'We snakken naar nutteloosheid'

home

Jonah Kahn

Simon Rietveld en Ilja van Beest wonnen de Ig Nobelprijs voor de Geneeskunde voor hun vinding dat astmasymptomen worden verzacht door een ritje in de achtbaan. © anp

Op de achterpagina van de Verdieping begint vandaag een nieuw rubriekje: Nutteloze kennis. Maar kan kennis eigenlijk wel nutteloos zijn? En waarom hebben mensen behoefte aan zulke kennis? Twee deskundologen weten er meer van.

 
Er heeft duidelijk een cultuuromslag plaatsgevonden. Kennis staat inderdaad steeds meer ten dienste van de maatschappij, van de burger

Bertrand Russell verwoordde het ooit zo: "Ik geniet meer van abrikozen sinds ik weet dat ze voor het eerst werden gecultiveerd in China in het begin van de Han-dynastie; dat Chinese gevangenen van koning Kanishka ze in India introduceerden, vanwaar ze naar Perzië verspreidden, om in de eerste eeuw van onze jaartelling het Romeinse Rijk te bereiken; dat het woord 'abrikoos' dezelfde Latijnse bron kent als het woord 'precocious' (vroegrijp), omdat de abrikoos vroeg rijpt; en dat de 'a' aan het begin per abuis werd toegevoegd. Dat alles doet de vrucht veel zoeter smaken."

De Britse filosoof (1872-1970) was een groot liefhebber en pleitbezorger van nutteloze kennis. Het thema kwam vaker voor in zijn werk en hij wijdde er zelfs een essay aan. Russells stelling was dat kennis sinds de Industriële Revolutie steeds meer in dienst was komen te staan van de economie en de techniek. De enige kennis die de moeite waard was om op te doen, was praktische, toepasbare kennis; nuttige kennis dus. Het nut van nutteloze kennis - van geschiedenis, literatuur, kunst, filosofie, wiskunde, et cetera - werd volgens Russell steeds meer in twijfel getrokken. Wat had je immers aan zulke kennis?

Filosoof Coen Simon, die in Trouw wekelijks een uitspraak uit het nieuws ontleedt, is het met Russell eens. "Ik kan me helemaal vinden in zijn stelling." Simon heeft ook zijn eigen 'abrikoos-verhaal': "Ik kreeg ooit een boek over zweefvliegen. Niet het werkwoord, maar het zelfstandig naamwoord. Dat zijn van die beestjes die op bijen of wespen lijken. Ze hebben als eigenschap dat ze op insecten lijken die wel gevaarlijk zijn, terwijl ze dat zelf niet zijn. Daarom worden ze door andere beestjes met rust gelaten. Dat vind ik nou mooi om te weten, ook al is het helemaal niet belangrijk. Hoewel, mijn kinderen denken ten onrechte dat zweefvliegen steken, dus zo bezien is het toch ook weer nuttige kennis."

Trouw-columnist Rob Schouten was jarenlang lid van het Nederlands genootschap ter bevordering en verbreiding van nutteloze kennis, dat tussen 1989 en 1994 wekelijks in Trouw publiceerde (zie: NGTBEVVNK). Ook hij signaleert de nadruk op praktische kennis. "Als kennis tegenwoordig niet bijdraagt aan efficiency, aan de economie, dan doet het er niet toe, dan wordt het genegeerd. Als je kijkt naar de eerste encyclopedieën, in de achttiende eeuw, dan stond nuttige en nutteloze kennis daar dwars door elkaar. Mensen konden zich in die tijd rustig met nutteloze zaken bezighouden, zonder dat iemand zich er om bekommerde. Maar er heeft duidelijk een cultuuromslag plaatsgevonden. Kennis staat inderdaad steeds meer ten dienste van de maatschappij, van de burger. Je moet het kunnen meten, je moet er wat aan hebben. Tegenwoordig ben je een zonderling als je je met nutteloze kennis bezighoudt."

