Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Wetenschapsbladen: maak geld vrij voor eigen check op kwaliteit'

Home

Dirk Waterval

De cleanroom van het fotonica-laboratorium op de TU Eindhoven. © ANP

Wetenschappelijke vakbladen en uitgeverijen moeten hun eigen controleproces in de wetenschap kritisch bekijken. Nu worden gemiddeld drie onafhankelijke onderzoekers ingeschakeld om andermans werk te becommentariëren voor het verschijnt, maar de effectiviteit daarvan is te veel in nevelen gehuld, schrijven twee Amerikaanse wetenschappers in de commentaarsectie van het vermaarde vakblad Science. 

Ze roepen vakbladen op ongeveer 1 procent van hun budget vrij te maken om dit zogeheten ‘peer-reviewen’ onder de loep te nemen.

Lees verder na de advertentie

Test bijvoorbeeld de nieuwe technologieën die reviewers gebruiken om naar statistische fouten te speuren, zeggen ze. Of bekijk wat het ideale aantal reviewers moet zijn, en of die dan vooral verstand moeten hebben van de methodes of van de inhoud.

Zulk onderzoek zou het review-proces kunnen optimaliseren, en daar hebben vakbladen belang bij: het maakt immers dat alleen kwalitatief hoogwaardig onderzoek de kolommen haalt. Maar volgens de auteurs in Science belet de vrees voor reputatieschade de uitgeverijen en bladen eens goed te investeren in het door hen geadviseerde onderzoek.

Feedback

Mochten er zaken consequent niet gladjes verlopen, dan houden bladen dat liever onder de pet. Terwijl dat dan waarschijnlijk bij álle bladen zal spelen. Vandaar dat ze dit samen moeten oppakken, schrijven de commentatoren. Zo voorkom je dat de eerste die zijn nek uitsteekt, voor de bijl gaat.

Overigens gebeurt het al een beetje, bijvoorbeeld door onderzoekers evaluaties van de reviews in te laten vullen. Ook plaatsen sommige bladen de feedback van de reviewers mee online, zodat anderen kunnen zien waar nog wat aan gesleuteld moest. Maar wat over de hele wetenschapslinie het beste werkt, leer je hier niet uit, merken de Amerikanen op.

Uit de peiling onder Nederlandse hoogleraren waarover Trouw vandaag schrijft, blijkt dat de commentaren van andere onderzoekers op hun werk toch in het algemeen nuttig is.

Zij constateren juist een tekort aan beschikbare mensen, waardoor er te veel druk op het systeem staat. Iets wat dan weer wel maakt dat er soms uit nood wordt uitgeweken naar minder capabele meelezers.

'De meelezer is niet altijd even kundig'

Jeroen de Kloet , hoogleraar globalisering aan de Universiteit van Amsterdam.

“Ooit kreeg ik als feedback op mijn artikel terug: ‘dit is nog slechter dan de gemiddelde bachelorscriptie’. Maar dat is uitzonderlijk, hoor. Vaak zijn de commentaren op je werk wel nuttig en in elk geval beleefder. Eigenlijk is de hele situatie aan het imploderen: er zijn zoveel mensen nodig die andermans werk nalezen, dat er onvermijdelijk onderzoekers tussen zitten die niet weten waar ze het over hebben. Een voorbeeld. Ik beschreef eens de toenemende politieke en culturele spanningen tussen China en Hongkong. Toen schreef een reviewer dat dat onzin is: je kunt volgens hem immers nog altijd ongestraft een Chinese vlag verbranden in Hongkong. Maar dát is onzin! Dat kan helemaal niet, en deze meelezer had er duidelijk geen verstand van. Als je onderzoek daardoor niet geplaatst wordt, voelt dat oneerlijk. Dit komt voor doordat er gewoon te weinig beschikbare mensen zijn die wél de expertise hebben om je werk te beoordelen. Tegenwoordig pushen universiteiten zelfs studenten om te publiceren. En er komen ook nog eens steeds nieuwe vakbladen bij. Ik denk weleens: alle academici moeten gewoon een jaar lang niets schrijven, alleen maar elkaars werk lezen. Maar dat gaat natuurlijk niet gebeuren.”

Jeroen Kloet © RV

'Anonimiteit reviewers is niet goed'

Karin Fijn van Draat, hoogleraar kinderhematologie aan de Universiteit van Amsterdam

“Meer transparantie bij het beoordelen zou beter zijn, denk ik. Nu gaat dat meestal anoniem: de reviewer weet wel de namen van de auteurs, maar de auteurs weten niet wie de reviewer is. Door de anonimiteit is het makkelijker om harder te reageren en bijvoorbeeld een hooghartige sneer uit te delen, zoals iemand dat laatst bij mij deed. Dan vraag ik mij af of diegene mij niet mag of het me niet gunt.

Bij een paar tijdschriften gebeurt die openheid al. Ik beoordeelde laatst het onderzoek van een collega voor zo’n tijdschrift, en voelde me wel blootgesteld: alle onderzoekers wisten nu dat ík deze kritiek leverde. Maar weet je wat er gebeurde? Ik ging veel zorgvuldiger te werk! Heel precies legde ik deze collega uit wat haar onderzoek sterker zou maken, en ze heeft dat ook meegenomen. Dat anonieme is er wellicht om de reviewer ruimte te geven en zelfcensuur tegen te gaan. Ik snap dat ergens wel, als junior-onderzoeker is het eng om een gerespecteerd hoogleraar kritiek te leveren. Maar je kunt je wel afvragen: als dit echt een probleem vormt, gaat het dan nog wel goed met de wetenschap? Is die wel gebaat bij een cultuur van pleasers? Als iedereen bang is zijn mond open te trekken, komt de waarheid nooit boven.”

Karin Fijn van Draat © RV

Lees ook: Controle van wetenschappelijke publicaties rammelt

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie