Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Sterven bij de ezel, dat wil ik wel'

Home

HENNY DE LANGE

interview | Armando 'moet zijn allerbeste werk nog maken' en heeft haast: 'De dood zit me op de hielen'. De schilder is even in Amelisweerd, waar prinses Beatrix morgen zijn nieuwe museum opent.

Armando is voor zes weken terug in Nederland. "Maar niet uit heimwee", zegt hij. Liever was hij in Potsdam in Duitsland gebleven, waar hij sinds enkele jaren woont en werkt. "Lekker rustig is het daar, geen Nederlanders in de buurt. Toen ik nog in Berlijn woonde, werd ik een beetje gek van al die Nederlanders die daar zitten." Grijnzend: "Toen ze me kwamen vragen of ik lid wilde worden van de oranjevereniging, dacht ik: nou moet ik hier echt weg wezen."

Armando zit er ontspannen bij in de tuin van het landhuis Oud Amelisweerd. Vlot leren jasje aan, de haren strak in de scheiding en fonkelende ogen. Hij ziet er goed uit met z'n 84 jaar. Zo'n compliment hoort hij graag. "Ja, ik mag er nog best zijn." Tenminste, zolang hij blijft zitten, bromt hij. Bij het lopen moet hij ondersteund worden. Sinds een hersenbloeding heeft hij minder kracht in zijn rechterbeen en arm. Zou een rollator dan niet handig zijn? "Ben je betoeterd? Dan ben ik echt een oude man."

Wegens 'verplichtingen' is hij in Nederland. Morgen opent prinses Beatrix in het gerenoveerde landhuis Oud Amelisweerd het nieuwe Armando Museum. Armando: "Gezellig dat ze komt. Ze is oprecht geïnteresseerd in mijn werk. Ze was ook al eens in mijn atelier in Potsdam." Na de opening was hij het liefst meteen teruggegaan, maar op 5 april wordt er in Knokke een tentoonstelling van zijn werken geopend. En op 19 april woont hij, zoals elk jaar, de herdenking bij van de bevrijding van Kamp Amersfoort. Spottend: "Op de verjaardag van de Führer, 20 april, ga ik terug naar Duitsland. Daar kijk ik nu al naar uit."

Zeven jaar geleden brandde de Elleboogkerk in Amersfoort af, waarin het Armando Museum was gevestigd. Daarbij gingen 63 kunstwerken verloren, waaronder 35 van Armando en belangrijke bruiklenen: etsen van Albrecht Dürer en Jacob van Ruisdael en schilderijen van Anselm Kiefer en Luc Tuymans. Na de brand leidde het museum in afwachting van de herbouw een zwervend bestaan in Amersfoort. Armando wilde graag in deze stad blijven, waarmee hij zich sterk verbonden voelt. Hij groeide er op, vlakbij het concentratiekamp, en maakte van nabij de gevolgen van de oorlog mee. Daar werd de kiem gelegd voor de thema's die als een rode draad door zijn werk lopen: de tragiek van de mens, goed en kwaad en het 'schuldige' landschap als stille getuige van het oorlogsgeweld.

De herbouwplannnen gingen niet door, omdat de gemeente Amersfoort moest bezuinigen op het museumbudget. De gemeente Utrecht bood vervolgens het landhuis Oud Amelisweerd aan.

Hoe vindt u het dat Amersfoort geen geld overhad voor een nieuw museum?

"Als ze me niet meer willen, dan maar niet. Verder heb ik er niks over te zeggen."

Zit het u dwars?

Hij maakt een wegwerpgebaar. En kijkt zwijgend voor zich uit.

Wat vindt u van deze locatie?

"Ik zou er wel willen wonen, zo mooi vind ik dit oude landhuis."

Als we even later door de ruime kamers lopen, waar schilderijen, beelden, keramiek, films en tekstsen een beeld geven van zijn diverse oeuvre van de afgelopen vijftig jaar, kan Armando het niet laten om te doen alsof hij er ook woont. "Dan gaan we nu naar de huissalon. En daar is mijn slaapvertrek..."

IJdel als hij is, weigert hij om de traplift naar de bovenverdieping te nemen. "Ik kan best lopen, als jullie me ondersteunen." Zijn veel jongere Duitse partner Christiane en museumdirecteur Yvonne Ploum weten hem toch de lift in te praten. Op voorwaarde dat de fotograaf hem niet in 'dat ding' fotografeert.

Hoe is het u vergaan sinds de brand? Had u het gevoel dat u het verlies van zoveel kunstwerken moest goedmaken?

"Dat is onmogelijk. Je kunt dingen niet overnieuw maken. Het is alsof iemand tegen me zou zeggen: schilder nog maar eens tien van die zwarte vlaggen waarmee je zo bekend bent geworden. Maar ik ben wel heel hard aan het schilderen gegaan. Ik had altijd al een enorme scheppingsdrang en die is alleen maar gegroeid. Na de brand heb ik misschien wel driehonderd schilderijen gemaakt."

Driehonderd?

