Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

ChristenUnie wil de tropenarts redden

Home

Wilma Kieskamp

Personeel van Artsen zonder grenzen in Guinee met het laatste bekende van ebola genezen patiëntje. © AFP

Nederland moet de opleiding internationale gezondheidszorg overeind houden,  vindt de kleinste coalitiefractie.

Minister Bruno Bruins voor medische zorg moet snel om de tafel met de ziekenhuizen om een reddingsplan te maken voor de opleiding internationale gezondheidszorg, vindt coalitiepartij de ChristenUnie. Tweede Kamerlid Carla Dik-Faber noemt het ondenkbaar dat de opleiding uit Nederland verdwijnt. "Er is in de Tweede Kamer altijd veel sympathie geweest voor deze opleiding", zegt ze. "Dit moet toch te regelen zijn".

Lees verder na de advertentie

In Trouw waarschuwden ziekenhuizen dat zij niet meer in staat zijn de kosten te dragen. Zij moeten dit nu uit eigen zak betalen. Het minister van volksgezondheid, welzijn en sport vindt het niet de taak van de overheid om tropenartsen te financieren, omdat ze niet in Nederland zelf gaan werken. Uit geldgebrek zijn vijf ziekenhuizen al gestopt met de opleiding. Tropenartsen vrezen voor het einde van hun specialisme.

Discussie sleept al jaren

Of de Tweede Kamer geld beschikbaar wil stellen, is nog de vraag. De politieke discussie sleept al jaren. Het vorige kabinet hield voet bij stuk: er kwam geen financiering. Volgens de ChristenUnie is er echter een nieuwe situatie ontstaan. Carla Dik: "Nu gaat het om het voortbestaan van de opleiding zelf. Er gaat echt iets mis."

De nieuwe minister Bruno Bruins staat voor de keus of hij de 'artsen internationale gezondheidszorg en tropengeneeskunde', zoals de tropenartsen officieel heten, zo belangrijk vindt dat hij alsnog geld beschikbaar stelt. De opleiding is sinds 2012 officieel erkend, en professioneler van opzet dan voorheen. In de Tweede Kamer hebben de afgelopen jaren de ChristenUnie, SP, CDA en PvdA gevraagd om de nieuwe opleidingen financieel te ondersteunen. Alleen: zij hebben samen geen meerderheid.

Cruciaal wordt de afweging of alleen het Nederlandse belang telt, of dat ook het internationale perspectief alsnog meeweegt. "Wij moeten niet alleen medisch specialisten willen opleiden voor de zorg in Nederland zelf", vindt ChristenUnie-Kamerlid Dik-Faber. "We moeten ook internationaal onze verantwoordelijkheid nemen. Ik vind het bijna navelstaarderig als we dit door zo'n nationalistische bril blijven bekijken. Nederlandse artsen zijn ook van betekenis voor de zorg in ontwikkelingslanden".

Beurzen

In 2015 deden de linkse en christelijke partijen een vergeefse poging de opleiding te redden. Ze vroegen 100.000 euro per opleidingsplaats. Het kabinet wees het af. Desnoods moesten de tropenartsen hun opleiding laten betalen door particuliere organisaties die artsen willen uitzenden naar ontwikkelingslanden, vond het kabinet.

Kabinet vond dat de 'ver­ant­woor­de­lijk­heid voor de medische zorg bij de ont­wik­ke­lings­lan­den zelf ligt'

Ook vond het kabinet dat de 'verantwoordelijkheid voor de medische zorg in ontwikkelingslanden ligt bij die landen zelf'. Nederland geeft in dat verband soms wel beurzen aan artsen uit de betreffende landen, maar wil 'niet meer investeren in het uitzenden van Nederlandse artsen", schreef toenmalig minister Edith Schippers. Binnenkort zal blijken of haar opvolger Bruno Bruins (VVD) er anders over denkt.

Lees verder over het werk van de gedreven tropenarts: Idealistische tropenartsen zijn er genoeg, maar het geld raakt op


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel

Kabinet vond dat de 'ver­ant­woor­de­lijk­heid voor de medische zorg bij de ont­wik­ke­lings­lan­den zelf ligt'