Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Waarom kunnen we niet voorkomen dat mensen bezwijken onder werkstress?

Home

Willem Schoonen

De wetenschap is al tachtig jaar in de weer met werkstress. © Thinkstock

In tal van sectoren wordt geklaagd over hoge werkdruk. Dat is soms niet erg, maar wanneer wordt werkdruk werkstress? Op zoek naar het kritische omslagpunt.

Last van werkdruk? Vraag het aan de strandloper die vijfduizend kilometer voor de boeg heeft op de vlucht naar zijn broedgebied. Vraag het aan de zalm die tegen de klippen op zwemt om te gaan paaien. Vraag het aan de ree, die voelt dat er een kalf op komst is dat straks zal brullen om melk. Zij weten wat werkdruk is.

Lees verder na de advertentie

Organismen kunnen leven omdat ze in staat zijn de fundamentele processen in hun lichaam op orde te houden, zoals hartslag, ademhaling en temperatuur. Homeostase wordt dat vermogen genoemd, de kunst van evenwicht in het lichaam. Maar dat zou de strandloper ook prima volhouden als hij op zijn Afrikaanse overwinteringsstrand blijft zitten. De zalm kan het ook als hij in zee blijft hangen en niet de rivier opgaat. En de ree hoeft voor de eigen homeostase geen melk aan te maken.

Allostase

Dat dieren die makkelijke weg niet kiezen, laat zien dat leven meer is dan homeostase. Leven is werken om je voortdurend aan te passen aan veranderende omgevingsfactoren. Want stilstand leidt tot uitputting en dood. Om recht te doen aan dat voortdurende proces van aanpassen dat het leven eigen is, heeft de wetenschap het liever over allostase. Allostase omvat alles wat het organisme onderneemt om tegemoet te komen aan de eisen die het leven stelt. Een verhoging van hartslag en spieractiviteit om te kunnen ontkomen aan gevaar, zweten om oververhitting te voorkomen, de aanmaak van een vetlaag om kou te doorstaan, de opbouw van voedselreserves voor een lange vlucht.

Dat is werken. En de druk die het geeft hoeft helemaal niet negatief te zijn. Het lichaam heeft een behoorlijke bandbreedte waarbinnen het veranderingen aan kan. Het kan zelfs goed voelen die bandbreedte op te rekken en door trainingsarbeid de eigen grenzen te verleggen. Als het lichaam binnen die bandbreedte overweg kan met de eisen van het leven, en daarna weer evenwicht mag vinden, is er niets aan de hand. Pas als van het lichaam wordt geëist dat het voortdurend buiten zijn bandbreedte presteert, komen er problemen. De werkdruk, die bij het leven hoort, wordt dan werkstress die gezondheid en leven bedreigt.

Met die stress is de wetenschap al tachtig jaar in de weer. Vertrekpunt was een kort artikel in 1936 in vakblad Nature, van de Hongaars-Canadese arts Hans Selye. Selye liet daarin zien dat heel verschillende stressfactoren, zoals kou, verwonding en vergiftiging in ratten steeds leidden tot dezelfde lichamelijke reactiepatronen.

Het patroon in drie fasen - alarm, weerstand, uitputting - kan door heel verschillende stressfactoren in gang worden gezet

In eerste instantie leidt de stressfactor tot alarm, dat zich uit in bijvoorbeeld een hoger energieverbruik, hogere activiteit van klieren en organen, daling van de lichaamstemperatuur en het legen van de spijsverteringskanalen. In de tweede fase weet het lichaam weerstand op te bouwen en op al die punten weer een normaal niveau te hervinden. Maar als de stressfactor aanhoudt, kan het lichaam de handdoek in de ring gooien en kunnen de tijdelijke symptomen van de alarmfase chronisch worden. Selye zag dat bij zijn ratten gebeuren als een stressfactor enkele maanden aanhield.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Strandlopers kiezen niet de makkelijke weg. Net als alle organismen ondernemen ze wat nodig is om tegemoet te komen aan de eisen die het leven stelt. © otto plantema buiten-beeld

Dat dit patroon in drie fasen - alarm, weerstand, uitputting - door heel verschillende stressfactoren in gang kan worden gezet, was een ontdekking. In de tachtig jaar die sinds Selye's ontdekking zijn verstreken, is dat patroon gedetailleerd ingevuld. Inmiddels is vrij nauwkeurig bekend wat stress in het lichaam doet. De processen spelen zich af op drie niveaus.

