Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

... werd het eiland broederlijk gedeeld

Home

Louis Cornelisse

Die dag zat het Christoffel Columbus mee. De zeevarende ontdekker had de hele reis naar het Amerikaanse continent al diep in zijn fantasie moeten wroeten om al die Antilliaanse eilanden van een originele naam te voorzien. Dit keer had hij een meevaller. Op 11 november 1493 voer hij langs het eilandje dat hij uit de losse pols kon vernoemen naar Sint Maarten. Of liever Sint Martin, want de heilige kwam uit het Franse Tours.

Dat het zo gegaan is met de naamgeving is aannemelijk. Anders is het gesteld met de geschiedschrijving: hoe komt het dat het eiland in een Franse en een Nederlandse helft is verdeeld? Voor koningin Beatrix, die deze week op Sint Maarten verblijft, moet het een groot vraagteken zijn, wie nu onderdanen zijn en wie niet. Grenspalen ontbreken. Aan de taal is het ook niet te ontdekken. Aan beide kanten wordt Engels gesproken. De politieagenten bieden wat uitkomst. In Sint Maarten lopen dienders, op Sint Martin gendarmes. Er staan ook twee borden. Eentje met: 'Welkom aan de Nederlandse Kant' en de andere 'Bienvenue Partie Française'. Maar dat had net zo goed andersom kunnen zijn. Twee bijna gelijke legendes zijn in de strijd om als verklaring te dienen voor het feit dat het eiland is gesplitst. In de eerste zijn er een handjevol Hollanders en evenveel Fransen, gedrost van de Spaanse vloot. Het is te warm om te vechten om het eiland. Bij Oyster Pond worden een Fransoos en een matroos met de ruggen tegen elkaar gezet. Ze beloven langs de kust te lopen. Het verhaal wil, dat ze elkaar weer zijn tegengekomen bij Cupecoy Bay. Daar werd de grens getrokken. Het Franse deel zou iets groter uitgevallen zijn dan het Nederlandse, 34 vierkante kilometer op een totaal van 96 vierkante kilometer. Dat zou gekomen zijn, omdat de Hollander bevangen zou zijn geweest door de hitte. Strompelend, met een tong als leer, geblakerd en gezandstraald, leverde hij vierkante kilometers in bij de Fransen.

De tweede legende verschilt op een haartje van de eerste. De Fransen en Hollanders lessen daarin overmatig hun dorst met de lokale drank: rum. De grens tussen droom en werkelijkheid vervaagt steeds meer. Een typische met drank doordrenkte oplossing voor de verdeling van de buit -Sint Maarten- is het organiseren van een duel. Met pistolen de kwestie uitvechten vinden beide partijen onwijs. Dat scheelt minstens een soldaat, en ze zijn al met zo weinig. Want vergeet niet, de Spanjool doolt door de Cariben. Die heeft bovendien nog een appeltje te schillen met de deserteurs. Het duo wordt met de ruggen tegen elkaar gezet. De Hollander begint op het afgesproken sein braaf langs de kust te lopen. Zijn Franse opponent neigt ertoe hetzelfde te doen, maar de rum speelt hem parten. In zijn dronken brein doemt een lumineus idee op. Hij gaat niet langs de stranden, waar je zomaar vanuit zee ontdekt kan worden en als schietschijf kan dienen. Nee, denkt de Franse soldaat, ik steek gewoon het eiland over. Dan tref ik die Hollander daar wel.

Een mogelijkheid die ook nog wordt geopperd is dat de Franse loper in verwarring wordt gebracht als hij een meertje tegenkomt. Is wat hij nu volgt de kustlijn, of het water dat een eindje verderop ligt? Daarna zou hij erachter gekomen zijn dat het een meertje moet zijn geweest, en in arren moede maar is blijven doorlopen. Tot hij bij Cupecoy Bay een groter water tegen kwam en ging wachten op de zwoegende Hollander.

Zeker is dat de rivalen daarna een harmonieuze overeenkomst hebben gesloten. Zelfs het binnenmeer werd netjes in tweeën gehakt; beide partijen kregen een eilandje in het meertje. Het officiële verdrag werd beklonken op 23 maart 1648, op de berg Concordia. Robert de Lonvilliers, inmiddels gouverneur van het eilandsdeel Sint Martin en Martin Thomas, commandeur van het eiland Sint Maarten sloten het akkoord. De Longvilliers deed dat namens de koning van Frankrijk en Thomas was gemachtigd door de Republiek der Zeven Provinciën.

In feite werd de heersende pais en vree vastgelegd. Er werd overeengekomen dat de zoutpannen door beide partijen benut mochten worden. Het noorden zou Frans zijn en het zuiden Nederlands, maar ze zouden elkaar niet wegjagen uit elkaars baaien. Ze beloofden ook wetsovertreders over en weer uit te leveren. Dat ondervonden meer dan driehonderd jaar later twee ontvoerders van biermagnaat Freddie Heineken, die zich veilig waanden op Sint Martin.

Er werd ook een andere opvallende afspraak gemaakt. Als de moederlanden met elkaar in oorlog zouden komen, zouden zij zich afzijdig houden. Daar op de berg, waar de akkoorden tot stand kwamen, hadden de ondertekenaars er al op voorhand weinig trek in Parijs en Den Haag te volgen.

De originele exemplaren van het verdrag zijn niet meer in de archieven terug te vinden. Wel bestaan er nog achttiende eeuwse afschriften. De tekst is afgedrukt in het standaardwerk van J.B. de Tettre (Histoire général des Antilles habitées par les François). In 1839 is er een frisse versie van het akkoord gemaakt. Het was een kleine modernisering -de basis, le fond- bleef hetzelfde. Achteraf maakt het ook niet zoveel uit. Het is nooit bekrachtigd, zodat het Verdrag van Concordia nog steeds van kracht is.

Deel dit artikel