Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Voor eigen parochie preken' kan op twee manieren

Home

JAAP DE BERG

Taalvragen van lezers

697 'Preken voor eigen parochie' kom je in twee betekenissen tegen: 1. Een mening verkondigen voor een gehoor dat het al met je eens is (deze week ook in Trouw); 2. Opkomen voor eigen belangen. Wat is de ware betekenis?

Curieus genoeg registreert Van Dale's 'Groot woordenboek hedendaags Nederlands' (2008) alleen de eerste betekenis, terwijl in de dikke Van Dale (2005) uitsluitend de tweede voorkomt.

De uitdrukking lijkt vrij jong te zijn. Van Dale vermeldde een later geschrapte variant, spreken voor eigen parochie, voor het eerst en zonder omschrijving in 1961. Ons grootste woordenboek, het WNT, had er in 1915 nog geen weet van. Het ontleende wel iedere paap bidt voor zijne parochie aan de omvangrijke spreekwoordengids van de negentiende-eeuwer P.J. Harrebomée. Als betekenis gaf het 'ieder zorgt in de eerste plaats voor wat hem het naast is'. Misschien is dan ook 2 de oudste betekenis?

698 Wat heeft 'wagen' te maken met 'wagenwijd (openstaan)'?

Hierover circuleren twee theorieën, die in een korte rubriek alleen in hoofdlijnen vermeld kunnen worden. 1. Wagenwijd is 'zo wijd' (open) dat er een wagen doorheen kan. 2. Mogelijk was het woord aanvankelijk waag- of wagewijd, met waag in de nu al eeuwenlang verouderde zin van 'zijmuur van een huis'. Vergelijk het Friese waechwiid / waegewiid iepen en o.a. het Zwitserse wandoffen ('zo wijd geopend als de wand lang is').

Toen dit waag niet langer als 'muur' werd opgevat, zouden de associatie met het voertuig en de vorm wagenwijd ontstaan zijn.

Deel dit artikel