Stressniveaus

De reactie op een stressfactor begint bij het zenuwstelsel, dat onder meer de spieren aanstuurt en tot vluchten kan aanzetten als dat de beste optie is. Daarna treden veranderingen op in de hormoonhuishouding, wat kan zorgen voor de aanmaak van extra energie of voor extra activiteit van het immuunsysteem. En tot slot reikt de invloed van de stressfactor tot het bewustzijn, het brein dat deze situatie kan vergelijken met eerdere ervaringen, waar de bijbehorende emoties worden opgeroepen en waar gedrag kan worden aangepast.

Victor Kallen, werkzaam bij onderzoeksorganisatie TNO, vergelijkt die drie niveaus graag met de bumper, de airbag en de bestuurder van een auto. "Als de bumper een tik krijgt, maar de airbag gaat niet af, hebben we blijkbaar te maken met een lichte botsing. Geen probleem. Als bumper, airbag en bestuurder aan puin liggen, hebben we een zwaar ongeval. Ook duidelijk. Maar het kan gebeuren dat de bumper een flinke klap krijg, en de airbag toch niet reageert. En er zijn omstandigheden waarin er niets aan de hand lijkt, en ineens die airbag tevoorschijn plopt."

Burn-out

Dat laatste doet zich voor bij een burn out. Het lijkt ineens helemaal mis. Maar als je terug gaat kijken, zegt Kallen, zie je dat mensen in de aanloop vaak al maanden vage klachten hebben gehad op lagere niveaus. Slapeloosheid bijvoorbeeld, of eczeem.

De bestuurder van de auto voelt de bumper niet. En de ernst van een situatie dringt pas tot hem door als de airbag in zijn snuit drukt. Je zou willen dat de bestuurder veel eerder gewaar wordt dat er bij de bumper iets mis gaat. Dat zou hem in staat stellen erger te voorkomen. Maar dat gaat niet vanzelf, zegt Kallen; je moet die chauffeur voorzien van informatie over de toestand van bumper en airbag.

De technische middelen daarvoor worden nu ontwikkeld. Met draagbare sensoren, zoals sporters gebruiken, kun je in kaart brengen wat er op het niveau van spieren en zenuwstelsel gebeurt. Veranderingen in de hormoonhuishouding zijn nog niet thuis aan de keukentafel te meten. Maar mogelijk kunnen we in de nabije toekomst zien hoe we het hormonaal doen door even met de tong over het scherm van ons mobieltje te gaan. Voor wat er in de bovenkamer gebeurt, zegt Kallen, zijn we voorlopig nog afhankelijk van wat de chauffeur daar zelf over rapporteert.

Brein

Die bovenkamer, dat zelfbewustzijn, heeft de mens veel goeds gebracht, maar ook problemen. "Iedereen komt met hetzelfde instrumentarium in de wereld. Dat brein is gemaakt om te overleven in een natuurlijke omgeving, en niet geschikt voor Facebook." Bovenop de druk van een normale stressfactor, zoals lage temperaturen of een virus, komen bij de mens nog de spanning en het gepieker.

Een krokodil weet: als ik die zebra bespring en ik grijp mis, dan heb ik mijn ener­gie­voor­raad voor een hele week verbruikt. Stress dus.

Diersoort

Daarmee is niet gezegd dat bij een lagere diersoort, dat zo'n brein niet heeft, werkdruk nooit kan uitlopen op werkstress. Kijk naar de krokodil die in de modder ligt, zegt Kallen. Er passeert een hele groep zebra's. En hoewel die hoog op zijn menu staan, laat hij de een na de ander voorbijgaan. Die krokodil weet: als ik een zebra bespring en ik grijp mis, dan heb ik mijn energievoorraad voor een hele week verbruikt. Hij heeft energie voor 48 seconden inspanning, daarna gaat bij hem het licht uit en moet hij een week lang weer opladen. Maar ja, springt hij niet, dan komt hij door honger om daar in de modder. Stress dus.

Wat doen we eraan?

We weten inmiddels zo veel van de mens, waarom kunnen we niet voorkomen dat mensen bezwijken onder werkstress? "Omdat er geen eenduidige relatie is te leggen tussen de klachten van mensen en een bepaalde stressfactor", zegt Irene Houtman. Zij is net als Victor Kallen werkzaam bij TNO.

