Alles goed en toch anorexia

home

INTERVIEW | IRIS PRONK

Nine Pankras: 'Anorexia draait niet per se om dun zijn'. FOTO © JEAN-PIERRE JANS

Nine Pankras (31) had een gelukkige jeugd, was niet tobberig of onzeker. Toch kreeg ze tien jaar geleden anorexia. Ze schreef er een opgewekt boek over, vindt ze zelf.

Ze sprong op de weegschaal en schrok: 88 kilo. Hoogste tijd om een beetje af te vallen, besloot Nine Pankras, toen een stevige studente journalistiek.

Tot zover niks geks, massa's mensen willen dunner worden. Meer sporten, minder vet eten, taart en chips overslaan, dat kan meestal geen kwaad.

Pankras bedacht voor zichzelf twee regels om haar doel te bereiken: ze ging vaker naar de sportschool en ze zou eten beperken tot drie gezonde basismaaltijden per dag. Die aanpak werkte: ze verloor in gestaag tempo kilo's, oogstte bewondering, kocht nieuwe, strakke rokjes.

Meid, zei haar oma op een feest, je ziet er fantastisch uit. Je bent dun genoeg, nou moet je stoppen. Maar dat kón ze niet, schrijft Pankras in haar boek 'Hoe ik mijzelf halveerde en de anorexia weer te boven kwam'. Zeker, ze had nu een slank lijf, dat zag ze zelf ook. Maar afvallen gaf een kick, en haar twee regels waren ijzeren wetten geworden.

Zo raakte een jonge vrouw, die zichzelf als gezellig, optimistisch en ambitieus typeert, in een neerwaartse spiraal die eindigde in de psychiatrische ziekte die meestal veel jongere pubermeisjes treft. Jaarlijks komen er zo'n 1300 anorexia-nervosa-patiënten bij, 5 procent sterft aan ondervoeding, nog eens 5 procent pleegt zelfmoord. Deze eetstoornis ontstaat door een mix van psychologische, biologische en sociale factoren, zeggen deskundigen. Een negatief zelfbeeld, een perfectionistisch karakter, veel problemen thuis, een verwrongen schoonheidsideaal, gebaseerd op graatmagere modellen: ze kunnen er samen voor zorgen dat een meisje - slechts 5 tot 10 procent van de patiënten is man - zichzelf gaat uithongeren.

Maar dit lijstje is nauwelijks op háár van toepassing, zegt Pankras boven een kop thee in een Amsterdams café. Zij had helemaal geen negatief zelfbeeld, groeide op in een fijn nest, heeft nog altijd een warme band met haar ouders. Ze wilde ook niet mager worden. "Ik word er moe van steeds uit te moeten leggen dat het niet mijn levensdoel was het figuur van Kate Moss te krijgen."

Anorexia draait niet per se om dun willen zijn, dát hoopt Pankras uit te dragen met haar boek. Maar waarom dan wel? Wat maakte dat zij vastte totdat ze een knokig 'spook' was, zoals een voorbijganger haar ooit nariep? Totdat ze 44 kilo woog en haar haren uitvielen, haar menstruatie ophield, haar ogen en oren slechter functioneerden en ze haar liefhebbende familie tot wanhoop had gedreven?

"Dat heb ik me heel vaak afgevraagd", zegt Pankras. Eén bekende anorecteneigenschap heeft ze wel: "Ik denk dat het uiteindelijk mijn alles-of-niets-mentaliteit is. Ik kan niks half, ook niet mijn huis voor het oog een beetje schoonmaken. Ik wilde niet dun worden, maar wél de finish halen, ik wilde het afmaken." Al is willen in dit verband niet het juiste woord: "De gekte nam het over."

Die zorgde ervoor dat ze in een jaar tijd haar gewicht halveerde. Dat deed Pankras met behulp van gedetailleerde schema's, waarin ze precies vastlegde wat ze hoe laat mocht eten, en met hoeveel beweging ze die inname moest compenseren. 's Ochtends één cracker, als lunch een peer, dan drie uur lopen tegen de wind in. Comfort, zelfs zitten verbande ze uit haar leven: alles moest staand of lopend. Hoe zwaarder haar lichaam belast werd, des te beter.

Steeds complexer werden haar schema's, steeds strakker ook, steeds gekker werd Pankras als iemand daarop onbewust inbreuk maakte. Een uitnodiging voor een etentje bezorgde haar grote paniek. Voedsel nuttigen dat niet in haar schema stond? Dat ze niet zelf had klaargemaakt, met tot op de gram afgewogen ingrediënten? Sowieso samen met anderen eten- een bezigheid die voor haar inmiddels met zoveel neuroses en angsten omgeven was? Absoluut uitgesloten.

Eten in gezelschap deed ze pas weer verplicht in een kliniek voor eetgestoorden in Zeist, waarin Pankras een jaar na haar eerste sprong op de weegschaal - op haar eigen verzoek - werd opgenomen. In haar boek beschrijft zij het gedrag van de kliniekbewoonsters met humor, al kan die het beklemmende beeld van uitgemergelde vrouwen niet helemaal maskeren.

Aan tafel streden de meiden om de plakjes rosbief en kipfilet: de magere, en dus 'veilige' vleeswaren. Vlak voor het verplichte weegmoment hoorde Pankras in veel kamers de kranen lopen: haar medepatiënten dronken gauw een halve liter water, om op het moment suprême zwaarder te zijn. Nog een truc om de wijzers van de weegschaal te foppen: flesjes nagellak in je pyjama verstoppen.

Die kliniek hielp Pankras op weg, ze raakte weer op een gezond gewicht, maar de anorexia zat nog wel tussen haar oren. Ze pakte haar studie weer op, ging op reis naar Australië, viel daar alarmerend veel af. Heel, heel langzaam krabbelde ze op: Pankras' lijf kreeg weer normale proporties, het (niet) eten overheerste niet langer haar geest.

En dus was het tijd voor de laatste uitdaging, stelde haar therapeut anderhalf jaar geleden: weg met de schema's. Pankras moest ze uit haar hoofd zetten door ze te blokkeren met het saaiste dat ze maar kon bedenken: "Beursberichten." Zodra ze de gedachte aan lijstjes met toegestaan eten in zich op voelde komen, dacht ze: AEX! "Als mijn broer belde in die tijd, dan vroeg hij: 'En, hoe doet Philips het op de beurs?'"

Het werkte, Pankras liet met de rigide lijstjes ook de anorexia los. Definitief, zegt ze: "Het ligt allemaal achter me. Ik voel nu rust, eet gewoon wat ik wil, ga met collega's spontaan een hapje eten. Mijn ouders zeggen: de paniek is uit je ogen.""

Dankzij haar ouders en familie heeft ze het gered, denkt Pankras. Zij trokken aan de bel, dirigeerden haar naar huisarts en therapeuten, motiveerden haar om uit het diepe dal te klimmen. "Maar dat ik voor hen heel lang een zorgenkindje ben geweest, dat vind ik nog wel eens lastig."

Haar 'eetgestoorde verleden' heeft intussen ook positieve sporen achtergelaten, zegt ze. "Toen ik anorexia kreeg, had ik alles: een leuke kamer, studie, vrienden, lieve mensen om me heen. Ik ben mezelf in die tijd zó kwijt geraakt. Dat laat ik niet meer gebeuren. Ik weet nu precies wat ik wil, ik ben nóg doelgerichter bezig."

Nog een leuke erfenis: "Ik heb in de kliniek in Zeist heel goed leren koken, heb nog steeds een dik receptenboek uit die tijd. Het klinkt gek, maar je kunt nergens zo lekker eten als in een kliniek vol eetgestoorden."

Nine Pankras: 'Hoe ik mijzelf halveerde en de anorexia weer te boven kwam'. (Nieuw Amsterdam 16,95 euro)

Hoe verberg je anorexia voor je collega's?
Een collega zei eens tegen haar: "Jij neemt nooit taart of snoepjes, je sport veel, wat ben jij toch gezond."" Tv-journalist Nine Pankras (31), sinds 2009 redacteur bij de talkshow Pauw & Witteman, dacht toen: "Gezond? Hij moest eens wéten!""

Pankras slaagde er geruime tijd in om haar ziekte anorexia nervosa op de werkvloer te verbergen. Ze sloeg taart en koeken over, nam haar eigen broodtrommel mee voor de lunch, was zogenaamd gewoon aan het lijnen. "Ik was een anonieme anorect." Alleen in de periodes dat ze dramatisch dun was, hield ze die maskerade niet meer vol.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie