Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Berbers is geen minderwaardig Arabisch dialect

Home

Khadya Azalam en Badr Coucou en Harry Stroomer

Marokkaanse jongeren hielden vorige maand een handtekeningenactie: ze willen onderwijs in hun eigen taal. Niet het al gebruikelijke Arabisch, maar Berbers, want negentig procent van de Marokkanen in ons land spreekt die taal. Heel goed, maar de roep om onderwijs in eigen taal komt met name van mensen die het Rifijns Berber spreken, komend uit het Rif-gebergte in Noord-Marokko. Het is goed te weten dat er meer Berbertalige gemeenschappen in Nederland zijn dan de Rifijnse Berbers alleen.

In Marokko komt het Berbers in drie dialectclusters voor: In het noorden de Rif Berber-dialecten, door de sprekers zelf Tarifit genoemd, een taal met ongeveer 1 tot 2 miljoen sprekers. De Berberse dialecten van de Marokkaanse Midden-Atlas, Tamazight genoemd, tellen ongeveer 3 miljoen sprekers. En het Tachelhiyt of Tasoussiet ook wel Sous Berbers genaamd, is binnen de Marokkaanse grenzen de Berbertaal met de meeste sprekers, de schattingen lopen uiteen van 5 tot 9 miljoen. Dit Sous Berbers omvat de hele westelijke helft van de Hoge-Atlas en de hele Anti-Atlas inclusief de Sous-vlakte.

Op het kaartje met de verdeling van de Berbertalen over Marokko staat niet aangegeven hoe de verhoudingen liggen in de grote steden. Als gevolg van interne migratie is het lastig een correct beeld te krijgen van de positie van het Berbers in de grote Marokkaanse steden. In Casablanca vind je bijvoorbeeld veel Berbertaligen, met name veel geïmmigreerde Sous Berbers, terwijl je in Fes veel sprekers van de Midden-Atlas dialecten aantreft. De enige grote stad in Marokko waar een meerderheid van de inwoners altijd en overal Berbers spreekt is Agadir in het zuidwesten van Marokko aan de Atlantische kust.

De maatschappelijke status van het Berbers in het hedendaagse Marokko is niet zo hoog, ondanks het grote aantal sprekers, al met al 40 tot 45 procent van de totale Marokkaanse bevolking. Het zuiden van Marokko, ongeveer het gebied van de Hoge tot en met de Anti-Atlas, heeft een eigen authentieke islamitische cultuur gekend met een eigen in Arabische letters geschreven literatuur, die met recent onderzoek van de Leidse universiteit aan het licht is gebracht.

Aan de Marokkaanse universiteiten worden officieel geen Berbertalen gedoceerd. Dit heeft te maken met het feit dat het Berbers in Marokko als 'slechts' een dialect van het Arabisch wordt beschouwd, ondanks het feit dat het om een heel andere taal gaat. Centra voor Berberstudies zijn vooral te vinden in Parijs, Leiden, Utrecht, Napels, en Granada, niet in Marokko.

Nederland heeft in de jaren zeventig vooral werkkrachten uit het Rif-gebergte geworven. Driekwart van de in Nederland wonende Marokkanen is zodoende van Rifijnse oorsprong. Door hetzelfde historische toeval vind je veel minder sprekers van de Berberse groeperingen die in Noord-Afrika qua aantal sprekers het sterkst vertegenwoordigd zijn: Kabyle Berbers en Sous Berbers, zij wonen traditioneel in groten getale in Frankrijk en nauwelijks in Nederland.

De bovengenoemde Berberse dialectgroepen kunnen met evenveel recht aparte talen genoemd worden. Het verschil tussen Rif Berbers, Midden-Atlas Berbers en Sous Berbers is vergelijkbaar met het verschil tussen Frans, Spaans en Italiaans. Mocht er Berberonderwijs komen in Nederland, dan moet dat gegeven worden aan deze drie verschillende Berbertalige groepen in hun eigen dialect. Je kunt ze niet over een kam scheren.

Een andere mogelijkheid is een van de Berberse dialecten van Marokko tot standaard te verheffen. In dat geval zou het Sous Berbers een geschikte kandidaat zijn, ten eerste omdat het nu al de grootste Berbertaal van Marokko is, en ten tweede omdat het veel minder dialectvariatie kent dan de andere Berbertalen en ten slotte omdat het Sous Berbers meer elementen van de oorspronkelijke Berbertaal en cultuur heeft behouden.

Khadya Azalam en Badr Coucou schreven dit artikel samen met dr. Harry Stroomer, berberoloog aan de Universiteit Leiden.

Deel dit artikel