De ontdekking van Hans Selye (zie hoofdverhaal) was juist dat heel verschillende oorzaken dezelfde stressreactie in gang zetten. Dat mensen doof worden door hun werk, kun je zien aan hun audiogram. Dat mensen ziek worden door het werken met asbest, dat kun je zien in hun longen. Maar wat precies hun werkdruk doet ontaarden in werkstress, dat kun je niet direct zien. Houtman: "We moeten af van het idee dat er één bepaalde oorzaak is voor werkstress. Heel verschillende prikkels kunnen leiden tot dezelfde route." Voor docenten zit de belastende factor niet in de lessen die ze moeten geven, zegt Houtman, maar in de uren die ze kwijt zijn met allerlei andere taken, zoals administratie en rapportage. "Je ziet daardoor enorme verschillen tussen scholen. De ene school weet die takenlast beter te verdelen dan de ander. En de ene school is beter dan de ander in staat de docent te vertrouwen."

Bij wijkverpleegkundigen, die u in deze krant de afgelopen weken op de voet hebt kunnen volgen, zie je iets vergelijkbaars: niet de zorg is hun last, dat vinden ze prachtig werk, maar wel de regels en de krappe tijdschema's waaraan ze moeten voldoen. 'Protocolisering' heet dat. En het kan voor werkers best goed zijn als duidelijk is wat er van ze wordt verwacht, zegt Houtman, maar een doorgedreven protocolisering wordt een stressfactor. "Er moet ruimte zijn om van het protocol af te wijken, als daar een goede reden voor is. En je moet het vertrouwen hebben dat werkers weten wanneer dat wel en niet nodig is."

Heb je veeleisend werk maar alle ruimte om daar creatief mee om te gaan, dan heb je een prachtbaan

Vergelijking

Werkstress, zegt Houtman, is een onbalans tussen de eisen die het werk stelt en de mogelijkheden die je hebt om aan die eisen te voldoen. Heb je veeleisend werk maar alle ruimte om daar creatief mee om te gaan, dan heb je een prachtbaan. Wel werkdruk, maar geen stress. Stelt het werk veel eisen, maar is er geen ruimte om daaraan te voldoen, dan wordt de druk een last.

Houtman publiceert binnenkort, samen met TNO-collega's, een vergelijking tussen de werkdruk die in Nederland wordt gevoeld en die in andere Europese landen. De Nederlandse arbeidsomstandigheden zijn beter dan elders in Europa, met één uitzondering: Nederlanders hebben meer te lijden onder agressie en geweld van derden. Het is het probleem van dienstverlenende sectoren zoals de zorg, politie en ambulancepersoneel.

Deze Nederlandse afwijking wordt niet veroorzaakt doordat de dienstensector hier groter is dan in andere landen, zegt Houtman. Het komt per dienstverlener ook vaker voor. Twintig procent van de Nederlandse dienstverleners zegt te maken te hebben met agressie, tegenover 12 procent gemiddeld in Europa. De zorg spant hier de kroon: meer dan 40 procent van de werknemers heeft er met agressie te maken. Voor de verklaring houden de onderzoekers een slag om de arm. Het kan zijn dat in Nederland cliënten en omstanders eerder geweld gebruiken. Maar het kan ook zijn dat de drempel om melding te maken van agressie in Nederland lager is.

Omdat zoveel verschillende factoren stress kunnen veroorzaken, lijkt het vrijwel ondoenlijk om te voorspellen wanneer de werkdruk voor een bepaald individu te veel zal worden. Victor Kallen vestigt zijn hoop op big data en slimme machines. Het is nog een lange weg, geeft hij toe, maar hij is begaanbaar.

Omslagpunten

Basis is wat er bekend is van gediagnosticeerde gevallen van stress: alle persoonskenmerken, symptomen en stressfactoren. Een machine die met zo'n enorme hoeveelheid data kan omgaan, kan daarin zoeken met welk geval jij het meest overeenkomt, op basis van een paar eigenschappen die goed te meten zijn, zoals bloeddruk, hormoonhuishouding et cetera. Als in die berg data jouw stresstype wordt gevonden, kan iets worden gezegd over de risico's die jij loopt. Dat is althans de hoop.

Daar komt bij, zegt Kallen, dat we steeds meer begrijpen van kritische omslagpunten. Niet alleen bij een burn out, maar bijvoorbeeld ook in de ecologie. De wiskundige beschrijvingen van dergelijke omslagpunten op verschillende gebieden zijn vergelijkbaar. En die wiskunde is een snel groeiende tak van wetenschap. Die wetenschap kan helpen voorkomen dat gezonde werkdruk ontaardt in werkstress.

Deel dit artikel

Het patroon in drie fasen - alarm, weerstand, uitputting - kan door heel verschillende stressfactoren in gang worden gezet

Een krokodil weet: als ik die zebra bespring en ik grijp mis, dan heb ik mijn ener­gie­voor­raad voor een hele week verbruikt. Stress dus.

Heb je veeleisend werk maar alle ruimte om daar creatief mee om te gaan, dan heb je een prachtbaan