Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Wij zijn de diva en de zwerver'

Home

TEKST EVELINE BRANDT

Vrienden zijn een

apart soort familie.

Wat vertellen wij over vriendschappen, en

wat zegt dat over ons? Vandaag: Karin Bloemen en Adelheid Roosen over hun talent om te overleven.

Met Karin heeft ze een lange, hechte band zonder voorwaarden, zegt theatermaker Adelheid Roosen (53). Als eerste arriveert zij in het afgesproken café, om subiet van wal te steken over haar vriendschap met zangeres en actrice Karin Bloemen (52). "Gisteren zei Karin tegen mij: voor dat interview moet je op de foto, kom eerst maar even naar mijn huis. Dus ik ging daar vanochtend koffie drinken, zij stalde al haar make-up uit op haar koffietafel en ging mij opmaken. Ik zei: Karin, dit is precies het gedrag dat je duizend jaar geleden ook al bij mij vertoonde."

"Dit illustreert voor mij heel mooi haar liefde, haar zorg. Het is ook intimiteit - iets dat ik lang niet bij iedereen toelaat, maar bij haar graag. Vriendschap bestaat misschien wel uit heel intieme, persoonlijke kadootjes. Vanochtend voelde ik meteen weer: O ja, dit is wat bij mij ontbreekt en wat zij mij geeft."

Ze kennen elkaar zo'n dertig jaar, uit de tijd dat Adelheid de Hogeschool voor de Kunsten deed en Karin de Kleinkunstacademie. Ze zagen elkaar optreden en gingen dat ook al snel samen doen, in cabaretgroep Purper en in talloze voorstellingen daarna.

Adelheid, androgyn in pak gekleed, mooi opgemaakt maar vooral heel vriendelijk en innemend: "Ik viel direct op haar stem. Ik vind het zo mooi als iemand een talent weet te combineren met gemak. Je ziet dat zij een instrument heeft waarmee ze, terwijl ze prachtig zingt, ook nog kan keten. Zij kan iets klassieks zingen en ondertussen de joker uithangen. Het is te gek om haar dat talent haast nonchalant door de lucht te zien gooien."

Karin komt stralend binnenlopen en schuift aan, in een geweldige jurk, véél make up op, sieraden om, jas en tas in de hand. Quasi-serieus vraagt ze 'even de aandacht voor het onderwerp van vandaag' en citeert zingend Barbara Streisand: 'Vriendschap geeft je vleugels / geeft je de allermooiste liefde die er is'.

Karin bevestigt Adelheids observatie over het gemak waarmee zij werkt, zingt, acteert. "Dat is voor mij een vorm van vrijheid. De bühne is mijn veiligste plek. Daar kan ik niet aangeraakt worden, daar ben ik heer en meester. Buiten kun je lastig gevallen worden of erger, maar op het podium niet. Als je daar staat met anderen is dat ook de code: wij zijn elkaars makkers, dit is onze veilige plek en daarbinnen mag je doen wat jij wilt." "Dat kan ook heel spannend worden. Met Adelheid samenwerken in Purper bijvoorbeeld, want zij zei: Wij schrijven alles zelf. Ik heb het gemak in het zingen, maar zij in het bedenken en schrijven van teksten. Ik sprak mijn eerste eigen zin op het professionele toneel dankzij Adelheid."

Tegenpolen lijken ze, in hun uiterlijk ("Meid, hoe kom je dáár nou bij?", reageren ze met vrolijke ironie), en ook in hun werk. Wordt Adelheid veel geprezen om haar maatschappelijk engagement, Karin zou vooral uitblinken in 'emotioneel associatief' theater. Maar dat is juist deel van hun chemie, zegt Adelheid. "Ik vind Karin echt een diva. Zelf ben ik een zwerver. Twee heel andere mensen, die goed naast elkaar kunnen staan. Jan Aartzen, de ontwerper van Karin, heeft dat eens mooi vormgegeven in een show. Voor Karin had hij zo'n magistrale jurk, en mij had hij een zwarte lap aangetrokken met twee gaten waaruit die spaghetti-armen van mij staken. Karin zag eruit als een diva, en naast haar stond een soort schoorsteen.

Geweldig!" Maar bovenal zijn er veel overeenkomsten tussen hen, benadrukt Adelheid. "Karin voelt zich op het podium veilig; dat ervaar ik precies zo. Wij hebben allebei een beschadigd kind in ons dat dacht: Ik moet spélen! Spelen in het leven, met het leven. Wij hebben beiden ons talent gebruikt om..." Karin: "Om te overleven." Adelheid : "Ja! En om met dat leven te keten. Ik voel dat heel sterk als ik naast haar op het podium sta. Wij zijn dan twee uur lang bezig om een voorstelling, maar eigenlijk een leven, neer te zetten waarvan we denken: dít leven wil ik. Zo zou het moeten zijn. Dat is volgens mij waarom wij theater maken."

Over dat beschadigde kind in haarzelf heeft Karin veel gesproken en gezongen. Vanaf haar zevende tot haar veertiende werd ze misbruikt door haar stiefvader. Adelheid liep haar schade op na verkrachting door een achterneef. Een belangrijk deel van hun herkenning, hun zielsverwantschap, zegt Adelheid, komt hieruit voort.

Karin: "Mijn verleden had ik zó weggestopt. Adelheid zei al snel tegen mij: 'Als je dat blijft doen, wordt het een groot probleem. Je moet het áángaan, anders stop je het zicht op jezelf, dan stop je je eigen ontwikkeling.' Omdat we daarin zo op elkaar lijken en tegelijkertijd zo anders zijn, had zij snel mijn zwakke plek ontdekt. Zij heeft bij mij echt deuren geopend."

Waarna Karin maar eens begon met 'een eh... therapietje er tegenaan te gooien'. Adelheid was in dat opzicht dus een stap verder? Karin, onschuldig: "Ja, maar ze is ook een jaar ouder hè?" En nu verdwijnen ze allebei langdurig onder de tafel van het lachen.

Karin: "Zij kan heel inzichtelijk denken. Daarom is zij ook een regisseur en een schrijver: ze kan de dingen van allerlei kanten zien. Inhoudelijk heeft zij net een diepere laag. Ik heb soms de neiging om aan de oppervlakte te blijven. Ik denk wel eens: als ik de verkeerde vrienden had gehad, was ik misschien in een heel commercieel circuit terecht gekomen, waar ik de ene nietszeggende medley na de andere zou zingen."

Adelheid, hartgrondig: "Ach, ik geloof er niks van."

Karin: "Ik heb de neiging om te vluchten in oppervlakkigheid, want dat is veiliger."

Adelheid: "Je vlucht soms naar de oppervlakte, maar je bent totaal niet oppervlakkig, Karin, integendeel." Ze richt zich tot de interviewer en betoogt vurig: "Bij Purper zag ik geen oppervlakkigheid maar iets heel kwetsbaars. In de kleedkamer hoorde ik haar gewoon een heel lied verzinnen, bijvoorbeeld over haar stiefvader. Ik zei dan: Karin, je hébt het al bijna, dit is de helft van een nummer! Alleen had zij niet de gewoonte om het als dramatisch materiaal te benoemen. Dat is wat ik aanreikte: Ga door! En ik schreef het vast snel in mijn kladblok."

Karin: "Ik voelde me daar zo veilig dat het kon gaan stromen. Voor die tijd wist ik niet dat je je eigen ervaringen zo kan omzetten naar theater. Als ik nu een show maak, is dat het startpunt. Van haar heb ik dat geleerd: het zelf bedenken, zelf schrijven."

Ze waren geen collega's die geleidelijk vrienden werden - dat ging direct samen, zegt Karin. "Bij sommige mensen voel je een zielsverwantschap die gewoon ís. Je kijkt iemand in de ogen en denkt: ik ken jou. Ik had met mijn man precies hetzelfde. Met hem ben ik getrouwd, dat ging bij ons niet - sorry schat", zegt ze tegen Adelheid, die het uitschatert. "Vanaf onze eerste ontmoeting wist ik: het moet wel heel raar lopen willen we dit kwijt raken. We werken nu helaas niet samen en zien elkaar soms tijden niet, maar als we elkaar zien, zit er niets tussen. De tijd maakt niet uit, er zijn geen verwijten, er is geen wrok, geen jaloezie..."

Adelheid: "Dat bedoelde ik met: geen voorwaarden. Ik kan altijd bij Karin aanbellen en meteen huilen - ik hoef niet eens uit te leggen waarover."

Fricties zijn er nauwelijks; het enige probleem is dat ze elkaar te weinig zien, verzucht Karin. "Momenteel misschien maar vier keer per jaar." Adelheid, schuldbewust: "Ik heb het even erg druk." (Karin proest: "Even!") "Ja", grinnikt Adelheid. "De afgelopen jaren heb ik een zevendaagse werkweek. Het theater op locatie dat ik nu maak in de wijken van steden: dat is zo'n drive in mij, dat ik zelfs bij mijn vriend bijna uit beeld ben."