"Ja, maar daar zijn er maar een paar van overgebleven. Af en toe ga ik naar de opslag en dan verwijder ik alles waar ik niet honderd procent tevreden over ben. Soms snijd ik wel dertig schilderijen achter elkaar kapot met een stanleymes. Mijn schilderijen moeten zo goed zijn dat ze onsterfelijk zijn."

Zou u gelet op uw scheppingsdrang zelf ook onsterfelijk willen zijn?

"Ik moet er niet aan denken. Op een dag moet het gewoon afgelopen zijn. Nu liever nog niet, want ik moet nog steeds het ultieme schilderij maken. Bang voor de dood ben ik niet, al hoop ik wel dat ik op een dag gewoon niet meer wakker word. Wat me ook wel mooi lijkt is om te sterven voor de schildersezel, met de kwasten nog in mijn hand."

Bent u anders gaan schilderen na de brand?

"Nee. En de brand is ook nooit een thema geworden, al denken de mensen dat misschien wel als ze vuur zien op mijn schilderijen."

Bij Armando zit de verf vaak in dikke bloedrode en pikzwarte korsten op zijn doeken. Op enkele recente schilderijen, van bomen en een bos, domineren tere tinten groen. Ze roepen een melancholieke sfeer op. Zoals altijd bij zijn werk voel je dat in de schoonheid van de natuur het kwaad in de kiem aanwezig is. Op een van deze schilderijen, Waldstück, staan de bomen met hun prille groen als soldaten in de houding.

Afgaand op die zachte kleuren lijkt u toch milder geworden.

Op afgemeten toon: "Het woord mild komt niet in mijn woordenboek voor." De thema's in zijn werk zijn al vijftig jaar onveranderd, zegt hij. Ze zijn nog altijd gebaseerd op zijn jeugdherinneringen aan Amersfoort, waar op de heide ¿ de plek waar hij voor de oorlog speelde ¿ een concentratiekamp verscheen. "Ik wil de tragiek voelbaar maken van de mens in een onverschillig landschap. De ene keer is dat met rood en zwart, een andere keer met groen en blauw. De kleuren komen vanzelf, daar zit geen logica achter."

U greep dus ook niet naar groene verf omdat u wist dat deze schilderijen zouden worden getoond tussen de bomen en het groen van Amelisweerd?

"Ik schilder nooit iets specifiek voor een tentoonstelling of in opdracht. Dat kan ik niet eens."

Hoe ontstaat een schilderij bij u?

"Ik heb allemaal beelden in mijn hoofd. Dag en nacht denk ik na over wat ik wil schilderen. Op basis van die beelden maak ik veel voortekeningen en daar blader ik regelmatig doorheen. En dan ineens zie ik iets en weet ik wat ik wil gaan maken. Zo werkt het bij mij. En de kleuren komen dan ook vanzelf, al zijn er natuurlijk wel fases in mijn leven geweest dat rood en zwart domineerden."

Hebt u een favoriete kleur?

"Ik hou erg van rood. Rood is voor mij de kleur van het menselijk leven. Ik heb in de jaren vijftig voor een verffabriek nog eens rode verf moeten ontwerpen, zo mooi vonden ze het rood in mijn schilderijen. Ik zei net dat ik nooit schilder voor exposities, maar daar ga ik misschien toch van afwijken. Dit najaar ben ik zo ontzettend jarig [hij wordt 85, red.]¿ dat ze hier een grote overzichtstentoonstelling willen organiseren. Ik denk erover om dan alleen maar schilderijen te laten zien met rood erin."

Eén van uw belangrijkste rode doeken uit de serie Peinture Criminelle uit de jaren vijftig zal daar ontbreken, omdat het is verbrand.

Armando valt even stil. "Daar zeg je me wat. Dat is nou het enige schilderij waar ik nog verdriet over heb. Ik vind het jammer dat er toen zoveel werken van me zijn verbrand. Maar ik heb er nooit wakker van gelegen. Alleen dat monochrome rode doek, dat vind ik echt spijtig. Het was ook een erg goeie."

Was dat misschien uw ultieme schilderij?

"Nee, want mijn allerbeste werk moet ik nog maken. Daarom wil ik ook zo snel mogelijk terug naar Potsdam. Ik heb geen tijd te verliezen, de dood zit me op de hielen."

Zeven jaar na de brand heeft Armando weer een museum
Morgen opent prinses Beatrix Museum Oud Amelisweerd (MOA). Het is gevestigd in het gerenoveerde achttiende-eeuwse landhuis op het gelijknamige landgoed in Bunnik bij Utrecht. Het museum biedt onderdak aan de collectie van schilder, beeldhouwer, schrijver en dichter Armando (Herman Dirk van Dodeweerd). Die leidt een zwervend bestaan sinds het afbranden van de Amersfoortse Elleboogkerk, zeven jaar geleden. Amersfoort had geen geld voor herbouw van het Armando Museum. De gemeente Utrecht bood daarop het landhuis Oud Amelisweerd aan. Naast de kunst van Armando zijn daar ook historische behangsels te zien, waaronder zeldzaam Chinees behang dat met de schepen van de VOC rond 1750 naar Nederland kwam. Dit najaar wijdt het MOA een overzichtstentoonstelling aan Armando ter gelegenheid van zijn 85ste verjaardag.

Deel dit artikel