Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Bram Appel 1921 - 1997

Home

MATTY VERKAMMAN

Het was geen opschepperij, het was eerder komisch, toen Bram Appel negen jaar geleden tijdens een aangenaam gesprek in zijn woonhuis te Geleen ineens zei: “Weet je, ik heb vooral respect voor een jongen als Ronald Koeman. Goeie mentaliteit heeft die knul. Dat is nou echt een voetballer naar mijn hart. Bovendien herken iets van mezelf in hem. Ik kon heel hard schieten, die Koeman schiet bijna net zo hard als ik.”

De vrijdag overleden Bram Appel, maakte bij het bezoek in 1988 duidelijk dat hij in hoofdzaak had genoten van zijn voetbaltijd. Hij dacht al snel professioneel, speelde voor geld in Duitsland, Frankrijk, Zwitserland en tenslotte ook nog in Nederland. Bram Appel was als actief speler een productieve aanvaller en als trainer redelijk succesvol. Met PSV werd hij in 1963 kampioen van Nederland.

Bram Appel werd geboren in Rotterdam, maar hij groeide op in Den Haag en Wassenaar, waar zijn vader op Duindigt beroepsmatig in de paardensport zat. Via Bram werden zijn vader en moeder in 1942 met de dood bedreigd. Bij een razzia kreeg de jonge voetballer te horen dat zijn ouders werden dood geschoten, wanneer hij zich 's avonds niet op het Hollands Spoor voor transport naar Duitsland zou melden. “Dan heb je niet veel keus meer”, zei hij achteraf. In Duitsland werd Appel ('ze noemden mij Leo, want Bram vonden ze te joods') al snel een bejubelde midvoor van Hertha Berlin. Tussen de bombardementen door scoorde hij aan de lopende band voor Hertha. In Berlijn was Heinrich Himmler op zeker moment zijn buurman. “Pas na die rotoorlog kreeg ik te horen waar Himmler verantwoordelijk voor was.”

Na de oorlog werd Bram Appel in Nederland geschorst door de KNVB. Het was nota bene bondsvoorzitter Karel Lotsy, die zich sterk maakte voor die schorsing; dezelfde man, die het tijdens de bezetting zo goed kon vinden met de Duitsers en die in Berlijn zelfs bij wedstrijden met Bram Appel in het veld op de eretribune werd gesignaleerd.

De schorsing na de oorlog wekte bij Appel een woede, die hij nooit meer kwijtraakte. “Niemand heeft mij ooit kunnen uitleggen wat er fout aan was om als dwangarbeider in Duitsland ook nog te voetballen. Door dat voetballen kreeg ik beter te eten en kwam ik op een minder gevaarlijke plaats te werken. Mocht dat niet, dan?”

Bram Appel was al bijna 27 jaar toen hij in het Nederlands elftal debuteerde. Dat gebeurde op de Olympische Spelen van 1948. Nadat midvoor André Roosenburg geblesseerd was geraakt in de openingswedstrijd tegen Ierland, werd Appel met spoed overgebracht naar Londen, waar hij op Highbury tegen de Britse ploeg meteen twee keer scoorde. Oranje verloor overigens na verlenging met 4-3. Zeven jaar later kreeg Appel als gevorderde dertig-plusser een tweede kans in het Nederlands elftal. Op de leeftijd van 39 jaar zette hij een punt achter het actief voetballen. Twaalf interlands hadden de kopsterke en veel schietende midvoor tien goals gebracht.

Als voetballer droeg hij achtereenvolgens de kleuren van BZW, SVT, Archipel, ADO - vier Haagse clubs - Hertha BSC, weer ADO, VVS Sittard, Sittardse Boys, Stade de Reims, Lausanne Sports en Fortuna '54. Bij Lausanne Sports was hij halverwege de jaren vijftig speler-trainer. Vanaf 1960 werkte hij voorts als full time-trainer bij Volendam, PSV, Fortuna '54, Beringen en Eindhoven. Net vijftig jaar was Appel toen hij het trainersvak voor gezien hield en overstapte naar de handel in huizen.

Deel dit artikel