Karin: "Da's toch niet goed hoor, officieel... Maar verwijtbaar is het ook niet. Ik heb net zo'n leven. Ik ben namelijk 'even' een werkende vrouw, liefhebbende echtgenote en moeder van drie kinderen. Eigenlijk moet ik Adelheid weer betrekken bij een show, dan zien we elkaar meer en kan ik ook weer eens toetsen: doe ik het zo goed, klopt het wel? She can cut the crap."

Ja, ze zijn een andere richting ingeslagen in hun werk, maar daardoor niet uit elkaar gegroeid, verzekert Adelheid. "Wij hebben altijd iets gedeeld én altijd erkend dat we heel anders zijn: dat we een diva en een zwerver zijn. Dat is het uitgangspunt. Als we elkaar zien, ben ik in mijn hart direct weer helemaal bij."

Toen ze elkaar net kenden kostte het wat tijd en moeite, vertellen ze, om ieder hun eigen rol te vinden en vorm te geven. Adelheid: "Daarover hebben wij een paar keer artistieke botsingen gehad. We waren aan het uitzoeken: Kan ik naast jou op het podium bestaan of neem jij mijn ruimte in? Vlucht jij naar de oppervlakte of naar de bodem? Nu weet ik: dat is allebei mogelijk. Zoals de Amerikaanse publiciste Susan Sontag zei: De diepte zit in de oppervlakte. We waren onszelf aan het leren kennen."

Karin, knikkend: "Artistiek inhoudelijke kwesties hadden we soms, waar we pittig over konden discussiëren - maar daarna gingen we weer lachend aan de koffie. Ik vind het juist gaaf als dat in een vriendschap kan."

Op de vraag wat vriendschap ís, antwoordt Karin met vet-Amsterdams accent: "Vriendschap is door dik en dun. Nou, maar díe is leuk, want jij bent dun! En ik eh...." En ze bulderen weer allebei van het lachen. "Nee, serieus, wat ik mooi zo vind: je begint gewoon weer waar je het hebt achtergelaten. Er zit niks tussen. Tijd is geen issue. Je maakt een wezenlijke verbinding, die veel meer in de ziel besloten ligt dan in het gesprek." Ze kijkt met gespeelde trots om zich heen en zegt tevreden: "Hier wou ik het bij laten."

Adelheid zit met haar ogen stijf dicht (Karin: "Dat vind ik zo lief, dit doet ze al dertig jaar als ze nadenkt") en zegt dan: "Ik raak geïnspireerd door wat Karin zegt: de vriendschap loopt gewoon door waar die is gebleven. Het is niet eens een kwestie van weer oppikken, het is er gewoon. Dat is het vanzelfsprekende, het onvoorwaardelijke. In de positieve zin denk ik er nooit over na. Het ís er. Karin is er."

Karin Bloemen
Geboren: 28 juni 1960, Alkmaar

Opleiding: Studeerde in 1984 af aan de academie voor Kleinkunst in Amsterdam.

Loopbaan: Bloemen ontwikkelt zich in de eerste jaren na haar opleiding als zangeres en actrice in diverse Nederlandse musicals, speelfilms, televisie- en radioprogramma's.

In 1989 is het tijd voor haar eerste, eigen theatershow, 'Bosje Bloemen'. Dit is de eerste show in een reeks van twaalf succesvolle theatershows.

Ze wint in de loop van haar carrière een Gouden Harp, een Edison en de Annie M. G. Schmidtprijs.

Sluit begin juni haar tournee van 'Absobloodylutely Bloemiliciously Fanf*ckintastic' af in Amsterdam en is vanaf februari 2013 in de Nederlandse theaters te zien met haar nieuwe show 'Witte Nar'.

Adelheid Roosen
Geboren: Breda, 30 juni 1958

Opleiding: Hogeschool voor de Kunsten, Amsterdam

Loopbaan: Van 1982-1987 is Roosen lid van Purper en wint de Pall Mall Export Prijs

Sinds de jaren tachtig werkt Roosen als theatermaakster en voor film en televisie. In 1987 wordt zij docent spel aan de Amsterdamse Toneelschool & Kleinkunstacademie.

In 2003 schrijft Roosen 'De Gesluierde Monologen' (geïnspireerd door 'De Vagina Monologen', waarin zij zelf meespeelde).

Momenteel is zij artistiek leider van Female Economy en concept-ontwikkelaar van theatergroep Zina. Haar werk, zegt ze zelf, gaat over de zoektocht naar 'de ander'. Roosen kantelt het perspectief en probeert daarmee te tonen dat er feitelijk geen vreemde is. Dat doet zij ook in haar nu lopende voorstelling 'Wijksafari': een locatietheatervoorstelling, een stadswandeling en een vier uur durende ontmoeting met de bewoners ineen.

Volgende week: Nasrdin Dchar, Emile Verkouter en Eric van Here

Deel dit artikel