Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Bijstandsgerechtigde opgejaagd door buren

Home

Roos Menkhorst

Brave burgers geven steeds makkelijker hun met uitkeringen frauderende buurman aan. Maar niet alles dat op fraude lijkt, is ook echt fraude. En de slachtoffers vrezen voor hun enige zekerheid.

Klikken over fraude met uitkeringen wordt steeds populairder, bleek deze week uit een onderzoek van de Sociale Verzekeringsbank. Ook onder bijstandsgerechtigden is dit niet onopgemerkt gebleven. De angst om verklikt te worden zit er goed in.

„Er zijn mensen die de schijn opwekken een baan te hebben. Ze gaan ’s ochtends de deur uit, spelen de hele dag klaverjas in het buurthuis en komen om zes uur weer thuis. Puur uit angst om verklikt te worden door de buurt”, aldus Theo Veenboer, consulent van de Bijstandsbond. De bond behartigt de belangen van mensen met een uitkering in Amsterdam.

Veenboer maakt zich als consulent en uit keringsgerechtigde ernstige zorgen over de toenemende ’klikbereidheid’ van burgers. „Ik merk dat mensen heel bang worden, want als je je niet netjes gedraagt, word je uitkering stopgezet. De overheid is de aanjager van deze harde mentaliteit. Ze heeft een economisch belang bij het opsporen van uitkeringsfraude en met het gevoerde beleid wordt klikgedrag indirect aangemoedigd: Burgers denken dat het normaal is om voor politieagentje te spelen.”

Sinds de invoer van de Wet Werk en Bijstand in 2004 voert iedere gemeente zelf haar bijstandsbeleid uit. In het kader van de wet voert de gemeente onder meer buurtonderzoeken uit om fraude op te sporen. Hiervoor worden buren ondervraagd over het gedrag van hun buurman of buurvrouw. Marc van Hoof, advocaat bij de Bijstandsbond: „Ambtenaren van de gemeente gaan de buurt in en stellen vragen als ’Wie is die meneer die naast u woont?’ en ’Komt er wel eens een vrouw over de vloer?’ Dit werkt als een negatieve spiraal voor de persoon met een uitkering. In de buurt gaat men denken ’er zal wel iets mis zijn met mijn buurman, want anders wordt er toch geen onderzoek naar hem gedaan’.”

„Je weet niet tegen wie je je verweert omdat het klikken anoniem gaat. Als je in een pand woont met zes andere bewoners dan ga je elkaar daardoor toch vreemd aankijken”, zegt Veenboer. Op het moment dat een uitkeringsgerechtigde wordt beschuldigd van fraude, moet hij zelf bewijzen dat het niet waar is. Met dat beeld in het vooruitzicht raken uitkeringsgerechtigden volgens de Bijstandsbond in paniek. Veenboer: „Mensen zijn bang dat hun uitkering, vaak de enige zekerheid die ze hebben, wegvalt.”

Naast buurtonderzoeken voert de gemeente ook huisbezoeken uit om fraude op te sporen. Van Hoof: „Die huisbezoeken zijn een regelrechte inbreuk op je privacy. Ik begeleidde een man die tijdens een controle de inhoud van zijn kledingkast moest laten zien. Zijn uitkering werd vervolgens stopgezet omdat hij vrouwenkleding in huis had, wat er op zou duiden dat hij samenwoonde. Wat bleek, de man verkleedde zich soms als vrouw.”

Veenboer erkent dat uitkeringsfraude veelvuldig voorkomt en hij begrijpt daarom ook dat controles nodig zijn. Maar hij maakt zich kwaad over de manier waarop de contoles worden uitgevoerd: „Bij mij zijn ze jaren geleden op huisbezoek geweest. Mijn voordeur stond open – ik moest even iets pakken uit de auto – en voordat ik het wist waren de twee ambtenaren al de trap opgerend. Dat is toch absurd. De overheid én de burger zijn inmiddels tegen ons. Iedereen die een uitkering heeft, kan morgen verklikt worden. Dat is de sfeer waarin we leven.”

Deel dit artikel