Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Bhopal geeft de strijd niet op

home

Aletta André

Vijfentwintig jaar na de giframp in Bhopal vechten de overlevenden van de Indiase stad nog altijd om gerechtigheid. Compensatie is nooit uitgekeerd, noch zijn de schuldigen berecht. Dow Chemical, sinds 2001 eigenaar van de betrokken Union Carbidefabriek, vindt dit ook heel erg, maar zegt niet verantwoordelijk te zijn. En betaalt dus niet.

’Dat wat me niet doodt, maakt me sterker”, schreef de Duitse filosoof Friedrich Nietzsche ruim een eeuw geleden. Op weinig plaatsen is deze bekende uitspraak zo toepasselijk als in de Indiase stad Bhopal. Vijfentwintig jaar nadat hier duizenden mensen om het leven kwamen door een gaslek in de Union Carbide-fabriek, vechten de straatarme overlevenden van de ramp tegen de macht van multinationals en overheden.

Iedere woensdagmiddag komen ze bijeen, in de schaduw van een watertoren in aanbouw in de arme wijk Blue Moon Colony. Safiq, een riksjachauffeur die sinds 1984 aan astma lijdt. Lakshmi, een 14-jarig meisje met haar werkloze ouders. Nani – oma – en haar kleindochter Ganga, een weesmeisje. Maar ze zijn hier niet om over hun ziektes en armoede te praten of om herinneringen op te halen. Ze komen samen om campagnes en demonstraties te plannen.

Hazra Bee, een 54-jarige vrouw in een oranje salwar kameez, een traditioneel Aziatische tuniek en broek combinatie, is er elke week bij. De reden is zowel simpel als schokkend. „Na vijfentwintig jaar is er nog steeds geen rechtvaardigheid voor ons.”

Inderdaad komen de eisen die ze opnoemt oncomfortabel bekend voor: het compensatiegeld moet onder de slachtoffers worden verdeeld; de schuldigen moeten voor de rechter verschijnen; de fabriek, die, weliswaar roestend en vol onkruid, nog altijd overeind staat, moet worden ontdaan van de tonnen achtergebleven chemisch afval. En niemand anders dan Dow Chemical, het bedrijf dat Union Carbide in 2001 overnam, moet hiervoor betalen.

Hazra Bee woont nog in hetzelfde huis waar ze in 1984 met brandende ogen wakker werd, waar ze met ademnood de straat op vluchtte en waar ze in paniek haar zoontje van vier in zijn bed achterliet. De gedachte aan die nacht brengt tranen in haar bruine ogen, maar ze veegt ze snel weg en de strijdlust keert terug in haar gezicht.

Immers, ze vecht niet voor haar persoonlijke problemen. Die chronische hoofdpijn en ademhalingsproblemen wennen wel, zegt ze. En de zorg voor een volwassen zoon die door het gas hersenschade opliep, en haar man, die haar uit schaamte voor zijn toekomst als zieke werkloze in 1990 verliet? Ach, zegt ze, zo is het gegaan, en arm waren we voor 1984 ook al.

„Het gaat om de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen, die staat op het spel als er niet gauw iets gebeurt. Kijk hier.” Hazra Bee loopt naar de voordeur van haar huis en wijst op een waterleiding die over de grond loopt. Het Indiase hooggerechtshof beval de overheid in 2005 om alle 25.000 bewoners van de buurten die rond de fabriek liggen van schoon drinkwater te voorzien. De leiding is echter leeg. Hetzelfde geldt voor de zwarte tanks, die af en toe met schoon water uit een nabijgelegen dam worden gevuld. „Morgen komt er nieuw water bij, hopelijk. Maar vandaag moeten we ook drinken, koken en ons wassen.” Ze wijst naar een put verderop, waar een aantal mannen en vrouwen in de rij staan met emmers. „Water uit de grond. Niet goed”, zegt ze.

De put ligt nog geen twintig meter verwijderd van de muur die de oude fabriek omringt, vol graffititeksten tegen Dow Chemical. Inderdaad hebben verschillende studies door de jaren heen hier hoge doses giftige stoffen aangetroffen, niet alleen in de grond en het water, maar ook in de lucht, planten en zelfs de melk van jonge moeders. Erger nog, de stoffen zinken dagelijks dieper, en verspreiden zich samen met het grondwater in noordoostelijke richting.

Niemand in de wijken rond het fabrieksterrein lijkt aan het gif te ontsnappen. De minimale klachten zijn hoofdpijn, buikpijn en duizeligheid, maar ook blaren, lever- en nierziektes en diabetes komen vaak voor.

