Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Bert Wagendorp: Twijfel is goud

Home

Joost van Velzen

Bert Wagendorp. © Maartje Geels
Interview

Na de verfilmde bestseller ‘Ventoux’, stort Bert Wagendorp zich in zijn nieuwe roman op zijn eigen stiel: de journalistiek.

De honderdduizenden lezers van ‘Ventoux’ hoeven zich geen zorgen te maken: ‘Masser Brock’, het nieuwe boek van schrijver en Volkskrant-columnist Bert Wagendorp, leest weer als een tierelier. In wat je een kruising zou kunnen noemen tussen een roman en een literaire thriller, trekt de auteur dit keer een journalistiek decor op. En dat is er wél eentje om je zorgen over te maken.

Lees verder na de advertentie

Hoofdpersonage Masser Brock, natuurlijk niet toevallig columnist bij een groot landelijk dagblad, ontdekt in de rol van onderzoeksjournalist dat zoiets als ‘doen aan waarheidsvinding’ domweg onbegonnen werk is. Zo stuit hij op duistere drugsdeals en blijkt de geheime dienst een fikse vinger in de pap te hebben gehad bij nota bene zijn eigen krant. Omdat zijn zus spindoctor is van de premier, raakt Masser ook nog eens verstrengeld in allerlei belangen. Wat is de waarheid als iedereen die op zijn eigen manier wil bezweren? Ga er als journalist maar aan staan. En nu we het toch over het vak hebben: Is een gebeurtenis tegenwoordig nog het nieuws, of de mening óver die gebeurtenis?

Zou het kunnen dat wij op de redacties van de Volkskrant en Trouw daadwerkelijk te maken hebben (gehad) met mollen van de geheime dienst?

“Ja, het gebeurde. En misschien nóg wel. Wij hebben ‘de Volksknar’, een krantje voor ex-redacteuren, en daar stond laatst nog in dat er in de jaren zeventig zo’n verhaal, waarvan de bron ineens in geen velden of wegen was te bekennen, daadwerkelijk de krant heeft gehaald. Het gebeurde bij alle grote media en het is in de jaren vijftig begonnen, sinds de Koude Oorlog. De CIA had een groter persbureau dan verschillende Amerikaanse persbureaus samen en een krant als het Duitse Bild is zelfs opgericht met geld van de CIA. Fascinerend, toch? Dat boek, ‘Who paid the piper’ van Frances Stonor Saunders gaat daar over, ik heb het verslonden. Je hebt een man van Al-Qaida, die overal wordt opgevoerd. Ook bij ons, ook bij jullie, overal. Maar die man bestaat helemaal niet. Die bestaat gewoon niet!”

Onder het mom van objectiviteit proberen we zo dicht mogelijk bij de waarheid te komen, daar moeten we het mee doen

Hoe komt zo iemand dan toch de kolommen in?

“Spinwerk. Geloofwaardig spinnen. Dat werkt kennelijk zo subtiel, dat iedereen het overneemt. Met als doel natuurlijk om de geesten van het volk de gewenste kant op te krijgen. Het gebeurt bij grote politieke kwesties maar ook bij kleinere zaken. De strijd om de werkelijkheid speelt zich af op alle niveaus.”

Daar komen de journalisten in uw boek ook achter.

“Die Masser denkt in het begin van zijn journalistieke loopbaan nog: Als ik maar diep genoeg doorspit dan kom ik vanzelf wel tot dé waarheid. Maar het ligt natuurlijk een stuk genuanceerder. Onder het mom van objectiviteit proberen we zo dicht mogelijk bij de waarheid te komen, daar moeten we het mee doen.”

Dat is toch ontzettend frustrerend?

“Ik heb het zelf met wielrennen meegemaakt. Toen ik daar verslag van deed wist ik natuurlijk heus wel dat er van alles speelde met doping. Maar je kunt er niets mee als je het niet hard krijgt. Zelfs als een bron het je eerlijk vertelt, zal die dat later nooit bevestigen en is het dus geen bron meer. Hoe groter de belangen zijn, hoe lastiger het is om een voet tussen de deur te krijgen. In het boek staat een scène waarin de verschillende belanghebbenden onderhandelen over de werkelijkheid. En als je ieders belang op zichzelf bekijkt, dan kan ik mij in al die waarheden nog wel verplaatsen ook. Zie dan als journalist maar eens op te schrijven hoe het werkelijk zit.”

Toen ik verslag van het wielrennen deed, wist ik natuurlijk heus wel dat er van alles speelde met doping

Of als columnist. U bent met drie columns in de week in een grote landelijke krant een invloedrijk opiniemaker.

