Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Velen weten niet eens meer hoe een orgel klinkt'

Home

Christo Lelie

De naam van componist Jacob Bijster is alleen bij doorgewinterde orgelkenners bekend. En dat door slechts een enkel werk: zijn variaties over 'Ik wil mij gaan vertroosten'. Dat deze in 1902 geboren Nederlandse componist nagenoeg vergeten is, weerhoudt organist Piet van der Steen er niet van om zaterdag in de Amsterdamse Dominicuskerk een concert geheel aan zijn muziek te wijden. Hierin wil hij laten horen dat deze ten onrechte in de vergetelheid geraakte componist even goed voor andere instrumenten schreef, als voor zijn eigen instrument, het orgel.

,,Het is een filosofietje van me geworden in mijn concerten andere instrumentalisten en vocalisten te betrekken'', vertelt Van der Steen. ,,Het orgel is door zijn plaats in de kerk geïsoleerd geraakt. Velen weten niet eens meer hoe het klinkt. Door kamermuziek te programmeren binnen orgelconcerten hoop ik mensen die anders alleen maar naar de Kleine Zaal van het Concertgebouw gaan, voor het orgel te winnen. Daarom werkt aan het Bijster-project pianist Niek de Vente mee.''

Die brede, voor het orgel emancipatoire aanpak is te zien in de lijst van thematische 'orgelprojecten' die Piet van der Steen sinds 1972 organiseert en waarvan het programma 'Jacob Bijster - in manuscript' het zeventiende is. Opvallend is -naast Van der Steens vermogen steeds met nieuwe, interessante thema's te komen- zijn enorme ijver. Voor één enkel project studeert hij vaak de moeilijkste stukken in. Zijn werklust blijkt ook in huzarenstukjes, zoals het uitvoeren van alle orgelwerken van Messiaen binnen één concertseizoen. Hetzelfde deed hij met de integrale orgeloeuvres van Alain, Duruflé, Franck en de complete orgelsymfonieën van Vierne.

Naast Franse muziek speelt Van der Steen graag twintigste-eeuws, Nederlands repertoire. Componisten als Daan Manneke en Joep Straesser schreven speciaal voor hem composities. In 1982 wijdde hij een eerste project aan Jacob Bijster. Aanleiding was de viering van het tachtigste geboortejaar van de in 1958 gestorven componist. Van der Steen: ,,Toen speelde ik gedrukte werken. Dit keer gaat het -op één stuk na- om muziek die nooit is uitgegeven.''

Van der Steen doet geregeld speurwerk in bibliotheken naar bijzondere partituren. De Bijster-manuscripten werden hem echter ongevraagd in de schoot geworpen: ,,Nadat ik enkele jaren geleden tijdens een concert een stuk van Bijster gespeeld had, kwam er na afloop iemand uit het publiek naar me toe die de zoon van de componist bleek te zijn. Deze vertelde me een groot aantal onuitgegeven composities van zijn vader te bezitten. Ik ben ogenblikkelijk gaan kijken. Er kwam een enorme stapel op tafel te liggen, niet alleen orgelwerken, maar ook kamermuziek, alles van grote klasse. Het was duidelijk dat ik een tweede Bijster-project moest gaan doen.''

Van der Steen was vooral gefascineerd door de partituur van Bijsters Concert voor orgel en orkest. Ook dit werk is nooit uitgegeven en zelfs nimmer gespeeld. Zaterdag zal Van der Steen er de wereldpremière van geven. Hij doet dat samen met Niek de Vente in de bewerking voor orgel en piano van de componist zelf, want het inhuren van een orkest was financieel niet haalbaar. ,,Dit orgelconcert is echt een ontdekking'', zegt Van der Steen. ,,Het is geschreven in 1955/56. Interessant is dat ook Bijsters generatiegenoten Hendrik Andriessen en Anthon van der Horst in dezelfde periode (respectievelijk in 1950 en 1952) orgelconcerten schreven die sterk doen denken aan Bijsters concert. Model voor deze drie concerten heeft het in 1947 verschenen Concert voor orgel en orkest van Marcel Dupré gestaan. Bijster is enige tijd bij Dupré als orgelstudent in Parijs in de leer geweest, dus dat verklaart veel. Dupré's invloed zie je ook in Bijsters Variaties over 'Ik wil mij gaan vertroosten', die vergelijkbaar zijn met Dupré's 'Variations sur un vieux noël'. Bijster heeft met Dupré het virtuoze orgelgebruik gemeen, naast een voorliefde voor lange reeksen doorgaande achtste noten met weinig ritmische variatie.''

Behalve van Dupré is er volgens Piet van der Steen in Jacob Bijsters werken invloed te horen van César Franck, Maurice Ravel en Maurice Duruflé, vooral in het akkoordgebruik. ,,Die typisch Franse harmonieën gebruikte hij in vormen uit veel oudere stijlperiodes. Bijster hield van fuga's, ricercares, partita's in de trant van Bach en andere heldere vormen uit de barok en klassieke periode. Deze neoklassieke aanpak had hij gemeen met veel van zijn Nederlandse collega's, geboren omstreeks 1900. Van atonaliteit en avantgardistische experimenten moest hij niets hebben. Messiaen ging hem al veel te ver.''

Hoewel Jacob Bijster dus geen grensverleggend componist was, verdient hij volgens Piet van der Steen meer aandacht, ook van het grote publiek, want zijn muziek is goed toegankelijk. ,,Boeiend vind ik zijn constante kwaliteit, zijn enorme vakmanschap.'' Dat Jacob Bijster ondanks deze kwaliteiten als componist zo onbekend is gebleven, verklaart Piet van der Steen als volgt: ,,Hij was heel anders dan bijvoorbeeld Anthon van der Horst, die onder meer als dirigent van de Nederlandse Bach Vereniging veelvuldig op de voorgrond trad. Bijster had daar geen behoefte aan. Hij was tevreden met het zo nu en dan een orgelconcert geven, de kerkdiensten begeleiden in de Doopsgezinde Gemeente te Haarlem en orgelles geven aan het Amsterdamsch Conservatorium. Vooral dat doceren beschouwde hij als zijn roeping. Zijn leerlingen dweepten met hem. Kennelijk was hij te bescheiden om zijn composities te publiceren of kwam hij er gewoon niet toe. Maar nu wordt het tijd om uitgevers voor zijn muziek te interesseren. Na het Bijster-project zal dat mijn volgende stap zijn.''

Deel dit artikel