Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Onze grootste angst is dat we 's nachts worden opgehaald en uitgezet'

Home

Harriët Salm

De Afghaanse familie Rahimi. Zij zijn een voorbeeld van mensen die dreigen weg te moeten, terwijl actiegroepen protesteren tegen uitzetting naar Afghanistan. © reyer boxem

Landsbelang of vluchtelingenbelang voorop? De eerste formatiepoging liep maandag stuk op deze vraag. Dat betekent dat de Afghaanse familie Rahimi voorlopig uitzetting boven het hoofd blijft hangen.

De Rahimi’s moeten terug naar land van herkomst, vindt de Immigratie- en Na­tu­ra­li­sa­tie­dienst

Lees verder na de advertentie

Het asielzoekerscentrum in het Friese Burgum ligt buiten de dorpskern achter een slagboom te blakeren in de voorjaarszon. Nette, houten gebouwen op rij, in het midden voetballende en hard naar elkaar roepende kinderen op een grasveld. Op de gezinslocatie – tweede gebouw, eerste verdieping – woont de zes leden tellende familie Rahimi. Zes jaar geleden vluchtten ze uit Herat, de tweede stad van Afghanistan, en vroegen na een reis van drie maanden asiel aan in Nederland. Sinds twee jaar wonen ze op deze Friese plek.

De Rahimi’s moeten terug naar land van herkomst, vindt de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). Verschillende rechters bevestigden dit oordeel. Mensenrechtenorganisaties zijn er razend over. Afghanistan is veel te gevaarlijk, daar kan je een gezin met kinderen niet naar terug sturen, stellen zij.

In de formatie voor een nieuw kabinet bleek maandag het vluchtelingenbeleid een breekpunt. GroenLinks en D66 willen een ruimhartiger beleid dan VVD en CDA. Ruimhartiger ook dan het huidige demissionaire kabinet. Dat sloot juist eind vorig jaar, in Europees verband, een deal met Afghanistan over het terugnemen van asielzoekers.

In de piepkleine woonkamer annex keuken zit de familie Rahimi rond een krappe tafel, vader, moeder, oudste dochter Maedeh (21) en haar twee jongere zussen. Alleen de verkouden broer Mohammad (15) neemt plaats op een matras op de grond, zijn rug tegen de muur. Er komt hete thee op tafel, met koekjes. De kinderen spreken goed Nederlands, ze vertalen de woorden van hun ouders.

Vorige week nog werd een beroep op het kinderpardon voor dit gezin afgewezen

Tekst loopt door onder afbeelding

© reyer boxem

Gedwongen uitgezet

Jongste dochter Kosar (12) verwoordt als eerste hun grootste angst: dat ze onverwacht worden opgehaald door de politie en gedwongen worden uitgezet. Want ze zijn, zo goed als, uitgeprocedeerd. De familie heeft de IND niet kunnen overtuigen van de noodzaak om te moeten vluchten, blijkt uit het dikke dossier. Dat de Taliban ze op de hielen zit, wordt niet geloofd. Er is ook geen reden gevonden om te vermoeden dat ze in gevaar zijn als ze teruggestuurd worden. Daarom wonen ze in de gezinslocatie, bedoeld voor asielzoekers met minderjarige kinderen die werken aan hun terugkeer.

Kosar: “We hebben het al meegemaakt dat mensen opeens worden opgehaald. Het is een jaar geleden. Ik werd om half 7 wakker gemaakt door mijn oudste zus. Ze zei: Madine wordt opgehaald. Madine is mijn vriendin. Ik rende in mijn pyama naar buiten. Er was heel veel politie, zwaailichten. In zwarte geblindeerde auto’s werden ze weggevoerd, naar het detentiecentrum in Zeist om teruggestuurd te worden naar Afghanistan.”

De schrik zit er sindsdien goed in. Maedeh (21): “Een maand geleden was het ’s nachts heel koud en hoorde ik onder mijn raam harde geluiden en toen schrok ik ontzettend: nu komen ze ons halen, maar nee, het was een strooiwagen, want het vroor.” Madine’s familie overigens kon toch een nieuwe procedure beginnen en is nog steeds in Nederland, weet Kosar, die weer in contact is met dit vriendinnetje.

De IND geeft geen informatie over individuele gevallen. Maar bevestigt wel dat het voorkomt dat gezinnen met minderjarige kinderen teruggaan naar Afghanistan. Voor elk individu, ook voor de kinderen, wordt individueel bekeken of terugkeren veilig is, zegt de IND-woordvoerster.

