Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Bloembollen kleuren langzaam groen(er)

Home

DORA ROVERS

De bloembollenteelt spant de kroon als het gaat om bodemvervuiling. De sector zet nu stappen in de groene richting met een 'duurzaam light' bol. Greenpeace is positief.

Wie de bollensector één grote milieuvervuiler noemt, raakt vader en zoon Rudolph (63) en Dolph (33) Uittenbogaard recht in hun telershart. Dolph: "De publieke opinie maakt een scherpe scheiding tussen de biologisch geteelde bloembol, de enige die respectabel zou zijn, en de verwerpelijke gifbol. Maar in de supermarkt zeg je toch ook niet: 'Dit zijn biologische groenten, de rest is gifgroente?'."

Maar Rudoplh en Dolph, de derde, respectievelijk vierde generatie van Jac. Uittenbogaard &Zonen BV uit Noordwijkerhout, moeten wel toegeven dat de bollenteelt slechts mondjesmaat groen kleurt. Terwijl de consument in het groenteschap veel te kiezen heeft. Vandaar hun inspanningen om een duurzame narcis en duurzame tulp op de markt te brengen.

Lees verder na de advertentie

Illustere namen

"Dit zijn ze", zegt Dolph, terwijl hij wijst naar geelgekleurde langgerekte stroken in het Zuid-Hollandse landschap. "Dit zijn de Jetfire en de Tête-à-tête-narcissen." Voor de duurzame tulpen met illustere namen als Lions Glory, Ile de France en Verona is het nog te vroeg in het seizoen om het perceel in te kleuren.

In totaal staan hier 35 hectare duurzame bollen die, als ze in juli zijn gerooid, het Milieukeur bloembollen krijgen, toegekend door de Stichting Milieukeur (SMK). Behalve Uittenbogaard brengen nog twee andere bollenkwekers hun blauwe druifjes, tulpen en narcissen met dit nieuwe keurmerk op de markt, voor milieubewuste consumenten en gemeenten die duurzaam siergoed willen.

Nu bestaan er wel bollen die nog beter zijn voor het milieu: biologische bloembollen. Maar die vormen slechts één procent van het totale bollenareaal, en dat kan niet snel worden vergroot. De omschakeling van gangbaar naar biologische teelt duurt immers twee jaar. Verder zijn biologische bollen een stuk duurder, omdat de opbrengsten lager zijn, de kwaliteit instabiel is en de arbeidskosten relatief hoog. Bovendien: op grote exportmarkten als China en Japan is geen vraag naar biologisch geteelde producten.

Tussenbol

De bollensector komt daarom met een tussenbol: een variant met minder chemische bestrijdingsmiddelen, maar nog niet gifvrij. "Duurzaam light", noemt Michiel van Geelen van Greenpeace het. De milieuorganisatie stelde de criteria op, samen met bollentelers en hun brancheorganisatie, de Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur (KAVB) - dit alles onder de hoede van SMK .

De aanvankelijk ambitieuze normen moesten al snel naar beneden worden bijgesteld, aldus Van Geelen, omdat de telers anders te weinig mogelijkheden zouden hebben om ziektes en plagen te bestrijden. Toch is Greenpeace positief over de behaalde resultaten. "Het aantal chemische bestrijdingsmiddelen is zo fors verminderd. De bollensector moet van ver komen", aldus Van Geelen.

Imago

De bollenboeren willen hun teelt wel aanpassen. Ze kunnen ook niet anders. Niet alleen zijn ze bezorgd over hun imago, in de nota 'Gezonde Groei, duurzame Oogst' van het kabinet staat dat uiterlijk in 2023 moet zijn voldaan aan (inter)nationale eisen op het gebied van milieu- en water, voedselveiligheid, menselijke gezondheid en arbeidsomstandigheden.

Het Milieumerk bloembollen gaat verder dan deze wettelijke normen. Volgens André Hoogendijk, adjunct-directeur van de KAVB, zal het aantal duurzame bloembollen even goed de komende jaren toenemen. Extra investeringen die hiervoor nodig zijn, kunnen de bollenboeren best ophoesten. 2015 was een topjaar met hoge opbrengsten en hoge prijzen voor tulp en lelie.

Internationale concerns

De fabrikanten van chemische bestrijdingmiddelen helpen, ironisch genoeg, een handje bij de verduurzaming van de Nederlandse sierteelt. Als gevolg van overnames is er bij de grote internationale concerns die hierdoor zijn ontstaan weinig belangstelling voor ontwikkeling van chemische bestrijdingsmiddelen voor de Nederlandse bollenteelt. Die stelt op wereldniveau weinig voor, legt Hoogendijk uit.

Ook Van Geelen ziet goede kansen voor groei van de duurzame bol. Hij wijst op de strengere eisen door een grote supermarktketen als Aldi Duitsland. Die hanteert een door Greenpace opgestelde zwarte lijst met daarop zeven insecticiden die de bollenteler niet langer mag gebruiken op straffe van boycot. Hieronder vallen neonicotinoïden, ook wel het bijengif genoemd. Het gebruik hiervan wordt als een belangrijke oorzaak genoemd van de achteruitgang van de bijenpopulatie.

Biologisch telen

Rudolph Uittenbogaard kwam al eerder tot de conclusie dat het roer om moest. Biologisch telen heeft hij nog geprobeerd. Maar dat is zonder chemische bestrijdingsmiddelen volgens hem volstrekt onrendabel. Hij wijst met zijn arm op heuphoogte: "Zo hoog stond het onkruid op dat stuk. Je kon de bollen niet eens meer zien."

Maar de 'bloembol light', daar kan hij wel mee uit de voeten. Het kán ook niet anders, gezien de duurzaamheideisen van afnemers, zegt hij. De bollenteler uit Noordwijkerhout gaat nu anders om met bestrijding van de grootste vijand van de bollenteelt: aaltjes.

Onder deze meercellige diertjes zijn schadelijke soorten. Die laatste verzwakken de bol, laten die afsterven of verspreiden schimmels en ziektes. Japanse haver zaaien, vermengd met het zaad van Afrikaantjes, is een natuurlijke wijze om schadelijke bodemaaltjes tegen te gaan. Dat betekent, zegt Rudolph, wel dat de grond een jaar onbenut blijft voor bollenproductie.

Verder werkt zijn bedrijf met lekbakken die voorkomen dat verontreinigd water in de bodem en het grondwater terechtkomt. Dat risico ontstaat bij de ontsmetting van de bol en ook bij het wassen van de bol na het oogsten. Bovendien passen vader en zoon een nieuwe methode toe.

Door verdamping van het water blijven de restanten van de gewasbeschermingsmiddelen achter. Rudolph: "Die voeren we nu op een veilige manier af en sproeien die niet langer over de grond uit."

Het gevolg is wel dat de opbrengst per hectare minder is. De bollen zijn straks dan ook zo'n tien procent duurder dan de gangbare bol maar een stuk goedkoper dan de biobol. De consument lijkt er klaar voor.

Lelie 40,7

Tulp 21,3

Gladiool 37,9

Narcis 19,4

Hyacint 16,6

Iris 17,0

Er geldt een 'neo-niks' beleid, dat wil zeggen dat er geen neonicotinoïden zijn toegestaan. Ook verboden zijn: mancozeb, glufosinaat-ammonium en methiocarb.

Gebruiksnorm Milieukeur Bloembollen per hectare (kg):

Lelie 135

Tulp 27

Gladiool40

Narcis 24

Hyacint21

Iris88

Bestrijdingsmiddelen per hectare (kg) in 2012:

Deel dit artikel