de bevolking adequaat te helpen' zei 71 procent nee. 'Hoe beoordeelt u de hygiëne in de gebouwen voor de medische zorg?' 93 procent antwoordde 'slecht'.

Ook uit andere antwoorden bleek grote ontevredenheid over de medische voorzieningen, al was de enquête beperkt, aldus de onderzoekers, omdat het allemaal illegaal moest gebeuren en de politie 113 enquêteformulieren in beslag nam.

'Enigszins uitgehold', noemt het Nederlandse ministerie van buitenlandse zaken op zijn website de Cubaanse gezondheidszorg. De onderzoekers formuleerden het op hun manier: Het is gratis, maar we hopen dat dit in de toekomst niet meer impliceert dat het zo inefficiënt is.

Deel dit artikel