Helemáál uitgeprocedeerd zijn de Rahimi’s nog niet, vertelt hun advocaat Jan-Willem de Haan. Hij laat de beschikkingen van de IND zien. Een lange lijst met gemotiveerde afwijzingen, door de IND, door verschillende rechtbanken, door de Raad van State. Vorige week nog werd een beroep op het kinderpardon voor dit gezin afgewezen. Dat pardon is hun laatste strohalm. Maar daarin zit een criterium dat de familie moet hebben meegewerkt aan de voorbereidingen van hun vertrek. Dat hebben ze niet voldoende gedaan, aldus het negatieve oordeel. “Hoe kan je meewerken als je niet terugwilt, als je niet terugkunt?” reageert Maedeh.

Als wij nu terugkomen, zullen de mensen ons hoer noemen

Tekst loopt door onder afbeelding

© reyer boxem

Kan nog maanden duren

Advocaat De Haan heeft inmiddels bezwaar aangetekend tegen deze beslissing. Bij de rechtbank is tegelijkertijd een aanvraag gedaan om dat bezwaar in Nederland te mogen afwachten. Tot daarop een uitspraak komt, zullen ze, naar verwachting van De Haan, niet worden opgepakt. “Dat kan nog wel maanden duren.”

Maedeh is heel bang voor een afwijzing. “Dan moeten we echt terug”, zegt ze. “We moeten nu weer afwachten tot iemand over onze levens beslist.”

Haar moeder Delmira Husseini schudt met haar hoofd. “Zenuwachtig. Moeilijk, moeilijk, ik kan niet eraan denken dat het niet positief is”, zegt ze. Ze wijst met een breed armgebaar naar haar drie dochters van 21, 17 en 12 jaar oud. Zij zitten tegenover haar aan het smalle tafeltje. “Mijn dochters, niet veilig daar”, zegt ze in gebrekkig Nederlands.

Maedeh: “Ik had allang getrouwd moeten zijn als ik in Afghanistan was gebleven, uitgehuwelijkt aan een man die ik niet zelf uitgekozen zou hebben. Een veel oudere man waarschijnlijk. En ik had al een paar kinderen moeten hebben. Maar ik wil liever zoals in Nederland leven, zelf mijn man uitkiezen.”

Haar zusje Sogand vult aan: “Als wij nu terugkomen, zullen de mensen zeggen: waarom zijn die meisjes niet getrouwd. Ze zullen ons hoer noemen. Ze kunnen ook zuur in je gezicht gooien op straat, echt het gebeurt vaak.”

Maedeh neemt het weer over: “Afghanen vinden Nederland en alle andere landen die niet-moslim zijn, geen goed gebied. Daar wonen dus geen goede mensen, zeggen ze. En wij zijn hierheen gevlucht, dat vinden ze helemaal fout.”

Dat de kinderen bij terugkeer niet de door hen gewenste scholing kunnen krijgen en zich beduidend minder vrij in de samenleving zullen kunnen bewegen, ontkent de IND niet, blijkt uit het dossier. Maar ook de rechter oordeelt dat dit onvoldoende grond is voor een verblijfsvergunning.

Wij doen heel erg ons best. Wij willen bij de Nederlandse samenleving horen

Tekst loopt door onder afbeelding

© reyer boxem

Meer gevaren

Er zijn veel meer gevaren in hun land van herkomst, vervolgt de familie. Bomaanslagen in het hele land, die vele doden eisen, geregeld zijn ze in het nieuws, weet moeder Delmira: “Het nieuws laat niet eens alles zien wat daar gebeurt. Er is oorlog.” Kosar: “De Talibanstrijders kwamen naar ons huis en ze duwden mij tegen een hoek in de keuken en sloegen met een geweer mijn tanden kapot. Ik kan nog steeds niet goed eten, geen appel bijten. Ik kan daar toch niet teruggaan.”

Die laatste daad, vertelt nu hun vader, was de reden voor hun vlucht. Een familielid wilde hem al tijden rekruteren als strijder voor de Taliban, mogelijk zelfs als zelfmoordterrorist. “Hij kwam aan huis en zei: het is het juiste om te doen, je komt in de hemel. En mijn familie zou geld krijgen.” Maar hij wilde niet en uiteindelijk probeerden ze hem met geweld over te halen.

Maedeh: “Het was ook een vieze man, hij wilde mij hebben als vrouw.”

Hun grootvader kreeg die avond ook klappen en is daaraan overleden enkele dagen na de inval, vervolgt vader Akbar. Zelf was hij met zijn gezin toen al op de vlucht geslagen. Zonder paspoort, illegaal, staken ze de grens naar Iran over. Na drie maanden kwamen ze in Nederland en vroegen in Ter Apel asiel aan. Dat was in november 2011. Zo lang lopen de verschillende procedures al.

