Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'O, leuk, een zwart iemand'

home

Henk Steenhuis

Ilrish Kensenhuis (voor) en Marli Huijer. Kensenhuis: 'Wij voeden niet op tot witte mensen', zei mijn vader, 'en ook niet tot zwarte mensen, wij maken er geen Hollandse kinderen van of Surinaamse kinderen. Wij voeden onze kinderen op tot burgers, wereldburgers.' © Maartje Geels

Theatermaakster Ilrish Kensenhuis is zwart, vrouw en Surinaams. "Ik moet over dat vooroordeel heen zien te komen. Ik moet fysiek iets doen, waardoor die mensen denken: 'Oh leuk, een zwart iemand'. Welke kansen bieden vooroordelen om met elkaar in gesprek te komen? Kensenhuis ontmoet denker des Vaderlands Marli Huijer.

Afstand maakt het volgens Žižek mogelijk om gewoontes of omgangsvormen te ontwikkelen om binnen de vervreemding toch met elkaar samen te leven

Twee weken geleden interviewde denker des Vaderlands Marli Huijer de internationaal befaamde Sloveense filosoof Slavoj Žižek. De ontmoeting tussen de denkers verliep opmerkelijk.

Huijer: "Toen Žižek mij zag zei hij: 'Ik hoop dat je geen feminist bent, want ik ben een Male Chauvinist Pig'. Daar zit je als interviewer, je weet dat je 45 minuten met deze meneer moet praten. In een flits dacht ik: dan maar judo. Ik antwoordde: 'Dat komt goed uit, want ik ben een feminist bitch'."

Vervolgens sprak Žižek in de Amsterdamse Westerkerk uitgebreid over multiculturalisme. Žižek zei dat multiculturalisme heel goed samengaat met kapitalisme - iets wat hij als marxistisch denker verfoeit. Het kapitalisme handelt volgens Žižek vanuit een universele, 'cultureel lege positie'. Het multiculturalisme is de perfecte dekmantel om vanuit dit lege standpunt de verschillende culturen van eigen producten te voorzien.

Huijer probeerde zich voor te stellen wat Žižek daarmee kon bedoelen. "Ik zag een supermarkt voor me met allerlei schappen: wc-papier, koffie. Dat zijn spullen die iedereen nodig heeft, dat is de universeel lege positie - als je goed kijkt, blijkt dat de westerse positie. Maar dan zijn er ook plankjes met Marokkaanse, Turkse, Indonesische of halal-producten, zodat de 'andere culturen' ook eigen spullen kunnen kopen."

Žižek, afkomstig uit voormalig Joegoslavië, betoogde die avond dat de verschillende culturen afstand ten opzichte van elkaar moeten houden. "Die afstand", zegt Huijer, "maakt het volgens Žižek mogelijk om gewoontes of omgangsvormen te ontwikkelen om binnen de vervreemding toch met elkaar samen te leven. Ik vraag me af of het een goede strategie is om in termen van de ander te denken, om dat wat ons onderscheidt als het andere met een hoofdletter (Ander) op afstand te plaatsen."

Enge Marokkaan
De dagen na het gesprek liep Huijer na te denken hoe we dan met stereotyperingen moeten omgaan. Ze dacht daarbij aan examens die ze nog niet zo lang geleden afnam aan De Haagse Hogeschool.

Dat deed zij samen met de zwarte theatermaakster en docent Ilrish Kensenhuis. Op een gegeven moment hield een jongen van Marokkaanse afkomst een presentatie, een mooie jongen, die nogal streng overkwam. Kensenhuis zei tegen de jongen: "Abdel, luister. Ik wil je vragen of jij je bewust bent van de manier waarop je presentatie over kan komen bij de luisteraar. Je komt nogal streng over, lacht weinig. Jij hebt bovendien zware wenkbrauwen. Die wenkbrauwen passen bij je etniciteit. Je moet je alleen realiseren dat als jij hier in Nederland ergens binnenkomt, mensen vooral die wenkbrauwen zien. En denken: 'Oh, jeetje. Een enge Marokkaan'. Maar je hebt prachtige tanden. Dus? Jij moet lachen!"

Lees verder na de advertentie
De filosoof Slavoj Zizek. © Flickr/Andy Miah
Ik moet over dat vooroordeel heen zien te komen. Ik moet fysiek iets doen

Nu zitten Kensenhuis en Huijer tegen over elkaar. Niet om vooroordelen op de spits te drijven, maar om onze houding ertegenover te bepalen.

Huijer: "Ilrish, bij die presentatie in Den Haag benoemde jij expliciet de vooroordelen. Het maakte me nieuwsgierig, waarom deed je dat?"

Iets spritueels
Kensenhuis: "Ik ben zwart. Als ik ergens binnenkom, hebben mensen ook allemaal vooroordelen. Ze zien een zwarte vrouw met zwart opgestoken haar en een haarband. Onmiddellijk gaat er iets door hun hoofd: zwart, band in haar haar, is dat iets spiritueels, hoort dat bij haar afkomst?

"Ik moet over dat vooroordeel heen zien te komen. Ik moet fysiek iets doen, waardoor die mensen denken: 'Oh leuk, een zwart iemand'. Ik legde deze jongen uit, dat hij zijn eigen culturele achtergrond heeft en zich moet realiseren dat als hij hier in Nederland ergens binnenkomt, de aanwezigen alleen die wenkbrauwen zien. En denken: 'Oh, jeetje een enge Marokkaan.'"

