Ben ik wel misofoon genoeg?

home

Ger Groot

"Smakkende monden, ritmisch getrommel of getik en tijdens een gevoelig concert een zwaar ademende buurman: daar blijft mijn ergernis toe beperkt." © thinkstock
Column

Nog altijd moet ik soms uitleggen waarom ik jaren geleden het treinvervoer vaarwel heb gezegd. Ergens in het begin van de jaren '90 kwamen de 'oortjes' in de mode.

De Walkman was er al een tijdje, op afstand gevolgd door de Diskman, maar plots leek iedereen met jonge oren het dragen ervan als een verplichting te zien. Hoe hard die dingen aan stonden weet ik niet; goed voor het gehoor kan het niet geweest zijn. Want aan al die minieme luidsprekertjes ontsnapte een allesdoordringend geknisper dat ongetwijfeld zijn oorsprong vond in de ritme-sectie van de band van dienst. Ik werd er al snel horendol van en vluchtte de trein uit.

Sinds kort weet ik dat dat geen karakterfout van mij is. Mijn irritatie heeft een geleerde naam. Ik ben 'misofoon': een officieel erkend ziektebeeld waarmee ik met geheven hoofd uit de kast kan komen. Wel ben ik, zo begrijp ik, een licht geval. Smakkende monden, ritmisch getrommel of getik en tijdens een gevoelig concert een zwaar ademende buurman: daar blijft mijn ergernis toe beperkt. En knisperende oortjes dus, inmiddels niet meer dan een verre herinnering.

Ungesellig
Wel ben ik in goed gezelschap. Ruim tweehonderd jaar geleden schreef de filosoof Immanuel Kant al dat hij muziek als de minst sociale van alle kunsten beschouwde. Onwillekeurig zie ik hem in zijn werkkamer zitten in het Oost-Pruisische Koningsbergen, en de blaaspoepen verwensen die een paar huizen verder aan het repeteren zijn voor hun zondagse stadsparkconcert. Of hem door de cello-spelende buurman zo uit evenwicht raken dat hij ook zelf niets meer van zijn 'Kritik der reinen Vernunft' begrijpt. 'Ungesellig' noteert hij alvast over de muziekkunst als aantekening voor een toekomstige esthetische verhandeling .

Lees verder na de advertentie
Ik ben 'misofoon': een officieel erkend ziektebeeld waarmee ik met geheven hoofd uit de kast kan komen

© thinkstock

Zo erg is het bij mij niet. Ik zet bij het lezen steevast een cd op - maar het moet wel míjn muziek zijn. Noem het egocentrisch, maar aan de hard-metal of country&western van mijn buurman heb ik geen boodschap. Alleen toen zich in het belendende pand een Russisch-IJslands muzikantenechtpaar vestigde, zij concertpianiste, hij operazanger, verzoende ik mij graag met hun burengerucht. Ook misofonie heeft zijn voorkeuren.

En ze is kennelijk verspreid genoeg om voor de industrie aantrekkelijk te zijn. Sinds een aantal jaren zijn er koptelefoons op de markt die actief het omgevingsgeluid onderdrukken. Daar zitten de nodige nadelen aan vast. Als ze goed werken hoor je tegelijkertijd níets meer - en ook dat kan tot moeilijkheden leiden.

Gierende remmen, spoorwisselingen op het station, de dringende oproep aan de etenstafel te verschijnen: je hoort er allemaal niets meer van. Voor een stuk minder geld koop je een stel oortjes met oorverdovende hard-metal - en je bent net zo'n akoestische zombie als ik ze vóór en achter mij in de rij van de supermarkt zie staan.

Ik zet bij het lezen steevast een cd op - maar het moet wel míjn muziek zijn

© thinkstock
En daarom is het bij nader inzien ook een beetje treurig. 'Gesellig' wordt het er, om met Kant te spreken, in ieder geval niet door

Akoestische cocon
Maar er daagt hoop. Amazon werkt aan een koptelefoon die het omgevingsgeluid onderdrukt maar cruciale elementen daarin naar believen doorlaat. Géén drilboren dus, maar wel sirenes en getoeter; geen gekwebbel in de stiltecoupé maar wel je eigen naam. Dat moet de wereld een stuk veiliger maken - èn comfortabeler. Ieder in zijn eigen akoestische cocon, op een noodluikje na waardoorheen nog een klein beetje werkelijkheid naar binnen mag. Ideaal voor solipsisten.

En daarom is het bij nader inzien ook een beetje treurig. 'Gesellig' wordt het er, om met Kant te spreken, in ieder geval niet door. Elke omgang in gezelschap brengt nu eenmaal zijn ongemakken met zich mee. Ja, ook die van knisperende oortjes in de trein. Overdrijf ik niet een beetje met mijn misofonie? - zo vraag ik me van de weeromstuit af. Voor je het weet ben je alleen op de wereld: 'sans famille' zoals het wereldberoemde boek van Hector Malot eigenlijk heet. Een beetje ergernis hoort erbij, helaas. Daar kun je je maar beter mee verzoenen. Of je sterft, net als Kant, als eeuwige vrijgezelle eenzaat.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie
Ik ben 'misofoon': een officieel erkend ziektebeeld waarmee ik met geheven hoofd uit de kast kan komen

Ik zet bij het lezen steevast een cd op - maar het moet wel míjn muziek zijn

En daarom is het bij nader inzien ook een beetje treurig. 'Gesellig' wordt het er, om met Kant te spreken, in ieder geval niet door