“Dat vraag ik me af. Ik sprak eens een PvdA-Kamerlid dat zei: ‘De val van het kabinet Balkenende-Bos werd mede veroorzaakt door jouw columns en kritiek op de Uruzgan-missie’. Dat is echt onzin. Dan is er iets mis bij jullie, zei ik hem toen. Ik denk sowieso dat de invloed van mijn columns niet zo groot is. Misschien moeten mensen ’s ochtends even lachen als ze de column lezen bij het ontbijt. Of ze denken even ergens over na. Dan ben ik al tevreden.

“Ik ben wel anders gaan denken over mijn rol als columnist door het schrijven van dit boek. Het nadenken over wat waarheid is, heeft me aan het twijfelen gebracht. Neem nu dat twittermeisje uit Aleppo. Een collega van mij wees me op de kleding die dat meisje draagt. Veel te nieuw, veel te modern, veel te rijk voor zo’n meisje uit zo’n oorlogsgebied, zei ze. Ja, jongens, dacht ik, moet ik dan steeds maar aan alles blijven twijfelen?

“En het antwoord is ja. Ja, je moet steeds blijven twijfelen. Twijfel is goud. Een dogmatische mening, boven iedere twijfel verheven, is een versimpeling. Als er al een boodschap in dit boek zit, dan is het dit. Ook de krantenlezer moet dat beseffen. Dat gemakkelijke afbranden, ik doe het nog wel, maar minder.”

Biedt het schrijverschap u een soort tegenwicht aan het columnist zijn?

“Ja. Al lopen mijn beide bezigheden bij dit boek natuurlijk heel erg in elkaar over. Masser’s overwegingen zijn voor een deel ook mijn overwegingen. Ook ik merk heel sterk dat niet het nieuws maar de meningen, opinies over het nieuws bijna het bestaansrecht van de krant zijn geworden. De opinies zijn geëxplodeerd, het nieuws heeft zijn waarde verloren. Sterker: opinies genereren soms zelfs het nieuws.”

Ik merk heel sterk dat niet het nieuws maar de meningen, opinies over het nieuws bijna het bestaansrecht van de krant zijn geworden

Maakt u zich zorgen over die ontwikkeling? Naderen we het moment dat fictie en werkelijkheid in elkaar over lopen?

“Omdat we maar een deel van de werkelijkheid kennen, zijn we geneigd die zelf dan maar aan te vullen. Masser in het verhaal worstelt daar ook mee. Die wil controle en dat is bijna niet te doen, dat frustreert hem. Ik begrijp hoe het werkt - en het is in wezen iets van alle tijden - maar we moeten niet nog verder die kant op.”

Nee. Maar wat doe je er aan?

“Kranten moeten hun degelijkheid meer in de strijd gooien. Dat is hun sterkste wapen. The New York Times heeft dat al goed in de gaten. Die voeren op hun site de slogan: Truth is hard to find. But easier with 1000 + journalists looking. Sinds Trump is aangetreden kreeg die krant er 275.000 lezers bij. Er is dus kennelijk toch behoefte aan degelijkheid, aan betrouwbaarheid. Als het kranten lukt om dat uit te dragen dan zie ik het wel zonnig in.”

Uw vorige roman Ventoux was een enorm succes. Veranderde dat nog iets bij het schrijven van dit boek?

“Het heeft me meer zelfvertrouwen gegeven. Het idee voor ‘Ventoux’ kwam bovendien van anderen, dit boek is echt van mezelf. Ik had dit idee al ver voor ‘Ventoux’ in mijn hoofd, van zo’n beetje naïeve figuur, die graag de journalistiek in wil en er al snel achterkomt dat het allemaal zo zwart-wit niet is. De rest van het boek ontwikkelde zich tijdens het schrijven. Het verhaal moest echt voortkomen uit losse gedachten.

“Aan een boek schrijven is uiteraard ook heel anders dan het schrijven van een column. Dat is de 100 meter sprint, dit was de marathon. Ik heb het geschreven vanuit de gedachte dat niet alleen het schrijven ervan leuk moest zijn, maar ook het lezen. Aan dat zelfvertrouwen kleefde ook weer een gevaar, trouwens. Daardoor vloog ik soms uit de bocht en moest er wel eens iemand zeggen: Hier moet je toch echt even snoeien. Maar het prettigste was dat ik maar één waarheid in de gaten hoefde te houden, en dat is de waarheid tussen die twee flappen.”

Masser Brock. Bert Wagendorp. Uitgeverij Atlas Contact, Amsterdam. 414 bladzijden.

Deel dit artikel

Onder het mom van objectiviteit proberen we zo dicht mogelijk bij de waarheid te komen, daar moeten we het mee doen

Toen ik verslag van het wielrennen deed, wist ik natuurlijk heus wel dat er van alles speelde met doping

Ik merk heel sterk dat niet het nieuws maar de meningen, opinies over het nieuws bijna het bestaansrecht van de krant zijn geworden