Leela, een buurvrouw van Hazra Bee, heeft een zoon met diabetes. De medicijnen zijn niet goedkoop, het kost haar ongeveer 3 euro per week. Ze zou gratis medicijnen via de overheid kunnen krijgen, maar volgens Laila werken deze niet. Het is een vaker gehoorde klacht. Ook een onderzoekscommissie die in 2005 werd opgezet door het Indiase Hooggerechtshof concludeert dat de kwaliteit van medicijnen van de gratis overheidsziekenhuizen voor slachtoffers van de gasramp ondermaats is – net als de apparatuur, de hygiëne en het aantal dokters en specialisten.

Zo zijn er geen speciale afdelingen voor vrouwen en kinderen van slachtoffers, terwijl het effect van het gas op hun gezondheid meermalen is vastgesteld. Hazra Bee menstrueert al sinds 1984 niet meer. Veel jonge vrouwen die na de ramp werden geboren zijn nooit ongesteld geweest. Bij andere vrouwen komen miskramen veel voor, terwijl kinderen die worden geboren vaak afwijkingen als hazenlippen, hersenschade en misvormde of onderontwikkelde botten hebben.

Leela’s zoon, bijvoorbeeld, is 1,20 meter lang. Als ze hem vraagt naar buiten te komen keert hij zijn gezicht richting de muur van de huiskamer en weigert te bewegen, verlegen en koppig. „Hij is 22, maar nog een beetje kinderlijk”, zegt Leela verontschuldigend.

Niet ver bij Hazra Bee en Leela vandaan woont Saroj, een 14-jarige jongen die niet kan praten, niet kan lopen en zelfs nauwelijks kan zitten. En vlak bij de watertoren waar de bijeenkomsten op woensdag worden gehouden, wonen Shazia en Fozia, een tweeling van zeven jaar met het verstand van een driejarige.

De stichting Chingari, die deze kinderen helpt met gratis scholing en fysiotherapie, heeft momenteel ruim 200 kinderen onder de 12 jaar met aangeboren afwijkingen geregistreerd. Dit aantal is in een gemeenschap van 25.000 sowieso hoger dan statistisch verklaarbaar.

Toch ontkent Dow Chemical Company dat het gebied vervuild is, en als het al zo is, dat het bedrijf er verantwoordelijk voor is. „Bhopal was een verschrikkelijk ongeval, maar Dow was nooit eigenaar van de fabriek. De fabriek was eigendom van Union Carbide India Limited (UCIL) en Union Carbide verkocht de aandelen in UCIL in 1994 – zeven jaar voordat Dow Chemical het bedrijf overnam”, zo luidt de officiële verklaring van het bedrijf.

Union Carbide verklaart dat uit een rapport van India’s National Environmental Engineering Research Institute (NEERI) in 1997 blijkt dat de grond buiten het fabrieksterrein niet vervuild is en dat het terrein niet meer de zaak van het bedrijf is sinds de staat Madya Pradesh in 1998, op basis van het NEERI rapport, de lease van het terrein aan Union Carbide officieel beëindigde.

De Indiase overheid blijft, net als Union Carbide, naar dit rapport verwijzen en doet er dit jaar nog een schepje bovenop. Voor het eerst in vijfentwintig jaar zal de fabriek deze week worden opengesteld voor publiek. „Zodat iedereen met eigen ogen kan zien dat er geen chemisch afval rondslingert en dat de grond niet vervuild is”, zegt de minister voor Gas Relief.

Maar volgens Avi Singh, een van de advocaten die de overlevers van de ramp vertegenwoordigen, bewijzen latere rapporten dat er wel degelijk vervuiling is, en doet het er bovendien niet toe wie nu de aandelen of het terrein bezit. „De vervuiler, en niet de overheid, moet betalen, dat is simpelweg de wet.”

De Bhopali’s geven de strijd niet op. De komende dagen gaan ze in optocht door de straten van Bhopal, hangen ze posters en spandoeken op de muur rond de fabriek, laten ze films zien en houden ze tentoonstellingen, lezingen en poëziebijeenkomsten. „De kans bestaat dat we gearresteerd en geslagen worden, maar toch gaan we”, moedigt Sadiq zijn buren bij de wekelijkse vergadering aan. Ook Hazra Bee toont zich onvermoeibaar: „Ik vecht al vijfentwintig jaar en zal doorgaan tot mijn laatste adem. Ik hoop dat er voor die tijd rechtvaardigheid is, maar zo niet, dan weet ik dat onze kinderen de strijd zullen voortzetten.”

Lees verder na de advertentie
Het verlaten terrein van Union Carbide in de arme wijk Blue Moon Colony. Alle omwonenden hebben lichamelijke klachten. (FOTO'S ALEX MASI) © Alex Masi
Een vrouw wiegt haar kindje dat blind werd na het lekken van gifgas uit de Union Carbide-fabriek. (FOTO AP) © ASSOCIATED PRESS
Tasleen, 26, verzorgt haar dochter Zubin, 3 jaar. Zubin kwam gezond ter wereld, maar raakte ernstig ziek, waarschijnlijk door het drinken van vervuild water. (FOTO ALEX MASI)

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.