Huijer: "Na afloop van dat examen realiseerde ik me hoe belangrijk het voor een echt gesprek is vooroordelen op tafel te leggen. Ga bij jezelf na wat bij een ander angst oproept, of wat een ander in de war brengt. Als je je daarvan bewust wordt, kun je leren spelen met vooroordelen. Maar, zo vraag ik me nu af na het gesprek met Žižek: pas jij je op deze manier niet aan de dominante, witte cultuur met al haar vooroordelen aan?"

Kensenhuis: "Misschien. Maar de inzet is totaal anders dan bij Žižek. Jij vertelt dat hij de afstand tussen de verschillende culturen wil bewaren. Met welk doel, vraag ik me dan af. Is er niet al genoeg afstand? Als theatermaker werk ik met mensen van heel verschillende pluimage, die ook allemaal met vooroordelen te maken hebben. Ik denk dat het voor hen belangrijk is te weten te komen wat die afstand creëert, zodat ze daarmee aan het werk kunnen, niet omdat ze daarmee de afstand willen benadrukken maar overbruggen. Je zou dit toegeven kunnen noemen aan de dominante cultuur. Ik zie het eerder als het herwinnen van controle. En nadat die controle herwonnen is kunnen we praten, en nader tot elkaar komen."

Als mensen mij zien, denken ze onmiddellijk: die spreekt waarschijnlijk geen goed Nederlands

Hokjes denken
Huijer: "Dat herken ik wel. Als ik in gezelschap de enige ben die er anders uitziet, vraag ik me onmiddellijk af welke vooroordelen mensen over mij hebben. Laatst zei een Marokkaans-Nederlandse vrouw met wie ik langere tijd aan tafel zat dat ze had verwacht had dat ik in hokjes zou denken, maar nu we zo uitgebreid in gesprek waren bleek het omgekeerde het geval. Het gevoel dat de ander je een hokjesgeest toedicht, maakt het moeilijk om toenadering te zoeken. Wat jij vertelt over die student heeft mij leren inzien dat je voor jezelf moet bedenken hoe anderen jou graag zouden zien, of verwachten te zien. Hoe kan ikzelf een rol spelen in dat verwachtingspatroon?"

Kensenhuis: "Ik heb altijd te maken gehad met dat verwachtingspatroon. Om nog even terug te komen op je eerste vraag: nee, ik denk toch niet dat het bespreekbaar maken van vooroordelen toegeven is aan de dominante cultuur. Ik heb dit namelijk mijn leven lang moeten doen, naar de witte cultuur én naar de zwarte cultuur."

"Ik kom uit IJsselstein. Mijn ouders zijn beiden Surinaams. Het eerste vooroordeel: toen het haar ouders halverwege de jaren zeventig in Suriname te heet onder de voeten werd, zijn ze hier vast lekker hun Nederlandse paspoort komen ophalen. Nee, mijn ouders hebben elkaar hier ontmoet, zijn in Nederland op elkaar verliefd geworden. Mijn moeder vond het hier helemaal niet leuk, wilde naar Suriname, maar toen stuitte ze op mijn vader, trouwde en kreeg vier kinderen.

"Mijn ouders hebben allebei altijd gewerkt. Voor Surinamers is het dan gewoon dat je door familie wordt opgevoed. Dat is bij ons niet gebeurd. Op de dag dat wij de flat in IJsselstein introkken, kwam er een oudere dame op mijn ouders af. 'Hebben jullie kinderen?' vroeg zij, nadat ze zich had voorgesteld. 'Ja, één', antwoordde mijn vader - zij hadden toen alleen nog maar mijn oudste broer. 'Ik heb geen kinderen', zei de vrouw, 'maar vanaf vandaag zijn jullie mijn kinderen.' Hm, dachten mijn ouders, als die vrouw dat zo zegt, is dat misschien wel waar."

Vreemd
Kensenhuis vervolgt: "Wij zijn alle vier opgevoed door 'oma', geen Surinaamse maar een witte, joodse vrouw. Zij reed op haar scootmobiel door IJsselstein, en wij achter haar aan. En de mensen maar kijken. Witte mensen én zwarte mensen. Het tweede vooroordeel: mijn ouders kregen van familie te horen: jullie laten je kind opvoeden door een witte vrouw? Dat kan toch nooit goed gaan?

"Als mensen mij zien, denken ze onmiddellijk: die spreekt waarschijnlijk geen goed Nederlands. Dat is het derde vooroordeel. Wij spraken altijd Nederlands, met oma, en met mijn ouders. Natuurlijk, als mijn moeder mij in een boze bui uitfoeterde in het Surinaams begreep ik echt wel wat ze bedoelde. Dat wij Nederlands spraken werd vreemd gevonden, door wit én zwart.

"'Wij voeden niet op tot witte mensen', zei mijn vader, 'en ook niet tot zwarte mensen, wij maken er geen Hollandse kinderen van of Surinaamse kinderen. Wij voeden onze kinderen op tot burgers, wereldburgers'."

Morgen in Trouw - De Verdieping het slot van dit tweeluik.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie
Afstand maakt het volgens Žižek mogelijk om gewoontes of omgangsvormen te ontwikkelen om binnen de vervreemding toch met elkaar samen te leven

Ik moet over dat vooroordeel heen zien te komen. Ik moet fysiek iets doen

Als mensen mij zien, denken ze onmiddellijk: die spreekt waarschijnlijk geen goed Nederlands

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.