Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Bijval voor Verbeets vierjarenplan groeit

Home

Maaike van Houten

Gerdi Verbeet © ANP

Kamervoorzitter Gerdi Verbeet suggereert om de Tweede Kamer een vaste termijn te geven van vier jaar. In het parlement zelf is dit idee meteen neergesabeld. Maar daarbuiten krijgt ze meer bijval. Oud-minister Nijpels (VVD) voelt er wel voor dat de Kamer, net als de gemeenteraad en Provinciale Staten, vier jaar blijft zitten. Hoogleraar parlementaire geschiedenis Carla van Baalen vindt de gedachte het overwegen waard. Ze heeft wel drie lastige vragen.

Maar eerst een relativering. Een kabinet dat de rit zonder crisis uitzit, is in Nederland tamelijk uitzonderlijk, zegt Van Baalen van de Radbouduniversiteit in Nijmegen. Na de oorlog zijn er 27 kabinetten geweest. Dat is inclusief regeringen zoals het derde kabinet-Balkenende, dat doorging nadat D66 eruit was gestapt. Van die 27 haalden maar vijf de eindstreep zonder tussentijds gelijmde breuken.

Instabieler
Maar Van Baalen wijst er ook op dat het laatste kabinet dat er vier jaar zat, het eerste paarse kabinet, alweer twaalf jaar geleden afzwaaide. "Het is instabieler geworden, vroeger zat er altijd wel eentje tussen die het wat langer uithield", zegt ze. "Het is voor een kabinet een hele opgave de rit vol te maken." Toch moet de regel wel blijven dat een regering vier jaar blijft, vindt Van Baalen. Die tijd heeft ze nodig om plannen te bedenken en uit te voeren.

Maar als een kortere zittingsduur van een kabinet geen optie is, wat dan? Laat de Tweede Kamer vier jaar blijven, zeggen Verbeet en Nijpels. "Als het kabinet dan eerder valt, moeten de fracties binnen de bestaande politieke verhoudingen een nieuwe coalitie vormen", zei Verbeet vrijdag in het Reformatorisch Dagblad.

Drie bezwaren
Van Baalen wil daar over nadenken. Maar ze ziet drie forse bezwaren. Ten eerste: regering en Kamer werken, in theorie, onafhankelijk van elkaar. "Kamer en kabinet kunnen elkaar naar huis sturen", zegt de historica. "Als de Kamer een termijn heeft van vier jaar, heeft het kabinet die mogelijkheid niet meer. Dat is ten principale een verandering van het systeem." Ook wijst ze op wijzigingen in de Grondwet. Die mogen alleen worden doorgevoerd na nieuwe verkiezingen - reden waarom het eerste kabinet-Beel al na twee jaar stopte. "Nu laten we die wijzigingen van de Grondwet stiekem meelopen met de verkiezingen", zegt de Nijmeegse hoogleraar. Als de Kamer minder vaak rouleert, duurt dat - toch al tijdrovende - proces automatisch langer. Een derde vraag is: wat te doen bij crisis? Kan dan zomaar de ene coalitie voor de andere worden gewisseld, zoals in 1965 en 1966, toen kabinetten van verschillende signatuur werden geformeerd op basis van één en dezelfde verkiezingsuitslag van 1963? "Daar kwam toen veel kritiek op", zegt Van Baalen. "Want wat is een uitslag nog als je er alle kanten mee opkan?" Wel kwamen er toen andere premiers (Cals en Zijlstra). Had dat ook gemoeten als CDA en VVD dit voorjaar hadden besloten samen verder te gaan, zonder de gedoogpartner PVV? Of had Rutte verder kunnen gaan met, pakweg, de Kunduz-coalitie?

Voorlopig laat Van Baalen het bij de vragen. "Ook voor mij geldt dat ik hier nog eens stevig over moet nadenken."

Deel dit artikel