Wat is dat eigenlijk, nutteloze kennis?
Simon: "Kennis die niet gericht is op een economisch doel. Kennis die intrigeert omdat ze niet voldoet aan dat wat verwacht wordt. Bij nutteloze kennis denk ik vooral aan kunst; een domein dat we gebruiken om los te komen van het vanzelfsprekende."

Schouten: "Nutteloze kennis bestaat in feite niet, in die zin dat kennis altijd ergens toe bijdraagt. Er zit een hiërarchie in kennis: je hebt kennis die direct nut afwerpt en kennis die een onmeetbaar nut heeft. 'Meten is weten' wordt er altijd geroepen, maar daar ben ik het helemaal niet mee eens, je kunt niet alles meten. Bij nutteloze kennis gaat het eigenlijk om de bijkomstigheden, die uiteindelijk belangrijker blijken dan ze op het eerste gezicht lijken."

Lees verder na de advertentie
Discuswerpers worden wel duizelig bij het gooien, maar kogelslingeraars niet. Herman Kingma won de Ig Nobelprijs voor de Natuurkunde voor zijn onderzoek dat dit fenomeen verklaart. © anp

 
Nutteloze kennis doet je twijfelen aan de vanzelfsprekendheden van het leven. Nuttig is dat wat vanzelfsprekend is, dat waar we wat aan hebben

Er zijn heel wat boeken en websites over nutteloze kennis, en ook op Facebook en Twitter zijn er mensen die dagelijks zinloze feitjes de wereld insturen. Waar zou toch die interesse voor nutteloze kennis vandaan komen?
Simon: "We moeten eerst onderscheid maken tussen twee vormen van nutteloze kennis: de korte weetjes, die vaak heel grappig zijn maar niet veel meer dan dat. En dan heb je de diepere nutteloze kennis, de doorwrochte kennis waar Russell het vooral over heeft: de fascinatie voor onderwerpen als Shakespeare, de schilderkunst of, in mijn geval, Bruce Springsteen. De interesse voor kennis over dat soort zaken vraagt om een andere verklaring. Die begint bij Immanuel Kant, die zei: 'Durf te denken'. Waarmee hij bedoelde: durf autonoom te zijn. Dat was feitelijk het begin van onze eigen mening, van onze autonomie. Die aanmoediging van Kant heeft tot zo'n gigantisch wetenschappelijk en economisch apparaat geleid dat we paradoxaal genoeg onze autonomie weer zijn kwijtgeraakt. Een eigen oordeel vormen is tegenwoordig bijna niet meer mogelijk, want alles is al becijferd of onderzocht. Wetenschappelijke kennis heeft alles overgenomen, we zijn een schakeltje geworden in een groter geheel. Daarom snakken mensen soms naar nutteloosheid om even te ontsnappen aan de gecontroleerdheid van de samenleving."

Schouten: "De wereld is zo gestroomlijnd, zo uniform geworden, dat mensen behoefte hebben aan ontspannende, quasi-nutteloze kennis. Ik kom net uit Praag: een prachtige stad met een rijk verleden, maar de winkels, het toerisme, het is daar allemaal hetzelfde, je kunt het zo overhevelen naar Amsterdam of een andere stad. De uniformiteit en globalisering worden steeds erger; mensen krijgen daar genoeg van. Ze willen ook ruimte voor verschillen, voor het eigenaardige. Nutteloze kennis voldoet aan die behoefte."

Volgens Russell draagt nutteloze kennis er zelfs toe bij dat je een beter mens wordt. Het zorgt voor een contemplatieve, beschouwende geest, die beschermt tegen impulsief handelen. Heeft hij gelijk?
Simon: "Zeker. Nutteloze kennis ontwikkelt je verbeeldingskracht, zorgt voor een andere blik op de wereld, juist omdat zij niet nuttig is. Dat is van belang omdat je zo leert hoe je moet handelen als zich een ongewis probleem voordoet. En dat gebeurt constant. De oplossing wordt dan niet aangereikt, we moeten zelf denken. Dat oefen je door je verbeeldingskracht te ontwikkelen."

