Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Brief van Jan van Ruusbroec ontdekt

Home

Van onze kunstredactie

In de bibliotheek van het Corpus Christi College in Cambridge is een onbekende brief ontdekt van de mysticus Jan van Ruusbroec. De Brabander, die leefde van 1293 tot 1381, is de belangrijkste auteur van de Middelnederlandse geestelijke letterkunde. Tot dusver waren slechts elf traktaten en zeven brieven van hem bekend.

De ontdekking werd gedaan door Kees Schepers, die verbonden is aan de Rijksuniversiteit Groningen en voor zijn 'postdoc' aan de Universiteit van Antwerpen onderzoek doet naar de vertalingen van Ruusbroecs werk in het Latijn door tijd- en huisgenoot Willem Joraens. Ook de door Schepers gevonden brief is samen met de academisch geschoolde Joraens opgesteld.

Schepers trof de brief aan als onderdeel van een manuscript in de Cambridge-bibliotheek. ,,In een catalogus uit 1912 over die Corpus Christi-manuscripten, schreef auteur M.R.James over een liber spiritualis vitae van Ruusbroec. Onderzoekers hebben die aantekening wel opgemerkt, maar niemand geloofde dat er nog een geheel onbekend gebleven boek van Ruusbroec kon bestaan. Er werd dus niet eens gezocht. James had per abuis Ruusbroecs korte tekst aangezien voor een inleiding op het hele manuscript. Maar die brief was dus wel van Ruusbroec.''

Het handschrift is, zoals veel werken in de Corpus Christi-bibliotheek, door waterschade aangetast. Tot in de zeventiende eeuw lagen de handschriften onbeheerd en verwaarloosd in een evangelisch gymnasium in de voormalige oost-Pruisische stad Elbing, het huidige Elblag in Polen. Een Engels echtpaar mocht meenemen wat interessant leek, en bracht vervolgens een groot deel van de verzameling over naar Cambridge.

Schepers was in de bibliotheek op zoek naar een andere Ruusbroec-vertaling door Jordaens. ,,Plotseling stuitte ik op deze brief, getekend door Ruusbroec. Ik juichde niet meteen. Bij teksten uit die tijd kun je niet zomaar veronderstellen dat de ondertekenaar werkelijk de auteur is.'' Maar er zijn voldoende andere aanwijzingen om zeker te zijn dat deze brief werkelijk van de Vlaamse mysticus is. ,,Inhoudelijk sluit de brief goed aan op ander werken van Ruusbroec, zoals het belangrijke 'Die geestelike brulocht'. Verder heeft de vertaling dezelfde zwierige stijl en het unieke woordgebruik, zoals ik dat van andere vertalingen door Willem Jordaens ken. En bovendien bevat hetzelfde manuscript nog twee andere vertalingen door Jordaens.''

Ruusbroec schreef de originele brief tussen 1350 en 1380. De nu gevonden handgeschreven kopie is gemaakt in 1430. In de tekst, die zo'n 70 regels omvat, beantwoordt Ruusbroec een vraag van een mysticus uit Zuid-Duitsland: Hoe onderscheidt je goddelijke inspiratie van de duivelse influistering? Wie heeft werkelijk contact met God, en bij wie is er slechts sprake van ijdelheid? Scherpzinnig beschrijft Ruusbroec vervolgens vijf groepen van contemplatieve geestelijken. ,,In deze brief zette Ruusbroec essentiële aspecten van zijn mystieke leer uiteen. We zien hem in heel concrete omstandigheden aan het werk. In Cambridge is deze Vlaming nauwelijks bekend, maar vooral het Ruusbroec-genootschap in België en Nederland is razend enthousiast over deze vondst.'' Schepers hoopt volgend jaar een kritische bespreking van de tekst te publiceren.


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Deel dit artikel