De familie Rahimi kan weldegelijk veilig terugkeren naar Afghanistan, stelt de IND daar tegenover, zo blijkt uit het dossier. De Afghaanse overheid is ook bereid hen weer op te nemen. Hun asielverhaal over problemen met de Taliban wordt ‘niet geloofwaardig’ genoemd. Er is voor hen geen gevaar bij terugkeer, is de overtuiging van de Nederlandse autoriteiten.

De Rahimi’s behoren inmiddels tot de langst wonende gezinnen op het asielzoekerscentrum in Burgum. Maedeh heeft genoeg van het leven in het azc. Zij fietst een uur heen en een uur terug naar ROC Friese Poort in Leeuwarden. Studiefinanciering krijgt ze niet, voor een buskaart is geen geld. Wel won ze vorige maand de prijs voor de beste stage van haar opleiding. Ze doet nu mee aan de landelijke verkiezingen voor de meest uitmuntende stagiair van Nederland. Maedeh: “Wij doen heel erg ons best. Wij willen bij de Nederlandse samenleving horen. Wij kennen de taal, we hebben geen hulp nodig, we gaan naar een Nederlandse school.”

De 15-jarige Mahammad, de enige zoon in dit gezin, mengt zich niet erg in het gesprek, hij voelt zich een beetje ziek vandaag. Hij wil graag profvoetballer worden, vertelt hij wel. Op de vraag of hij niet in Afghanistan zou willen voetballen, is zijn antwoord: “Alsof ze daar gras hebben. Nee, jongens van mijn leeftijd moeten werken, of vechten. Ik wil daar echt niet heen.”

De Nederlandse overheid brengt de deal in de praktijk en zet nu mensen, onder wie kinderen, gedwongen uit naar Afghanistan

Tekst loopt door onder afbeelding

© reyer boxem

Is Afghanistan te gevaarlijk voor kinderen?

Stop met het uitzetten van kinderen en andere kwetsbare groepen naar Afghanistan, stelden onlangs acht kinder- en mensenrechtenorganisaties in een gezamenlijke noodoproep. Sinds de terugtrekking van internationale troepen uit dat land eind 2014 is de veiligheidssituatie zo sterk verslechterd dat het er voor kinderen te gevaarlijk is, vinden zij.

De Nederlandse regering erkent dat het niet goed gaat in Afghanistan. Maar dat betekent niet dat er geen migranten naar het land teruggestuurd kunnen worden, meldde staatssecretaris Klaas Dijkhoff (justitie, VVD) onlangs nog aan de Tweede Kamer. Voor iedere afgewezen asielzoeker wordt individueel bekeken of er gevaar is bij terugkeer. Zoniet, dan volgt uitwijzing. Als we mensen die geen bescherming nodig hebben niet terug zouden laten keren dan draagt dat bij aan illegale migratie en mensensmokkel, vreest Dijkhoff. Daarnaast noemt hij een effectief terugkeerbeleid een belangrijke voorwaarde voor het vinden van draagvlak voor het Nederlands asielbeleid. Amnesty International, een van de ondertekenaars van de noodoproep, ziet dat anders. Onderzoeker Horia Mosadi: “Delen van het land die eerder veilig waren, zijn nu niet meer veilig. Het aantal kinderen onder de slachtoffers is sterk toegenomen.”

De Europese Unie sloot in oktober vorig jaar een akkoord met Afghanistan – onder de naam Joint Way Forward - over onder meer het terugnemen van migranten. In Europa wonen tienduizenden Afghaanse migranten zonder geldige verblijfspapieren. De Afghanen nemen hen nu terug. Tegelijk krijgen ze financiële steun uit Europa.

Juriste Martine Goeman van Defense for Children: “De Nederlandse overheid brengt de deal in de praktijk en zet nu mensen, onder wie kinderen, gedwongen uit naar Afghanistan. De Nederlandse overheid neemt daarmee onaanvaardbare risico’s.”



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
De Rahimi’s moeten terug naar land van herkomst, vindt de Immigratie- en Na­tu­ra­li­sa­tie­dienst

Vorige week nog werd een beroep op het kinderpardon voor dit gezin afgewezen

Als wij nu terugkomen, zullen de mensen ons hoer noemen

Wij doen heel erg ons best. Wij willen bij de Nederlandse samenleving horen

De Nederlandse overheid brengt de deal in de praktijk en zet nu mensen, onder wie kinderen, gedwongen uit naar Afghanistan