Schouten: "Ik ben het ook eens met Russell. Nutteloze kennis doet je twijfelen aan de vanzelfsprekendheden van het leven. Nuttig is dat wat vanzelfsprekend is, dat waar we wat aan hebben. Als je meer weet over het bad van nutteloosheid waar al dat nuttige in zwemt, dan leer je beter nadenken over de wereld. Kennis, nutteloos of niet, brengt begrip met zich mee, en daarmee meer appreciatie voor het leven."

Kan Trouw van jullie een bijdrage aan de nieuwe rubriek verwachten?
Simon: "Ik ga de rubriek eerst even volgen, om te zien wat-ie behelst. Maar ik sluit niet uit dat ik een keer een stukje instuur."
Schouten: "Absoluut, ik ga zeker een bijdrage leveren!"

De rubriek Nutteloze kennis verschijnt iedere maandag en donderdag en vervangt 'Moeder doen'. Inzendingen (maximaal 130 woorden) en suggesties kunnen gemaild worden naar verdieping@trouw.nl.

NGTBEVVNK
De nieuwe rubriek 'Nutteloze kennis' kent een illustere voorganger in Trouw: het Nederlands genootschap ter bevordering en verbreiding van nutteloze kennis, kortweg NGTBEVVNK.

Dit genootschap vulde tussen 1989 en 1994 wekelijks een broadsheetpagina met uitgebreide verhalen in de marge van de actualiteit, of ruimschoots daarbuiten. Het kon gaan over de vraag waarom koningin Beatrix tijdens haar staatsbezoek aan Ierland geen spechten zou tegenkomen, maar net zo goed over de schoenmaat van de beroemde ballerina Anna Pavlova (40), 't kofschip (inferieur aan 't fokschaap) of de Turkse invloed in Coevorden. Trouw-columnist Rob Schouten weet nog goed waarom het genootschap werd opgericht: "De krant staat altijd vol met nuttige zaken. Wij wilden destijds ook ruimte bieden aan wat de goegemeente als nutteloos beschouwde. Het genootschap was een uitlaatklep voor kennis die wij en de lezers nergens anders kwijt konden. Het begon vaak met een vraag. Zoals: is een sardien nou een vis of niet? Dat gingen iemand dan uitzoeken, onder meer met een bezoekje aan de visboer. Of deze: waarom staan stationsklokken op de hele minuut altijd even stil? Waar slaat dat op? Dan belden we de NS, die vervolgens met een vreselijk ingewikkeld verhaal kwamen. Als je goed om je heen kijkt, zijn heel veel dingen raadselachtig."

Ig Nobelprijs
De meest in het oog springende ode aan nutteloze kennis moet wel de Ig Nobelprijs zijn. Deze prijs, die in 1991 in het leven werd geroepen door de Amerikaanse wiskundige Marc Abrahams, is een parodie op de echte Nobelprijs en wordt jaarlijks uitgereikt aan tien onderzoeken die eerst op de lachspieren werken, maar die je vervolgens ook aan het denken zetten.

De naam van de prijs is overigens een woordgrapje: ignoble is Engels voor eerloos, onwaardig, verachtelijk.

Nederlanders worden regelmatig onderscheiden voor ogenschijnlijk humoristisch onderzoek. De laatste was Bert Tolkamp, die afgelopen september de Ig Nobelprijs voor Waarschijnlijkheid ontving. Samen met buitenlandse collega's deed de dierenwetenschapper de volgende ontdekking: hoe langer een koe heeft gelegen, des te groter is de kans dat die koe spoedig zal opstaan. En als een koe eenmaal opstaat, blijkt het niet gemakkelijk te zijn om te voorspellen hoe snel het dier weer zal gaan liggen.

De bekendste Nederlandse winnaar is Andre Geim, die in 2000 de Ig Nobelprijs voor de Natuurkunde kreeg voor het laten zweven van een kikker door middel van een zeer sterke magneet. Geim, van geboorte een Rus, won in 2010 ook de echte Nobelprijs voor de Natuurkunde vanwege zijn onderzoek naar de eigenschappen van grafeen. Hij is de enige die beide Nobelprijzen in de wacht wist te slepen.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie